Nocturne (gebed)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een nocturne of nachtwake is een onderdeel van het getijdengebed. Nocturnes komen voor in de metten in het katholieke getijdengebed en in het dodenofficie.

De samenstelling van de nocturne zelf en het aantal nocturnes die in een bepaald getijde voorkomen is variabel en afhankelijk van het diocees waarvoor het getijdengebed werd opgesteld, van het type getijdengebed: brevier of getijdenboek, van het type feestdag dat wordt gevierd en uiteraard van het tijdperk waaruit het gebed stamt. Het aantal nocturnes dat gebeden wordt is ook afhankelijk van de weekdag.

In de Tridentijnse ritus (paus Pius V in 1570) was er voor het getijdengebed voor de geestelijken (brevier) op gewone weekdagen één nocturne met 12 psalmen en 3 lezingen, op gewone zaterdagen was dit 1 nocturne met 9 psalmen en 3 lezingen en op gewone zondagen waren er 3 nocturnes met 12 psalmen in de eerste en 3 psalmen in de tweede en de derde, telkens gevolgd door 3 lezingen. Voor feestdagen was de samenstelling afhankelijk van de rang van de feestdag.[1] Voor 1570 kon elk diocees de samenstelling maken naar eigen goeddunken.

Het merendeel van de feestdagen had 3 nocturnes met telkens 3 psalmen en 3 lezingen. Voor meer details hierover kan men terecht op de websites Divinum Officium en CHD Center for Håndskriftstudier i Danmark-Tutorial.

In het dodenofficie waren er in de metten drie nocturnes met elk drie psalmen en drie lezingen.

Er is geen verband met het muzikale genre van de nocturne, een dromerig pianostuk in langzaam tempo,

Nocturne in de betekenis van nachtelijke activiteit, zoals een museumnocturne, is hier wel van afgeleid.