Ringleiding

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een ringleiding zorgt ervoor dat slechthorenden met een hoortoestel het geluid van televisie, radio of het geluid in bijvoorbeeld een concertzaal of kerkgebouw kunnen beluisteren zonder storend omgevingsgeluid. Een luisteraar met een hoortoestel of cochleair implantaat kan gebruik maken van de ringleiding door het toestel op de T-stand te zetten.

Het geluidssignaal wordt aangesloten op een ringleidingversterker. Deze versterker zendt het geluidssignaal door een draad (de ring) die in lussen langs plint of plafond is aangelegd. Door middel van inductie ontvangt het hoortoestel het signaal uit de ringleiding.

Vaak vindt men bij de toegangsdeur van een zaal het bordje "Ringleiding aanwezig".

Een mogelijk bezwaar van het ringleidingsysteem is dat het alleen mono geluidsweergave mogelijk maakt. Via een radiofrequente FM-verbinding kan er ook stereo ontvangen worden.

Andere toepassingen[bewerken]

Het systeem wordt ook in lawaaierige omgevingen gebruikt om rondleidingen te kunnen geven waarbij de rondleider spreekt en de rest luistert. Ook in klassikale omgevingen en college- of vergaderzalen wordt het wel gebruikt.

Een ringleiding voor particulier gebruik is ook mogelijk. Deze wordt in een woonkamer aangelegd en aangesloten op een radio- of televisietoestel. Soms legt men de ring alleen om de stoel waarin de slechthorende luisteraar zit, zodat er maar een gering vermogen nodig is.