Tweewaardige logica

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Tweewaardige logica is dat deel van de propositielogica, waar men proposities bestudeert waarvan men onderstelt, dat ze slechts twee waarheidswaarden kunnen hebben; namelijk waar of onwaar (vals).

Algemeen[bewerken | brontekst bewerken]

De tweewaardige logica staat tegenover de meerwaardige logica (of niet-tweewaardige logica) en is ook ontwikkeld vanuit het idee om de wiskundige strengheid in de logica toe te passen. Deze omwenteling is begin 20e eeuw vooral gerealiseerd door het werk van Russel en Whitehead. Deze vorm is men in de wiskunde gaan gebruiken omdat het eenvoudig van vorm is en geen gevoelsschakeringen meer bevat van de antieke niet-tweewaardige logica.

In de literatuur wordt gesproken van meerdere vormen van tweewaardige logica. Zo sprak Robert Feys vijftig jaar terug van de geformaliseerde tweewaardige logica. Tegenwoordig spreekt men wel van de klassieke tweewaardige logica.

Vertegenwoordigers[bewerken | brontekst bewerken]

Enige vertegenwoordigers van de tweewaardige logica:

Bronnen[bewerken | brontekst bewerken]

  • R. Feys, De geformaliseerde tweewaardige logica, in: De ontwikkeling van het logisch denken, Standaard-boekhandel, 1949, p.91-150.

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]

Externe link[bewerken | brontekst bewerken]

  • Een voorbeeld van tweewaardige logica in de praktijk.