Veenwijk

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Veenwijk
Veenwijk (2010)
Locatie
Locatie Tjeerd Roslaan, Baarn
Coördinaten 52° 56′ NB, 5° 58′ OL
Status en tijdlijn
Oorspr. functie woning
Opening 1901
Architectuur
Bouwstijl Jugendstil
Erkenning
Monumentstatus Rijksmonument
Monumentnummer 510467
Detailkaart
Veenwijk (Oudeschoot)
Veenwijk
Portaal  Portaalicoon   Civiele techniek en bouwkunde

Veenwijk is een rijksmonument aan de Tjeerd Roslaan in Oudeschoot. Het werd rond 1763 gebouwd voor Fokke Bienema en zijn vrouw Tetsje Epkes Roos. Fokke Bienema was apotheker aan de Lindegracht in Heerenveen en werd rijk als veenbaas (1728 - 1773).

Hun zoon Epke Roos van Bienema (1767-1810) en dens vrouw Suzanna Bergsma uit Dantumawoude lieten Veenwijk in 1798 vergroten en verhogen. Achter het gebouw werd een heuvel opgeworpen, het Woutersbergje dat een prachtig uitzicht bood op de omgeving. Verder liet hij tussen 1807 en 1810 in het bos een grafkelder voor de familie bouwen.

Een deel van het interieur is bewaard gebleven: een diorama en muurdecoraties (eentje met jachtattributen en een met tekens van de Vrijmetselarij er op). Van de buitenzijde van dit gebouw zijn geen afbeeldingen.

Door erfenis kwam het in eigendom van Tjalling Menno Watse Baron van Asbeck (1795 - 1855), die in 1818 trouwde met Elbrig van Bienema (1796 - 1866). Een latere Epke Roos fan Bienema (1811-1901), de eigenaar van Herema State aan de weg tussen Heerenveen en Oudeschoot verkocht het rond 1847 publiek aan Jan Berends Wouters (1795-1873) die daarvoor nog op Jagtlust woonde.

Plafondschildering

Zijn dochter Julia Anna Margaretha (1829-1892) liet een nieuw Veenwijk bouwen. Haar vader Jan Wouters had bij testament bepaald dat iendien er geen nazaten meer zouden zijn, het gebouw niet tot fabriek mocht worden gemaakt om daar de armen van Oudeschoot te werk te stellen. Doordat Julia er in ging wonen verviel deze bepaling. Zij liet op haar beurt vastleggen dat na haar dood alle kapitaal aangewend diende te worden voor "ongehuwde behoeftige dames uit den fatsoenlijken en beschaafde stand".

Deze stichting liet Veenwijk afbreken om op de fundamenten het huidige Veenwijk te bouwen in 1901. Het gebouw werd in jugendstil opgetrokken in baksteen met sier- en kordonbanden. In 1902 wearden de eerste bewoonsters opgenomen. In 1927 werd er nog een westelijke vleugel aangebouwd.