Yaksha

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Mathura Yakṣa, 1ste-2de eeuw na Chr.

Yakṣa (Sanskriet) or Yakkha (Pali) is de naam van een grote klasse van natuurgeesten of kleinere godheden die voorkomen in hindoeïstische en boeddhistische mythologie.

De vrouwelijke vorm van het woord is yakṣī (Pali: yakkhī of yakkhinī).

De afschrikwekkend ogende tempelwachters, eigenlijk yaksha's, waarvan men her en der in Thailand de meestal reusachtige beelden aantreft, worden in alledaags Thais eenvoudig yak genoemd en vormen voor wie in dat land opgroeide de voor de hand liggende allemansidee van reuzen. De 34e medeklinker van het Thais alfabet 'ย', de eerste letter van dat Thais woord voor 'reus', wordt op de lagere scholen luidop uitgespeld 'ย ยักษ์' (yo yak), zoals men in het Nederlands leert schrijven 'de a van aap, de b van bed'. In het Thais blijft diezelfde associatie ook op latere leeftijd gebruikelijk om uit te spellen; in het Nederlands gaat men dan veeleer over naar 'A van Anna, B van Bernard' of een dergelijk spelalfabet.

Met betrekking tot de yakṣī figuren die werden uitgehouwen op de vier tórana, poorten[1], te Sanchi, merkt Charles Allen[2] op dat deze figuur stamt uit het Vaisnavisme, een hindu-denominatie met de god Vishnu als centrale figuur. Daar heten ze de sala-bhàndjika yakṣī. In die religie betekent de term sala-bhàndjika yakṣī "takkenbreker". Ze breekt (symbolisch)een tak van de sal-boom[3] en symboliseert daarmee het snoeien, waarmee de groei en vermeerderding wordt bevorderd.

Zie ook[bewerken]