Centimeter

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Grotere en kleinere eenheden
Fac-
tor
Naam Sym-
bool
10-15 femtometer of fermi fm
10-12 picometer pm
10-10 ångström Å
10-9 nanometer nm
10-6 micrometer of micron µm
10-3 millimeter mm
10-2 centimeter cm
10-1 decimeter dm
100 meter m
101 decameter dam
102 hectometer hm
103 kilometer km
106 megameter Mm
109 gigameter Gm
1012 terameter Tm
1 centimeter

Een centimeter (cm) is een lengte van 0,01 meter = 10 mm.

Centi is een verouderd prefix (voorvoegsel) voor "een honderdste", en komt niet (meer) voor in het SI-stelsel. Toch wordt de cm, vooral in het dagelijks leven, nog veel gebruikt. Centi komt van het Latijnse woord 'centum', honderd.

De centimeter is de gebruikelijke eenheid voor het meten in huiselijke omstandigheden, bijvoorbeeld lichaamslengte, afmetingen van meubels, kleding enzovoort. In technische tekeningen wordt liever de millimeter gebruikt.

Condensatoren[bewerken]

Vroeger werd de capaciteit van condensatoren wel in centimeters uitgedrukt. Dat is niet zo verwonderlijk: deze is voornamelijk van de geometrie van de condensator afhankelijk: het plaatoppervlak gedeeld door de afstand, met een dimensieloze factor, de diëlektrische constante εr, voor het diëlektricum. 1 cm ≈ 0,885 419 pF.

De gebruikelijke voorvoegsels worden in dit geval achterwege gelaten; zo kan men een condensator van 10 000 cm aantreffen (niet 100 m). Een dergelijke condensator bestaat bijvoorbeeld uit twee platen van een m2 op een onderlinge afstand van 1 cm, of, praktischer, twee platen van 1 cm2 op een onderlinge afstand van 1 µm.

Meetlint[bewerken]

Een oprolbaar meetlint wordt ook wel een centimeter genoemd. Dat is vergelijkbaar met de micrometer, die zowel een lengte-eenheid als een meetinstrument is, hoewel dit meetinstrument niet zo nauwkeurig is als de naam doet vermoeden.