Eosinofiele oesofagitis

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Esculaap     Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.
Eosinofiele oesofagitis
Infiltratie van het slokdarmslijmvlies met eosinofiele granulocyten
Infiltratie van het slokdarmslijmvlies met eosinofiele granulocyten
Coderingen
ICD-10 K20
ICD-9 530.1, 530.10
DiseasesDB 9182
MedlinePlus 001153
Portaal  Portaalicoon   Geneeskunde

Eosinofiele oesofagitis is de naam van een chronische ontstekingsziekte van de slokdarm. De aandoening heet zo omdat de wand van de slokdarm (oesofagus) bij patiënten met deze ziekte is geïnfiltreerd door eosinofiele granulocyten. Dat zijn bloedcellen die betrokken zijn bij ontstekingsreacties, onder andere bij de afweer tegen parasitaire ontstekingen en bij allergieën.

Voorkomen[bewerken]

De aandoening komt voor bij kinderen en volwassenen. Tot enkele jaren geleden werd ze niet goed herkend en dacht men dat het een heel zeldzame ziekte was. Recente gegevens wijzen erop dat het aantal gevallen van de ziekte snel toeneemt en dat de ziekte helemaal niet zo zeldzaam is[1]. Vooral kinderen en mannen in de leeftijd tussen 20 en 40 jaar worden getroffen, maar de ziekte kan op iedere leeftijd voorkomen.

Klachten en onderzoek[bewerken]

Ringvormige vernauwingen van de slokdarm, zoals gezien met de endoscoop

Volwassenen met de ziekte hebben vaak last van brandend maagzuur of slikklachten. Het eten zakt niet goed (dysfagie) en kan zelfs vast blijven zitten in de slokdarm (voedselimpactie). Als er eten in de slokdarm vast blijft zitten dient dit soms met een camera verwijderd te worden. Bij mensen met klachten van het slecht zakken van voedsel kan met een endoscoop de binnenkant van de slokdarm bekeken worden (endoscopie) om de oorzaak van de klachten vast te stellen. Bij patiënten met eosinofiele oesofagitis wordt vaak vastgesteld dat de slokdarm vernauwd is, en dikwijls zijn er ook een soort ringen te zien en een bleek en kwetsbaar slijmvlies. Daarnaast kunnen er eosinofiele microabcesjes worden gezien, longitudinale strepen door de slokdarm, kwetsbaar slijmvlies en vernauwingen. Soms zijn de vernauwingen zo ernstig dat deze opgerekt moeten worden met een staaf of ballon. Om de diagnose eosinofiele oesofagitis te stellen worden tijdens de endoscopie weefselhapjes genomen en deze dienen onder de microscoop te worden bekeken. Dit is de enige manier om de aanwezigheid van de ziekte vast te stellen. Onder de microscoop worden dan veel eosinofiele granulocyten gezien, dit zijn bloedcellen die veelal betrokken zijn bij allergische reacties in het lichaam.

Oorzaken[bewerken]

De oorzaak van de ziekte is nog niet duidelijk. Het lijkt erop dat veel mensen met de aandoening allergisch zijn voor bepaalde voedselbestanddelen en mogelijk ook voor pollen. Sommige diëten lijken daarom te werken bij de ziekte, maar omdat het niet te voorspellen is waarvoor de patiënt allergisch is, dienen zogenaamde exclusiedieten zeer uitgebreid te zijn waardoor het zeer lastig is om de ziekte met een dieet te behandelen[2]. In het Academisch Medisch Centrum te Amsterdam wordt onderzocht wat de rol is van voedselallergieën bij deze aandoening. Daarnaast is er mogelijk een relatie met de refluxziekte. Het is ook mogelijk dat allergie voor pollen van invloed is bij de ziekte. Amerikaans onderzoek heeft laten zien dat er ook een erfelijke factor een rol speelt bij het ontstaan van eosinofiele oesofagitis.

Behandeling[bewerken]

De behandelmogelijkheden zijn beperkt tot het vermijden van voedselbestanddelen waarvoor de patiënt allergisch is en medicijnen die de ontstekingsreactie remmen[3]. Zuurremmende medicijnen zoals protonpompremmers (protonpumpinhibitors: PPI) werken bij een deel van de patiënten. Van de patiënten die reageren op PPIs wordt ook wel gezegd dat ze "PPI-responsive oesophageal eosinophilia" hebben. Dit wordt door sommige artsen beschouwd als een andere ziekte dan eosinofiele oesofagitis. Indien de slokdarm ernstig vernauwd is geraakt kan deze worden opgerekt door middel van een ballon of een staafje[4]. Het nadeel van deze behandeling is dat er een risico bestaat dat de slokdarm gaat bloeden of scheuren door het oprekken. Er wordt onderzoek gedaan naar nieuwe en betere behandelmogelijkheden.

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Van Rhijn BD, Verheij J, Smout AJPM, Bredenoord AJ. Rapidly increasing incidence of eosinophilic esophagitis in a large cohort. Neurogastroenterol Motil 2013
  2. Vashi R, Hirano I. Diet therapy for eosinophilic esophagitis: when, why and how. Curr Opin Gastroenterol. 2013
  3. Van Rhijn BD, Smout AJPM, Bredenoord AJ. Eosinofiele oesofagitis: een vaak gemiste oorzaak van dysfagie. Ned Tijdschr Geneeskd. 2012;156(23):A4716
  4. Dellon ES, Gibbs WB, Rubinas TC, Fritchie KJ, Madanick RD, Woosley JT, Shaheen NJ. Esophageal dilation in eosinophilic esophagitis: safety and predictors of clinical response and complications. Gastrointest Endosc. 2010 Apr;71(4):706-12