Jean-Charles Snoy et d'Oppuers

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Jean-Baptiste Charles Idesbalde Julien Marie Ghislain Snoy et d'Oppuers (Ophain-Bois-Seigneur-Isaac, 2 juli 1907 - Eigenbrakel, 17 mei 1991) was een Belgisch ambtenaar en politicus voor de PSC.

Familie[bewerken]

In 1633 werd aan Philippe Snoy de eerste adellijke titel binnen deze familie toegekend. Baron Philippe Snoy d'Oppuers (1744-1825), burgemeester van Mechelen, bekwam in 1816 en 1822 onder het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden adelsbevestiging met de titel van baron voor alle nakomelingen. Alle familieleden dragen officieel de naam Snoy et d'Oppuers, die echter alleen door het familiehoofd gewoonlijk wordt gebruikt, de andere leden houden het bij 'Snoy'. Hij trouwde met Marie-Alexis van der Gracht (1752-1832). Dit had voor gevolg dat onder de afstammelingen velen de voornaam Idesbald als eerste of volgende voornaam kregen, in verering voor de zalige Idesbaldus van der Gracht.

De Snoys waren oorspronkelijk afkomstig uit Mechelen, waar verschillende leden hoge ambten bekleedden bij de Grote Raad of andere instellingen. De zoon van Philippe Snoy, senator Idesbalde Snoy (1777-1840) trouwde met Joséphine Cornet de Grez (1785-1839) die eigendommen van haar familie inbracht, meer bepaald het kasteel en domein van Bois-Seigneur-Isaac. Sindsdien nam de oudste tak van de familie dit kasteelgoed in Waals-Brabant als zijn familiecentrum.

Jean-Charles Snoy was de achterkleinzoon van de gemelde Idesbald. Hij was de zoon van Thierry Snoy et d'Oppuers (1862-1930), senator en burgemeester van Ophain-Bois-Seigneur-Isaac en van die zijn tweede echtgenote Marie-Claire de Beughem de Houtem (1879-1946). Hij trouwde in 1935 met gravin Nathalie d'Alcantara (1914-2007) en ze hadden zeven kinderen onder wie Thérèse Snoy, secretaris-generaal van de Bond Beter Leefmilieu Wallonië (Interenvironnement Wallonie), parlementslid voor Ecolo en Bernard Snoy, voorzitter van de Vereniging van de adel van het koninkrijk België (VAKB).

Studies[bewerken]

Snoy volbracht zijn middelbare studies in het Collège Saint-Pierre in Ukkel. Hij volbracht zijn universitaire studies aan de Katholieke Universiteit Leuven. Hij behaalde er de volgende diploma's:

  • doctor in de rechten
  • doctor in thomistische filosofie
  • doctor in politieke en diplomatieke wetenschappen

Hij vervolgde met studies economie aan Harvard University, waar hij een doctoraatsthesis in de economische wetenschappen verdedigde over het onderwerp van de Amerikaanse douanepolitiek.

Ambtelijke carrière[bewerken]

In 1931 werd hij stagiair op de juridische dienst van de Société Belge de Banque. Van 1932 tot 1934 werkte hij bij de Comptoir Diamantaire Anversois. Hij was tegelijk secretaris van oud-minister Albert-Edoaud Janssen. Vanaf 1934 was hij kabinetslid bij minister van economische zaken Philip Van Isacker.

In 1936 werd hij benoemd tot directeur Economische Verdragen en Onderhandelingen in het ministerie van Economische Zaken, in 1938 tot hoofd van de Studiedienst en in 1939, hij was toen 32, tot secretaris-generaal van het departement Economische Zaken.

Tijdens de Meidagen 1940 volgde hij de regering naar Frankrijk, die hem in juli naar België terugstuurde. In augustus werd hij door de Duitse overheid uit zijn ambt ontzet en vervangen door Victor Leemans.

Verzet[bewerken]

Vanaf augustus 1940 organiseerde hij, met andere opzij gezette ambtenaren, een 'Groupement d'études économiques', met als doel clandestiene economische studies te coördineren, die de na-oorlogse tijd voorbereidden. Via het Comité Gilles of het Comité Tournay werden deze studies op microfilm naar Londen gestuurd door bemiddeling van netwerken zoals Zéro of Clarence.

Na de oorlog[bewerken]

In september 1944 hernam hij zijn ambt van secretaris-generaal, ditmaal aan het hoofd van het departement Economische zaken.

Hij speelde een belangrijke rol in de naoorlogse economische ontwikkelingen, ook op internationaal vlak. Zo was hij betrokken bij de uitwerking van het Marshall-plan. Hij was voorzitter van de Raad voor Economische Unie binnen de Benelux (1946-1959) en in de Organisatie voor Europese Economische Samenwerking was hij voorzitter van de Raad (1948-1950) en van het Directiecomité voor de Handel (1952-1961).

Hij voerde de Belgische delegatie aan bij de intergouvernementele conferenties over het oprichten van de Europese Gemeenschappelijke Markt (Europese Unie) en Euratom. Hij was één van de onderhandelaars bij de besprekingen die leidden tot het Verdrag van Rome. Op 27 maart 1957 ondertekende hij, samen met minister van Buitenlandse zaken Paul-Henri Spaak, dit verdrag namens België.

Hij bleef in deze functie tot in 1959. Hij was toen 52 en verliet de administratie.

Privé en politiek[bewerken]

Na zijn ontslag uit de administratie, werd Snoy bestuurder bij de Groep Lambert en bij venootschappen van die groep. Na enkele jaren werd hij aangezocht voor politieke functies en begon toen aan een tweede publieke loopbaan, als volgt:

Na 1972 keerde hij naar de privésector terug. Hij bleef niettemin actief lid van het Studiecentrum voor Politieke Hervormingen (Centrum Omer Vanaudenhove), later het Centrum R. Houben, en volgde de diverse fasen van de staatshervorming op de voet.

In 1983 werd hem de titel van graaf verleend. Hetzelfde jaar ontving hij, omwille van zijn verdiensten voor de Europese integratie, de Robert Schumanprijs.

Publicaties[bewerken]

  • Le malaise américain, in: La Pensée catholique, 1931
  • L'aristocratie de demain, Brussel, 1936
  • Profession et organisation de la production, Doornik, 1942
  • Quelques aspects du fonctionnement de la monarchie constitutionnelle, in: Revue Générale de Belgique, 1959
  • Le malaise de la fonction publique, in: Revue Générale de Belgique, 1960
  • Le caractère évolutif des institutions européennes et l'acheminement nécessaire vers la grande Europe, in: Revue de l'Institut belge de sciences politiques, 1961
  • Faut-il des cabinets ministériels, in: Revue Générale de Belgique, 1962
  • La crise de l'Europe, in: Revue Générale de Belgique, 1963
  • La Belgique dans l'Europe économique, in: Revue Générale de Belgique, 1965
  • La consolidation de l'Europe, in: Revue Générale de Belgique, 1966
  • Le Grande-Bretagne et l'Europe, in: Reflets et perspectives de la vie économique, 1968
  • Rebâtir l'Europe. Mémoires. Entretiens avec Jean-Claude Ricquier, Parijs / Louvain -la-Neuve, 1989
  • Benelux "laboratoire" de l'Europe ? Témoignage et réflexions du Comte Jean-Charles Snoy et d'Oppuers, recuillis et édités par Thierry Grosbois, Brussel, 1991.

Bronnen[bewerken]

  • Bernadette DE MEYER & Jos VERHOOGEN, Inventaris van het archief J.-Ch. Snoy et d'Oppuers, 1907-1991, KADOC, Leuven, Reeks inventarissen en repertoria nr. 35

Literatuur[bewerken]

  • Paul VAN MOLLE, Het Belgisch Parlement, 1894-1972, Antwerpen, 1972
  • Th. GROSBOIS, Comte Snoy et d'Oppuers, in: Nouvelle Biographie Nationale, Tome IV, col. 361-365
  • Oscar COOMANS DE BRACHÈNE, État présent de la noblesse belge, Annuaire 1998, Brussel, 1998
  • Marie-Pierre D'UDEKEM D'ACOZ, Voor Koning en Vaderland. De adel in het verzet, Tielt, 2003.

Externe links[bewerken]

Voorganger:
Robert Henrion
Minister van Financiën
1968-1971
Opvolger:
André Vlerick