Jerrycan

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Drie jerrycans van elk 20 liter inhoud
VW Kübelwagen, met op het rechtervoorspatbord een jerrycan, Rusland 1943
Twee Duitse brandstofvaten: links een oud type, rechts een Wehrmacht-Einheitskanister uit 1941, gefabriceerd door Nirona

Een jerrycan of jerrican is een tank voor vloeistoffen. Oorspronkelijk was hij gemaakt van plaatstaal en bedoeld voor brandstof. Later zijn ook exemplaren van kunststof gemaakt en werden er ook andere vloeistoffen in bewaard. De naam stamt uit de Tweede Wereldoorlog en verwijst naar de scheldnaam Jerrys die Britse troepen voor Duitsers gebruikten.

Geschiedenis[bewerken]

De jerrycan is in 1936 ontwikkeld door de firma Eisenwerke Müller & Co. in Schwelm. Door Ambi-Budd werd in 1937 een verbeterde versie ontwikkeld. De Duitse benaming was Wehrmachtskanister. In voorbereiding op de oorlog hadden de Duitsers in 1939 er duizenden van op voorraad.

In het begin van de Tweede Wereldoorlog was het Britse leger uitgerust met blikken van slechte kwaliteit. Deze voorraadtanks hebben het Britse leger in de oorlog vooral in de onherbergzame gebieden in Noord-Afrika veel onheil opgeleverd. De tanks waren snel lek, waardoor veel brandstof verloren ging, en ze veroorzaakten ook vaak brand.

De Britten ontdekten de Duitse jerrycans bij de invasie van Noorwegen in 1940. Deze waren steviger en groter dan de Britse. De Britten zijn tanks gaan gebruiken die op de Duitsers waren buitgemaakt. Later zijn de geallieerden vergelijkbare tanks gaan produceren.

Ontwerp[bewerken]

De oorspronkelijke jerrycans hadden drie handvatten, zodat één persoon twee lege jerrycans kon dragen door gebruik te maken van de middelste, en twee personen samen één volle jerrycan konden dragen door gebruik te maken van de twee buitenste handvatten. In de zijkanten van de jerrycans was een diagonaal kruis geperst, hetgeen expansie van de tankinhoud mogelijk maakte[bron?] en voor versteviging zorgde. De binnenkant van de tank was voorzien van een laagje kunststof, eerder al toegepast in biertanks, waardoor de tank niet werd aangetast door de vloeistof. Om snel gebruik mogelijk te maken, waren de jerrycans niet voorzien van een schroefdop, maar van een korte schenktuit met een beugelsluiting en een pakking. De schenktuit zat niet in het midden, en boven in de tuit zat een kleine luchtleiding naar de luchtkamer aan de andere kant van de jerrycan, zodat deze tijdens het leeggieten niet vacuüm zou zuigen en het schenken zou onderbreken, het zogenaamde "klokken".