Kaapse Vlakte

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Ruwe situering van de Kaapse Vlakte. Linksonder Kaapstad en het Robbeneiland

De Kaapse Vlakte (Afrikaans: Die Kaapse Vlakte; Engels: Cape Flats) is een groot, zanderig gebied ten zuidoosten van Kaapstad, waar, gedurende de apartheidsperiode (1948-1994), de zwarte en gekleurde bevolking van Kaapstad moest verblijven. Als noordgrens wordt vaak aangehouden de N2, de weg naar de luchthaven.

Al in het begin van de 20ste eeuw ontstonden daar zwarte lokaties, Langa, Nyanga en Gugulethu, en later Khayelitsha, maar de grote uitbreiding vond plaats toen in 1950 de Groepsgebiedenwet van kracht werd die bepaalde dat alleen de witte bevolking recht had om in Kaapstad te wonen. Vanouds had Kaapstad een grote gemengde bevolking van kleurlingen en nadat de meeste zwarten verplaatst waren kwam deze groep aan de beurt. Het bekendste voorbeeld is de wijk District Six, dat in de zestiger jaren van de 20ste eeuw met de grond werd gelijk gemaakt. Aan het einde van de apartheidsperiode woonde er een miljoen mensen in de verschillende zwarte en kleurlingen townships.

Hoewel niet op iedereen van toepassing was de armoede groot, de mensen die werk hadden waren uren onderweg en medische en sociale verzorging ontbraken. In de winter stonden grote delen van het gebied onder water en de Zuidooster veroorzaakte door zandstormen flinke overlast.