Meconium

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Meconium

De eerste ontlasting die een pasgeboren baby uitwerpt wordt meconium,[1] kinderpek of darmpek[1] genoemd. Deze is meestal zwart en kleverig.

Men zou denken dat een kind in de baarmoeder niets eet, maar het kind slikt vruchtwater met afvalstoffen en celmateriaal in. Ook komen de bovenste cellagen van de darm erin terecht. Het grootste deel van het meconium wordt in het spijsverteringsstelsel samengesteld. Het door het kind geproduceerde slijm en het eigen gal en bloed zorgen voor de donkergroene kleur.

Tijdens de bevalling krijgt de baby het soms benauwd en stoot het meconium in het vruchtwater uit, waardoor het groenachtig kleurt. Dit kan een teken zijn dat het niet goed gaat met de foetus. Als de met de doptone gemeten hartslag te laag is, moet de bevalling versneld worden (zuignap, knippen).

Binnen ongeveer drie dagen na de geboorte verandert de kleur van de ontlasting en wordt deze lichtgeel en waterig van samenstelling; dit is verteerde melk.

Meconium leidt bij pasgeboren kinderen met de taaislijmziekte vaak tot een verstopping van het darmkanaal (Ileus), ook wel meconiumileus genoemd[2].

Literatuurverwijzingen[bewerken]

  1. a b Haan, H.R.M. de & Dekker, W.A.L. (1955-1957). Groot woordenboek der geneeskunde. Encyclopaedia medica. Leiden: L. Stafleu.
  2. James H Hutchinson Practical Paediatric Problems 4th ed. London: Lloyd-Luke 1975 p. 314 ISBN 0-85324-114-7