Anhydrietvloer

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Een anhydrietvloer is een gips- of kalkgebonden gietvloer die op de constructievloer wordt aangebracht. De gietvloer is opgebouwd uit gips, zand en water.

Anhydriet is het chemische bindmiddel, op basis van calciumsulfaat (gips) dat door een reactie met water kan verharden en zo toeslagmaterialen aan elkaar kan kitten. Een anhydriet dekvloer wordt niet gesmeerd, maar gevloeid.

Toepassing[bewerken | brontekst bewerken]

Meestal heeft een anhydrietvloer een dikte van 40 of 50 mm. Dit type vloer wordt vaak gecombineerd met vloerverwarming vanwege de hoge thermische geleiding van deze vloer. Het toepassingsgebied ligt veelal in bedrijfsgebouwen, loodsen, garages, showrooms en nieuwbouwwoningen.

Eigenschappen[bewerken | brontekst bewerken]

Een anhydrietvloer is gladder en minder hard dan een standaard zandcementvloer. De samenstelling geeft de anhydrietvloer een grotere buig- en treksterkte en zorgt hierdoor voor een geringe krimp.

Voordelen[bewerken | brontekst bewerken]

Het aanbrengen en smeren van een standaard cementvloer is zeer arbeidsintensief. Vanwege deze zware arbeidsomstandigheden en soms ook de kosten wordt regelmatig gekozen voor het storten van een anhydrietvloer in vloeibare vorm over de constructievloer. Met een trekker kan de verwerker het vloeibare materiaal over het oppervlak verdelen, waarna dit vanzelf horizontaal uitvloeit.[1]

Nadelen[bewerken | brontekst bewerken]

Vocht

Een anhydrietvloer is gevoelig voor vocht. Het bindmiddel is calciumsulfaat en is niet bestand tegen langdurige vochtbelasting. Dit maakt dat anhydrietvloeren ongeschikt zijn voor bijvoorbeeld sanitaire of wasruimtes.

Hitte

Een anhydrietgietvloer kan niet tegen aanhoudende hoge temperaturen ( > 50°C) omdat het gips dan kan ontbinden. Bij vloerverwarming, aangelegd in de anhydrietgietvloer, mag het water in de leidingen deze temperatuur ook niet halen.[2]