Apologisch spreekwoord

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een apologisch spreekwoord, ook wel zeispreuk of wellerisme genoemd, is een spreekwoord in de trant van: "Alle beetjes helpen", zei de mug en hij pieste in zee, waarin iemand zijn eigen handelingen becommentarieert. Vaak is de andermansspreuk of zeispreuk, zoals dit type ook wordt genoemd, een beeldende uitbreiding van een gangbare uitdrukking (alle beetjes helpen). Hoewel de term apologie (verweerschrift) aangeeft dat men er zichzelf mee kan rechtvaardigen, wordt hij vaker gebruikt om dwaasheden van anderen aan de kaak te stellen.

Door het opvoeren van een derde persoon (mug, kleermaker) schept de taalgebruiker afstand tussen zichzelf en de situatie. Daarom wordt deze vorm vooral gebruikt voor gênante of dwaze situaties. Zodoende is de levenswijsheid van de zeispreuk vaak spottend, of werkt de relativering als een mop.

zeispreuk opmerking
"Het is kruis of munt", zei de non en ze trouwde de bankier. Kruis en munt zijn niet alleen de keerzijden van de munt, maar ook symbolen van kerk en bank.
"Alles met mate", zei de kleermaker en hij sloeg zijn vrouw met de el. El = Oude lengtemaat of meetlat
"Dat luwt", zei de reiger en hij stond achter een riet. De reiger toont dit gedrag werkelijk. Hij staat met zijn snavel recht omhoog tussen rietstengels. Niet zozeer om uit de wind te staan, maar om zich onzichtbaar te maken tussen het riet.
"Ieder zijn meug", zei de boer en hij at vijgen van het paard. vijgen van het paard = uitwerpselen
"Ieder zijn meug", zei de boer en hij at rauwe (wrange, halfrijpe) druiven. een minder grove vorm van de vorige.
"Alle baat helpt", zei de meid en ze roeide met een naald.
"Een ei is een ei", zei de boer en hij greep naar het dikste.
"Veel geschreeuw en weinig wol", zei de boer en hij schoor zijn varken.
"Alle beetjes helpen", zei de mug en hij pieste in de zee.
"Kut is kut" zei de boer, en hij neukte zijn varken.
"Een gat is een gat" zei de boer, en hij kroop op zijn varken. (Vlaamse variant)
Deze zeispreuk is tamelijk recent ontstaan; hij werd omstreeks 1980 gebruikt.