Charles Alexandre Crauk, Arethusa, achtervolgd door de hitsige Alpheus zoekt bescherming bij ArtemisBron van Arethusa in Syracuse
Arethusa (Grieks: Ἀρέθουσα) is een nimf uit de Griekse mythologie en vereeuwigd in een van de metamorfosen van de Romeinse schrijver Ovidius.
Vele waterbronnen in de oudheid werden Arethusa genoemd.[1] De bekendste daarvan is de Arethusa-bron op het eiland Ortygia, in het oudste deel van Syracuse op het huidige Sicilië. Het water in deze bron is afkomstig van de bergen ten noorden van de stad. Volgens de oud-Griekse geograaf Strabo zou het water van deze bron verder stromen door de Ionische Zee en weer aan land komen bij de Peloponnesos (Griekenland) als rivier Alpheus. Op de Peloponnesos stroomt de rivier dels ondergronds verder tot een plaats of andere bron Arethousa om daar uiteindelijk weer in zee uit te monden.[2] De Alpheus stroomt in de werkelijkheid ook deels ondergronds, in de poreuze bodem van kalksteen.[3]
Deze merkwaardige route van het water vanaf de bron op Sicilië helemaal naar de oostkant van Griekenland (of omgekeerd) deed in de oudheid een legende ontstaan.
De Naiade[4] (zoetwatergodin) Arethusa, was een mooie nimf en een volgeling van Artemis.[5] Op een dag baadde zij in het water van de Alpheus. De riviergod Alpheüs had haar gezien en wilde haar tot de zijne maken. Volgens een andere variant was Alpheüs een herder, die eveneens verliefd werd op haar.[6]
Zij, als toonbeeld van kuisheid, wilde niet in zee met Alpheüs. Ze begon te rennen en hield dat enkele dagen vol, achtervolgd door Alpheüs. Uiteindelijk kon ze niet verder rennen omdat ze bij de kust kwam. Ze riep Artemis om hulp, die haar met mist omringde en daarna veranderde in een zoetwaterbron. Het zoete water van de nimf stortte zich in zee en stroomde verder, maar ze was niet meer bang voor Alpheüs. Ze kwamen beiden omhoog bij een driehoekig eiland, waar Alpheüs zijn liefde aan haar verklaarde. Ze stroomden samen verder door de zee tot de bron bij Ortygia.[2] Zo werd het paar ondanks de eerste weigering van Artethuse toch verenigd.
Om de samenhang van de bron op Sicilië met de rivier in Griekenland te bewijzen, vertelden de oude Grieken, dat een offerschaal, die men eens bij Olympia in de rivier de Alpheus had geworpen, in het water van de bron Arethusa kwam bovendrijven. Ook zou het offerbloed van de runderen, die men aan de oevers van de Alpheüs te Olympia slachtte, bij de bron terechtkomen, waardoor het water rood werd gekleurd.
Vele schilders lieten zich inspireren door de vluchtende nimf, vruchteloos achtervolgd door een man. Zij staat symbool voor de kuisheid.[7]
Syracusiaansetetradrachme (ca. 415-405 v.Chr.): (afgesleten) opschrift ΣΥΡΑΚΟΣΙΟΣ, hoofd van Arethusa met spiraalvormige oorbel en halsketting omringd door vier dolfijnen en het opschrift ΕΥΚΛ / ΕΙΔΑ op het tablet onder haar kin (voorzijde) en een menner met een kentron in de rechter- en de teugels in de linkerhand in een quadriga met Nikê die boven de gekroonde menner vliegt en het opschrift ΕΥΜΗΝΟΥ in de afsnede (keerzijde).De nimf is afgebeeld op diverse munten van Syracuse uit de oudheid.[8]
Er bestaan andere mythologische figuren met de naam Arethusa. Een daarvan, een van de Nereïden (zoutwatergodinnen) was de minnares van Poseidon. Zij wordt in verband gebracht met een bron in Chalkis.
Er wordt ook een Arethusa genoemd als een van de Hesperiden.[6]