Barthélemy Dumortier

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Barthélemy Dumortier
Barthélemy Dumortier
Barthélemy Dumortier
Standaardafkorting Dumort.
Toelichting
De bovenaangeduide standaardaanduiding, conform de database bij IPNI, kan gebruikt worden om Barthélemy Dumortier aan te duiden bij het citeren van een botanische naam.

In de Index Kewensis is een lijst te vinden van door deze persoon (mede) gepubliceerde namen.

Portaal  Portaalicoon   Biologie

Barthélemy Charles Joseph Dumortier of du Mortier (Doornik, 3 april 1797 - 9 juni 1878) was een Belgisch politicus en botanicus.

Levensloop[bewerken]

Dumortier was een zoon van Barthélemy-François Dumortier en Marie-Jeanne Willaumez. De vader was handelaar, gemeenteraadslid van Doornik en handelsrechter.

Hij trouwde met Philippine Rutteau en ze hadden een zoon, Barthélemy-Noël Dumortier (1830-1915).

In de jaren 1820 begon Dumortier zich politiek in te zetten. In 1824 stichtte hij een krant Le courrier de l'Escaut, die kritisch stond tegenover Willem I en zijn regering. Hij promoveerde de ook in het Doornikse op gang komende 'petitiebeweging'.

In de eerste wetgevende verkiezing van het Koninkrijk België, werd hij verkozen tot katholiek volksvertegenwoordiger voor het arrondissement Doornik, een mandaat dat hij tot in 1847 vervulde. Hij werd vervolgens verkozen tot volksvertegenwoordiger voor het arrondissement Roeselare en behield dit mandaat tot aan zijn dood.

In 1872 werd Dumortier benoemd tot minister van Staat. Hetzelfde jaar werd hij ook in de adelstand verheven met de titel van graaf. Hij was voordien met kerkelijke adel bedacht: in 1856 als palatijnse graaf en in 1866 als pauselijke graaf. Maar de Belgische adelsverheffing bleef dode letter, bij gebrek aan het indienen van open brieven. Pas in 1885 zou dit worden goedgemaakt door zijn zoon, die de adellijke status en de grafelijke titel verwierf. Zonder veel toekomstvooruitzicht echter, want de naam is in 1950 uitgestorven.

Botanicus[bewerken]

Dumortier begon vanaf de jaren 1820 bekendheid te krijgen als botanicus. Hij publiceerde zijn eerste studie, in het Latijn, in 1824. Hierop volgde in 1827 zijn Flora Belgica, een volledige beschrijving van de nationale flora.

Zijn reputatie groeide en hij werd in 1829 lid van de Académie de Bruxelles, die na 1830 de Koninklijke Academie van België werd. Ook internationaal werd hij bekend en toen eind jaren dertig een vertegenwoordiger moest worden aangeduid om de Britse regering te vertegenwoordigen in de Belgisch-Britse maatschappij die in Brussel een botanische tuin wilde aanleggen, stelde de Britse regering hiervoor Dumortier aan. In 1862 werd anderzijds een Société Royale de Botanique de Belgique opgericht en Dumortier werd er de voorzitter van.

Tegen die tijd bleek dat de vennootschap op aandelen geen succes was en werden de aandelen overgenomen door de Société Royale d'Horticulture de Belgique. Dumortier stelde voor dat de Belgische staat zelf een Botanische tuin zou oprichten. Als eerste stap slaagde hij er in 1869 in het parlement te overtuigen om de collectie aan te kopen van Carl Friedrich Philipp von Martius (1794-1868), een opzienbarend herbarium en een collectie van gedroogde gewassen. Enkele maanden later kocht de staat ook de tuin van de Société Royale d’Horticulture de Belgique, met als doel een overheidstuin aan te leggen, naar het model van Kew Gardens in Londen.

In het nieuwe instituut, waar hij de leiding van kreeg, bestuurde Dumortier dictatoriaal. Ondanks tegenstand kon hij dit doen, vanwege de politieke steun waar hij van genoot. Hier dreigde een einde aan te komen in 1875 toen de botanische tuin werd samengevoegd met het Museum voor Natuurwetenschappen en onder de leiding werd gesteld van Edouard Dupont, een aartsvijand van Dumortier. Dumortier zou nog wel de wetenschappelijke leiding van de plantentuin overhouden. Dupont was het hiermee niet eens en nam ontslag. Hij werd opgevolgd door een vriend van Dumortier, François Crépin.

In de botanische literatuur wordt de naam Dumortier afgekort tot 'Dumort.'. Hij heeft honderden plantensoorten beschreven, zoals de eironde leeuwenbek.

Twee soorten zijn naar hem genoemd: Hemerocallis dumortieri (Hemerocallidaceae) en Stenocereus dumortieri (Cactaceae).

Barthélemy Charles Joseph Dumortier00.jpg

Publicaties[bewerken]

Politiek[bewerken]

  • Lettres sur le manifeste du Roi et les griefs de la nation, par Belgicus (J. Casterman aîné, Doornik, 1830).
  • La Belgique et les vingt-quatre articles (Société nationale, Brussel, 1838).
  • Observations complémentaires sur le partage des dettes des Pays-Bas (Société nationale, Brussel, 1838).

Botaniek[bewerken]

  • Commentationes botanicae. Observations botaniques (imprimerie de C. Casterman-Dieu, Doornik, 1823).
  • Observations sur les graminées de la flore de Belgique (J. Casterman aîné, Doornik, 1823).
  • Analyse des familles des plantes, avec l'indication des principaux genres qui s'y rattachent (J. Casterman aîné, Doornik, 1829).
  • Sylloge Jungermannidearum Europae indigenarum, earum genera et species systematice complectens (J. Casterman aîné, Doornik, 1830).
  • Recherches sur la structure comparée et le développement des animaux et des végétaux (M. Hayez, Brussel, 1832).
  • Essai carpographique présentant une nouvelle classification des fruits (M. Hayez, Brussel, 1835).

Literatuur[bewerken]

  • Etrennes Tournaisiennes, Doornik, 1872.
  • G. LEBROCQUY, Types et profils parlementaires, Elsene, 1873.
  • Oscar COOMANS DE BRACHÈNE, État présent de la noblesse belge, Annuaire 1988, Brussel, 1988.
  • Jean-Luc DE PAEPE & Christiane RAINDORF-GERARD, Le Parlement belge, 1831-1894. Données biographiques, Brussel, 1996.

Externe links[bewerken]