Beenderporselein

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Beenderporselein. De Blå Blom serie van de Zweedse fabrikant Gustavsbergs porslinfabrik.

Beenderporselein (van het Engelse bone china) of ivoorporselein is een porseleinsoort van hoge kwaliteit, gemaakt volgens een speciaal procedé.

Het procedé is uitgevonden in 1749, door Thomas Frye, kunstenaar en technisch directeur van de Bow porselein fabriek in Engeland. Later werd dit procedé door Spode verder ontwikkeld. De voor porseleinaarde (de klei) gebruikelijke grondstoffen, kaolien, veldspaat en kwarts worden vermengd met 40 tot 50% as van runderbeenderen (calciumfosfaat). Hierdoor ontstaat het sterkste porselein dat er is en krijgt het een specifieke ivoorkleurig (een geelachtig wit) uiterlijk.

Beenderporselein kan door haar samenstelling worden gebakken bij een temperatuur van ongeveer 1250°C, hetgeen lager is dan bij gewone porselein. Om die reden wordt ook wel van 'zachte' porselein gesproken. Beenderporselein is transparant: het laat licht door. Alhoewel beenderporselein dus een Engelse uitvinding is, wordt het thans ook in andere landen zoals Duitsland, Japan en Indië gemaakt en is China de grootste producent ervan geworden.