Daniel Billiet

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Daniel Billiet (Gent, 17 april 1950) is een Vlaams schrijver, dichter, scenarist en leraar.

Biografie[bewerken]

Geboorte en jeugd[bewerken]

Daniel Billiet [spreek uit als biel–jet] werd geboren in Gent op 17 april 1950. Dit was echter niet vanzelfsprekend. Billiets ouders stonden op het punt naar Belgisch Congo te vertrekken, waar hij dan zou geboren worden tussen de olifanten en de leeuwen. Daniel Billiet vertelt: "..., maar omdat Hitler niet iets langer gewacht heeft met het actief beoefenen van zijn hobby, kwam daar helemaal niets van in huis. In plaats van naar Belgisch Congo mocht mijn vader het leger in en werd ik tien jaar later geboren in Gent.” Later werd zijn vader hoofdboekhouder in Gent, zijn moeder is altijd huisvrouw gebleven. Billiet was de vierde van zes kinderen. Hij had twee oudere zussen, één oudere broer en twee jongere. "Op een bepaald moment zaten we met de vier broers Billiet allen op dezelfde school: het ¨Sint-Amandusinstituut in Gent, een school van de Broeders van de Christelijke Scholen. Maar ik heb niet geleefd op die school, mijn lichaam hing daar rond. Ik was ergens anders. In dromen, in boeken, in verhalen, in wensen en verwachtingen."

In zijn jeugdjaren was Billiet een heel goede sprinter. Bij de scholieren en cadetten scoorde hij hoog tijdens provinciale en nationale atletiekwedstrijden.

Loopbaan als leerkracht en docent[bewerken]

Daniel Billiet begon zijn carrière als leraar Nederlands en Engels in het secundair onderwijs. Later is hij gestopt met lesgeven om nieuwe technieken te bedenken voor het brengen van poëzie in de klas. Ondertussen is hij voltijds schrijver, omdat "lesgeven zo tijdrovend is en er daar buiten nog een heel grote wereld naar mij ligt te lonken". Naast het schrijven, promoot hij al jaren geestdriftig het betere (jeugd)gedicht. Hij geeft lezingen over jeugdliteratuur, meer bepaald over jeugdpoëzie. Zijn ideeën omtrent het functioneren van poëzie op school oogsten veel bijval. Hij bezoekt zowel basisscholen als universiteiten om over poëzie te praten en vooral om het gedicht in het algemeen te promoten. Op zijn lezingen krijgt hij steeds veel gehoor. Ten slotte is Billiet ook nog docent creatief schrijven.

Loopbaan als schrijver[bewerken]

Daniël Billiet heeft oorspronkelijk gedichten voor volwassenen geschreven. In 1974 verscheen zijn eerste poëziebundel: “De rib van Magdalena”. Pas later merkte hij dat er nauwelijks poëzie voor jongeren bestond. Daarom ging hij zich meer richten op het schrijven van jeugdpoëzie. "Bananenschillen in jeans" was zijn debuut in de jeugdliteratuur. Toch richten zijn gedichten zich tot iedereen, want ‘ik schrijf voor hedendaagse jongeren van 13 tot 133 jaar’.

Hij schreef ook een jeugdroman en een prentenboek, werkte mee aan poëziepagina’s in verschillende tijdschriften, organiseerde poëziemanifestaties en stelde bloemlezingen samen. Hij is een van de belangrijkste hedendaagse Nederlandstalige jeugddichters.

Werk[bewerken]

Karakterisering[bewerken]

De gedichten van Billiet kunnen we onderbrengen in twee grote categorieën. Enerzijds schrijft hij directe, ongekunstelde poëzie, anderzijds maakt hij meer complexe en zijdelingse gedichten. Jongeren houden vooral van de gedichten met meer openheid omdat ze niet zweverig zijn, maar to the point. Dit wil echter niet zeggen dat deze directe gedichten geen diepere betekenis hebben. Er staat meer dan er staat. Er is meestal een dubbelzinnigheid aanwezig die je niet bij de eerste lezing terugvindt. Je kan het gedicht wel al grotendeels begrijpen, maar als je dieper zoekt, merk je de dubbele bodem in het gedicht op.

De onderwerpen zijn steeds realistisch: school, familie, knuffelen, verliefdheid, angst, eenzaamheid, onzekerheid en ook de dood. In zijn poëzie komen ook vaak gebeurtenissen uit de geschiedenis voor: de Holocaust, Christoffel Columbus, Ceauşescu, belangrijke gebeurtenissen uit de voetbalgeschiedenis...

Het valt op dat Billiet zich soms op het sociale vlak begeeft. Hij besteedt veel aandacht aan thema’s zoals de derde wereld, ontwikkelingshulp, kinderrechten, oorlog en milieuvervuiling. Zijn nieuwsgierige aard komt tot uiting in zijn vele buitenlandse reizen naar landen als Nicaragua, Rwanda, Namibië en Zuid-Afrika. De ervaringen die hij daar heeft opgedaan, komen duidelijk naar voren in werken zoals "Wat de ogen niet horen". Billiet tracht de ogen te openen van de lezer. Hij heeft zelf veel gezien in de wereld en is hier ook heel bewogen voor. Dit wil hij ook overbrengen op de lezer. Of zoals hij zelf zegt: "Moet je je echt geen zorgen maken in een wereld die soms vierkant draait?"

De moeder-kindrelatie is een vaak terugkerend motief. In tegenstelling tot wat je zou verwachten beschrijft Billiet nooit een liefdevolle relatie. De moeder in de gedichten toont geen affectie, is gevoelloos ten opzichte van het kind en heel hard. Daarbij komt het droevige feit dat de moeder vroeg sterft. Deze gedichten laten daardoor een melancholische indruk na.

Zijn origineel taalgebruik geeft een eigen kijk op de werkelijkheid. Hij gebruikt ook zachte humor om de dingen te relativeren. In sommige gedichten kan hij echter hard en cynisch overkomen. Zo stelt hij in het gedicht 'Geschiedenisles' dat 'iedereen kandidaat is voor de dood.' Hij uit zich dan fatalistisch en defaitistisch. Of je zou het ook gewoon realistisch kunnen noemen.

Soms durft Billiet ook de weg van de ironie te bewandelen, bijvoorbeeld in "Moenie worry nie". Hij presenteert ons hier niet enkel zijn Afrikaanse herinneringen, maar hij doet ons ook nadenken. Zo beschrijft hij in het gedicht "Zuid-Afrika" iemand die werk zoekt. De persoon heeft duidelijk honger en biedt zich aan om allerlei klusjes op te knappen. De ik-persoon vlucht weg. Een dag later zijn de ruiten van zijn auto ingeslagen. Toch rapporteert hij dit niet aan de politie, want 'elke dag schaft onze huid scherven.' Het is ironisch dat net die persoon die vroeg om hulp, later zijn auto vernielt. En ook in het feit dat de dichter laat doorschemeren dat dit uiteindelijk de fout is van het rijke Noorden.

Door zijn verschillende onderwerpen, zijn ritmische beeldende taal en zijn gevoel voor humor wordt Daniël Billiet in Vlaanderen gerekend tot een van de belangrijkste schrijvers van de nieuwe romantiek. Motieven als weemoed, dood, liefde, de troost in de kunst en in de droom, verlangen naar het onbereikbare, verdriet, tederheid, de drang naar vrijheid en ongekende verten zijn kenmerkend voor deze stijl. Ook bij Billiet zijn deze motieven aanwezig. Andere nieuwromantische auteurs zijn onder anderen Luuk Gruwez, Miriam Van Hee en Herman De Coninck.

Billiet maakt in zijn gedichten regelmatig gebruik van personificaties. Deze stijlfiguur geeft zijn gedichten een verrassend effect. De betekenis van de personificaties is niet altijd duidelijk. Hierdoor word je als lezer uitgedaagd om op zoek te gaan naar de bedoeling van de dichter. Een voorbeeld is te vinden in het gedicht 'Jarig'. Een dag wordt uit papier gewikkeld, een voetbal droomt, de slaap spant een strik met sterren en een feest houdt de wacht.

Billiet is een dichter die met taal speelt, de taal ontdekt en doet ontdekken. Hij neemt de lezer mee op een reis door het leven, tussen droom en daad. Of om te besluiten met een citaat van hem zelf: "Ik ben auteur, dichter, reiziger in de taal en daarbuiten..."

Bibliografie[bewerken]

  • 1986 Bananeschillen in jeans: gedichten voor hedendaagse jongeren van 13 tot 133 jaar (Infodok) (gedichtenbundel 12+)
  • 1988 Een Zebrapad in de woestijn: gedichten voor hedendaagse jongeren van 13 tot 133 jaar. (Infodok)
  • 1989 Een propje in mijn gezicht: gedichten (Infodok) (bloemlezing)
  • 1989 Uit de kromme rib van de wereld (Pablo Nerudafonds) (volwassenen) Tweetalige bloemlezing (Spaans met Nederlandse vertaling) uit het werk van de Nicaraguaanse dichteres Gioconda Belli
  • 1990 Op de vlucht voor een landkaartje: gedichten (Infodok)

(poëziebundel leeftijd 12-16 jaar)

  • 1990 De steensnoepers (Infodok) (prentenboek 5+)
  • 1990 Hemel! (Infodok) (Toneel voor kinderen)
  • 1991 Kaartjes bij kaarsjes (Infodok)
  • 1993 Alleen aan zee is de kust veilig (Bakermat/1997 tweede druk) (poëziebundel)
  • 1993 Een puit met hete pootjes: gedichten van Guido Gezelle voor kinderen van alle leeftijden (Bakermat) (bloemlezing)
  • 1994 Als de banaan zich kromt (Bakermat) (poëziebundel)
  • 1995 Wat de ogen niet horen: gedichten. (Bakermat) (volwassenen en ervaren jeugdlezers) illustraties van Tom Schamp
  • 1996 Hoeveel weegt blauw (Bakermat) (gedichtenbundel 12+) in samenwerking met Kees Spiering, Johanna Kruit en Gil vander Heyden
  • 1997 Vijf vuurstokkies (Bakermat) (kinderboek 7+) illustraties van Marjolein Pottie
  • 1997 De vleugels van de hyena (Bakermat) (dierenverhalen 7+) illustraties van Wout Olaerts
  • 1997 Een muur van lege blikken (Bakermat) (leesboek- thema pedofilie- met drie verhalen over dezelfde persoon, vanaf 11 jaar)
  • 1997 Oud naakt uit nieuwe blikken (Nationaal Centrum Jeugdliteratuur)
  • 1999 Het recht van de banaan is krom: nieuwe verhalen over kinderrechten (Bakermat) (verhalenbundel vanaf 10+) illustraties Marjolein Pottie
  • 1999 De hemel heb je al (Di-vers) (gedichten 12+)
  • 1999 Kinderen natuurlijk toegelaten (Di-vers) (bloemlezing van gedichten over kinderrechten 12+)
  • 1999 Moenie worry nie: gedichten 1997-1999 (Averbode) (gedichten 13+)
  • 2001 Slangen smaken naar vis (De Sikkel) (verhaal 7+) illustraties Geert Gerard
  • 2002 Een wereldkaart op ware grootte (Averbode) (poëziebundel 12+) illustraties Carll Cneut
  • 2003 Blij u te leren kennen – Daniel Billiet als redacteur (Bakermat) (informatief 8+ vluchtelingen) foto’s van Vera De Roo
  • 2005 Een put in de lucht. (Afijn) (7+) samen met Gil vander Heyden en illustraties van Anne Westerduin
  • 2006 Dit is mijn huis, zei het water (Afijn) (verhaal 9+) samen met Bouke Billiet
  • 2006 Wat van de liefde niet gezegd kan worden (Clavis) (gedichtenbundel 14+) illustraties Heide Boonen

Prijzen[bewerken]

  • 1992 Prijs van de Kinder – en Jeugdjury Limburg in de categorie van 6 tot en met 8 jaar voor "De Steensnoepers".
  • 1979 Literaire prijs Stad Gent (poëzie)
  • 1995 Prijs van 'Dichter bij jeugd' (Tielt)