Denkend aan de dood kan ik niet slapen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Denkend aan de dood kan ik niet slapen is de eerste regel van het gedicht Insomnia (slapeloosheid) van de Nederlandse dichter J.C. Bloem dat Wim Ramaker inspireerde tot een hoorspel. De NCRV zond het uit op maandag 16 februari 1976, van 22:39 uur tot 23:00 uur. De regisseur was Ab van Eyk.

Rolbezetting[bewerken]

Inhoud[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

De titel van dit hoorspel is ontleend aan het gedicht Insomnia van Jacques Bloem. De hoofdpersoon droomt iedere nacht dezelfde droom. Hij staat in een winkel, waar men zeer voordelig begrafenissen regelt. Hij wil zijn eigen begrafenis organiseren. Er volgt een idioot gesprek tussen de man en de winkeljuffrouw, waarin een loopje wordt genomen met mensen die menen zich van de wieg tot (over) het graf te kunnen verzekeren. De droom, die hij overigens elke nacht als werkelijkheid ervaart, breekt telkens af als hij zijn sterfdatum moet invullen op een formulier. De droom wordt een obsessie. Hij gaat naar de psychiater, die hem zegt dat het waarschijnlijk is dat hij in zijn onderbewuste de sterfdatum wel kent. Dan droomt hij weer…