Dronkenschap

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Esculaap Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.
De dronkenschap van Noach, schildering in de Sixtijnse Kapel
Filmfragment met twee dronken mannen. Duur: 24 seconden.

Dronkenschap is een lichamelijke en psychische toestand waarbij sterke gedragsveranderingen optreden door een teveel aan alcohol in het bloed. Bij mensen treedt dit doorgaans op door het drinken van alcoholhoudende vloeistoffen, bij dieren door het eten van gistende vruchten.

Kenmerken[bewerken]

Kenmerkend voor dronkenschap zijn:

  • (Sterke) gedragsveranderingen. De gedragsveranderingen kunnen variëren van heel vrolijk (goede dronk) tot melancholiek of juist agressief (slechte dronk); ethanol of alcohol is een dempende stof. In het begin van de vergiftiging (die men dronkenschap noemt) worden echter vooral de remmende zenuwcellen gedempt; deze ontremming wordt alleen in heel lichte gevallen als aangenaam ervaren; het decorumverlies en het al te nadrukkelijk aanwezig zijn zal door anderen als storend ervaren kunnen worden.
  • Black out: de volgende morgen weet de geïntoxiceerde niets meer van de gebeurtenissen die hij of zij onder invloed heeft ondergaan of veroorzaakt. Hierdoor kan schade aan relaties optreden.
  • Lallen, doordat men de mond- en tongspieren niet meer goed onder controle heeft;
  • Waggelende en strompelende gang, wijdbeens lopen, gepaard gaande met struikelen en vallen;[1] Vanzelfsprekend kunnen deze neurologische verschijnselen ook een andere oorzaak hebben dan alcoholmisbruik.
  • Slaperigheid treedt in tweede instantie op, als ook de activerende zenuwcellen gedempt worden.
  • Versnelde perceptie van tijd
  • Vertraagde reactiesnelheid;
  • Tunnelvisie: het gezichtsveld wordt steeds smaller;
  • Misselijkheid en braken, bij extreem alcoholgebruik zelfs tijdens de slaap; er ontstaat op die wijze een gevaar voor verslikken en verstikken
  • Verstoring van de vochtbalans; alcohol vermindert de werking van ADH en stimuleert zo de productie van grote hoeveelheden verdunde urine;[2] dit verschijnsel treedt met name op bij het drinken van bier, omdat er dan grote hoeveelheden vocht worden ingenomen. Een gevolg kan wildplassen en broekplassen zijn.
  • Zelfoverschatting;
  • Onderkoeling;
  • In extreme gevallen coma, hartstilstand en de dood door alcoholvergiftiging.

Voorafgaand aan dronkenschap treden al lichte gedragsveranderingen op, zoals ontspannenheid en ontremming. Men zegt dan dat iemand is aangeschoten. Ook zal iemand, hoewel dit op het eerste gezicht ook voor de persoon zelf niet zo lijkt, geen voertuig meer kunnen en mogen besturen.

Dronkenschap is echter een stadium verder. Bij dronkenschap worden de veranderingen zo sterk dat men controle over het eigen gedrag verliest en deze gedragsveranderingen door de omgeving als negatief worden ervaren. Bovendien treden bij dronkenschap vaak voorgenoemde fysieke onwillekeurige reacties op als braken, slaperigheid en verlies van controle over de spieren.

Risico's[bewerken]

Alcoholhoudende dranken kunnen ernstige, soms levensbedreigende, vergiftigingsverschijnselen teweegbrengen, vooral wanneer er grote hoeveelheden alcohol in korte tijd worden geconsumeerd.

Indirecte risico's zijn onder meer zelfoverschatting, gecombineerd met vertraagde reactiesnelheid; dit maakt dat de persoon die onder invloed verkeert sneller verkeersongelukken veroorzaakt of zichzelf in gevaarlijke posities brengt, mede veroorzaakt door roekeloos gedrag. Het gedrag van mensen onder invloed van alcohol kan in het uitgaansleven, maar ook in huiselijke kring, snel leiden tot incidenten en vechtpartijen.

Een minder bekend risico is het risico van onderkoeling of hypothermie; dit risico treedt op als een persoon onder invloed tijdens of na een avondje stappen op straat in slaap valt, ongeacht de temperatuur.

In dronkenschap kan men dingen doen of zich laten provoceren tot zaken die men normaal gesproken nooit zou doen. Dit kan tot sociaal gezichtsverlies of (juridische) problemen leiden. Er is een gezegde "Wat de dronkene misdoet, wordt de nuchtere beboet". Dit wil zeggen dat de maatschappij en het recht vaak niet veel consideratie zullen hebben met misdragingen die onder invloed van alcohol zijn gepleegd.

Zie ook: alcohol en verkeer

Adaptatie[bewerken]

Adaptatie is een verschijnsel waarbij het lichaam aan alcohol went terwijl men drinkt, bijvoorbeeld doordat men erbij eet of tussendoor sap drinkt. Waggelen, misselijkheid en slaperigheid treden dan niet op, terwijl ook het gedrag hetzelfde blijft. De persoon lijkt voor het oog niet dronken. De vertraagde reactiesnelheid en kokervisus treden echter nog steeds op, waardoor het ook voor deze persoon, boven een bepaalde hoeveelheid alcohol, wettelijk niet toegestaan is een gemotoriseerd voertuig te bedienen. Ook het achteraf eten van patat friet, drinken van koffie hebben geen invloed op het alcoholpercentage in het bloed.

Alcoholemie[bewerken]

Na consumptie van sterkedrank is de alcoholemie (het alcoholgehalte in het bloed) hoger dan na het drinken van eenzelfde hoeveelheid bier. Bij een persoon van 80 kg zal de alcoholemie lager zijn dan bij iemand van 50 kg, na het nuttigen van dezelfde hoeveelheid drank. Bij vrouwen stijgt de concentratie aan alcohol in het bloed sneller dan bij mannen.

Maatregelen bij dronkenschap[bewerken]

Een dronken persoon dient zich te onthouden van meer alcoholconsumptie. Water drinken of eten kan de intoxicerende effecten vertragen, evenals overgeven. Slapen in een veilige omgeving is een manier om het lichaam de tijd te geven de alcohol af te breken. Iemand die onder invloed is zal vaak hulp nodig hebben om die veilige omgeving te bereiken.

Begeleiding van een dronken persoon:

  • Niet alleen laten omdat de persoon gemakkelijk iets kan overkomen.
  • Laten eten en water laten drinken en eventueel laten braken.
  • Alleen op een veilige plaats laten slapen, dus naar een veilige plaats begeleiden.
  • Men kan het beste op kalme kordate toon tegen de beschonkene praten en hem overtuigen dat hij moet ophouden met drinken en naar bed moet. Omdat een dronken persoon onvoorspelbaar kan reageren moet men vooral geen verwijten maken over het te veel drinken.
  • Attent zijn op alcoholvergiftiging; als de persoon niet meer reageert op prikkels geneeskundige hulp inroepen.

Na de dronkenschap[bewerken]

Door de alcohol wordt de slaap in eerste instantie zeer diep. In een later stadium kan door de afbraakproducten van alcohol slapeloosheid optreden. Door dezelfde stoffen treedt ook vaak een kater op. De verschijnselen zijn hoofdpijn, misselijkheid en braken, en soms diarree. Vaak wordt men na de avond ervoor dronken te zijn geweest 's ochtends vrij vroeg ziek wakker, wanneer de effecten van de afbraakproducten de overhand krijgen over die van de alcohol zelf. Omdat alcohol de kwaliteit van de slaap negatief beinvloedt voelt men zich de dag erna ook vaak moe.

Er zijn veel zogenaamde huismiddeltjes om een kater te bestrijden. Hoofdpijn kan worden voorkomen door water te drinken. Alcohol onttrekt water aan het lichaam en een tekort aan water in de hersenen kan hoofdpijn veroorzaken. Door voldoende water te drinken, kan dit verlies deels worden gecompenseerd. Vaak voelt men zich ook snel beter door iets (stevigs) te eten, maar dit gaat niet op wanneer men hier te misselijk voor is. Door de opname van voedingsstoffen wordt het effect van de alcohol naar de achtergrond verdrongen, bovendien voelt men zich met een volle maag vaak beter.

Alcohol wordt met een gemiddelde snelheid van 1.5 uur per glas afgebroken. Hierdoor is het dus mogelijk dat men ook de volgende dag nog steeds alcohol in het bloed heeft en geen voertuig kan besturen.

Varia[bewerken]

Volgens een oud bijgeloof zou men door het drinken uit een beker van Amethist niet dronken kunnen worden.

Zie ook[bewerken]