Eeuwigheidszondag

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Eeuwigheidszondag is de laatste zondag van het kerkelijk jaar en tevens de zondag voordat de adventstijd begint.

Betekenis[bewerken]

Het is voor veel lutherse, protestantse en gereformeerde kerken een speciale zondag. Vaak gedenkt men tijdens de kerkdienst op deze zondag de gemeenteleden die in het afgelopen kerkelijk jaar zijn overleden. Toch bepaalt eeuwigheidszondag niet alleen bij de dood, maar ook bij het uitzicht voor hen die geloven. Dat uitzicht is verbonden met het feest van advent, de periode die direct na eeuwigheidszondag begint. Op eeuwigheidszondag wordt als het ware de overstap van de dood naar het leven gemaakt.

Deze zondag wordt ook wel de oudejaarszondag van de kerk[1] of voleindingszondag genoemd.

Herkomst[bewerken]

Deze zondag heeft zijn wortels niet in de rooms-katholieke maar in de lutherse traditie.[2] De Pruisische koning Frederik Willem III bepaalde in 1816 dat de dag in zijn gebied een „algemeen christelijk feest ter herinnering aan de overledenen” moest zijn. Tegelijk was deze dag een soort dodenherdenking voor allen die in oorlogen gesneuveld waren. Het werd zo een tegenhanger van het rooms-katholieke Allerzielen.