Efficiëntie en effectiviteit

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Efficiëntie en effectiviteit zijn twee gerelateerde begrippen met een delicaat maar niettemin belangrijk verschil in de betekenis. Ze worden regelmatig per abuis door elkaar gebruikt.

Doelmatigheid of efficiëntie is het bereiken van een doel met gebruik van zo weinig mogelijk middelen. Een proces is doelmatig als het ten opzichte van een norm weinig middelen gebruikt. Deze middelen kunnen bijvoorbeeld betrekking hebben op tijd, inspanning arbeidsuren, grondstoffen of geld. Het voorkomen van verspilling is vaak een goede manier om de doelmatigheid te vergroten.

Doeltreffendheid of effectiviteit geeft aan dat het doel van een activiteit gerealiseerd wordt. Bij procesmatige activiteiten wordt doelmatigheid of effectiviteit soms gebruikt om aan te geven welk percentage van de producten tot stand komt. Dat is feitelijk het omgekeerde van uitval, eigenlijk is dat een vorm het voorkomen van verspilling, en dus een vorm doelmatigheid.

Normaliter probeert men processen zo te organiseren dat ze zowel efficiënt als effectief zijn. Dan spreekt men ook wel van het verhogen van de productiviteit. Dit is niet eenvoudig, omdat efficiëntie-doelstellingen in conflict kunnen komen met de effectiviteit.

Naast doelmatigheid en doeltreffendheid zijn er nog twee begrippen:

Doelgerichtheid is de mate waarin een individu of organisatie zich richt of kan richten op het behalen van een doel.

Doelbewustheid is de mate waarin een individu of een organisatie zich bewust is van het doel, of de mate waarin het doel gekend wordt.

De samenhang[bewerken]

Doelbewustheid is een voorwaarde voor doelgerichtheid, wat op zijn beurt een voorwaarde is van doeltreffendheid, en wat op zijn beurt weer een voorwaarde is voor doelmatigheid. Het gaat hier om 'noodzakelijke voorwaarden'. Zonder doeltreffendheid is een bepaalde mate van doelmatigheid niet denkbaar.

Metaforen voor doelmatigheid, doeltreffendheid, doelgerichtheid en doelbewustheid
Begrip Metafoor van de chauffeur Metafoor van de schutter
Doelmatig De kortste weg naar de bestemming. Een mug met een vliegenmepper raken.
Doeltreffend Een willekeurige weg de bestemming. Met een kanon op een mug schieten (en raken).
Doelgericht Weten waar de bestemming is, maar de weg er naar toe niet. Gericht schot lossen.
Doelbewust Weten wat de bestemming is, maar niet waar die ligt. Een schot in het duister lossen.

Zie ook[bewerken]

Referenties[bewerken]

  • J. in 't Veld (2002). Analyse van organisatieproblemen, Wolters-Noordhoff