Fernand Charpin

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Fernand Charpin
Plaats uw zelfgemaakte foto hier
Algemene informatie
Volledige naam Fernand Marius Charpin
Geboren Marseille, 30 mei 1887
Overleden Parijs, 7 november 1944
Land Frankrijk
Bijnaam Charpin
Werk
Jaren actief 1912 - 1944
Beroep Acteur
(en) IMDb-profiel
Portaal  Portaalicoon   Film

Fernand Charpin, beter bekend onder zijn bijnaam Charpin, (Marseille, 30 mei 1887 - Parijs, 7 november 1944) was een Frans acteur. Hij is vooral bekend voor zijn interpretatie van' Panisse', een van de belangrijkste personages in Marcel Pagnols verfilmde Marseille-trilogie. Hij ontwikkelde een heel drukke maar korte (13 jaar) filmcarrière.

Leven en werk[bewerken]

Afkomst en eerste stappen in de toneelwereld[bewerken]

Charpin werd geboren in Marseille als de zoon van een gendarme. Hij groeide op in Venelles, een dorp in de buurt van Aix-en-Provence waar zijn vader tewerkgesteld was. Hij voelde zich al erg vroeg aangetrokken tot het acteren. Hij trok naar Parijs om er lessen te volgen aan het Conservatoire national supérieur d'art dramatique (CNSAD). Na zijn scholing werd hij een van de vaste waarden van het Théâtre de l'Odéon.

Marseille-trilogie[bewerken]

In 1928 vertolkte hij de hoofdrol in de komedie Chotard et Cie. Op een dag ging Marcel Pagnol op aanraden van zijn streekgenoot Raimu kijken naar Charpins acteerprestatie. Hij was immers op zoek naar een tweede acteur (zoals Raimu) met een wat gezet postuur, een openhartige natuurlijke manier van acteren én het 'accent du Midi' voor zijn nieuwe toneelstuk Marius. Charpin werd goed bevonden en Marius behaalde een daverend succes. Daarna volgde Fanny, het tweede luik van wat de Marseille-trilogie zou worden.

Film[bewerken]

Filmdebuut[bewerken]

Wanneer Pagnol in 1931 aankondigde dat hij zijn trilogie zou verfilmen vertolkte Charpin zijn rol van 'maître-voilier' ook op het grote scherm, zowel in de melodrama's Marius (1931) en Fanny (1932) als in César (1936), het derde luik dat eerst verfilmd werd en pas later als toneelstuk opgevoerd werd. In diezelfde periode tekende Jean Renoir met Chotard et Cie (1933) voor de verfilming van de komedie die tot Charpins filmdebuut geleid had. De filmcarrière van Charpin was gelanceerd.

Pagnol, Raimu, Fernandel et les autres[bewerken]

Pagnol, die ondertussen erg bevriend geworden was met Charpin, regisseerde hem eveneens in de komedies Le Gendre de monsieur Poirier (1933) en Le Schpountz (1938), en in de tragikomedies La Femme du boulanger (1938) en La Fille du puisatier (1940) waarin hij de affiche deelde met Raimu.

Charpin stond niet alleen zeven keer samen met zijn generatiegenoot Raimu op de filmset, hij verscheen ook acht keer aan de zijde van de jonge Fernandel, nog een streekgenoot, in komische films: Le Train de 8 heures 47 (1934), Ignace (1937), Le Schpountz, Berlingot et Compagnie (1939), La Fille du puisatier, La Nuit merveilleuse (1940), Un chapeau de paille d'Italie (1941) en La Cavalcade des heures (1943).

Naast zijn filmwerk voor Marcel Pagnol was Charpin ook te zien in verscheidene verfilmingen van werk van Alphonse Daudet, nog een literaire streekgenoot: het drama Sapho (1934), de komedie Tartarin de Tarascon (1934) waar hij weer speelde naast Raimu, die de titelrol voor zijn rekening nam en de drama's Le Petit Chose (1938) en L'Arlésienne (1942) (met Raimu).

Typische rollen[bewerken]

Charpin gaf gestalte aan militairen en politiemensen van alle rangen (kolonel, commandant, kapiteins, commissaris, gendarme, brigadiers). Hij was ook te zien in burgerlijke gezaghebbende functies zoals onderzoeksrechter, burgemeester (drie keer), schooldirecteur, pastoor. Hij speelde meermaals zaakvoerder (handelaars, kruideniers, hoteliers, herbergiers, winkeliers) en mannen die een vrij beroep uitoefenden zoals dokter of bankier. Ten slotte portretteerde hij dikwijls goedmenende vaderfiguren.

Filmgenres[bewerken]

De films waaraan Charpin zijn medewerking verleende waren overwegend komedies en tragikomedies. Niet zelden betrof het de verfilming van toneelstukken (waaronder drie van Eugène Labiche) en operettes (Trois de la marine, Au soleil de Marseille, ...). Hij voelde zich ook thuis in musicalfilms zoals Tourbillon de Paris (met de muzikale duizendpoot Ray Ventura in de hoofdrol).

Hij acteerde daarnaast in een aantal drama's. Julien Duvivier castte hem twee keer: in het drama La Belle Équipe (1936) was Charpin een gendarme en in de misdaadfilm Pépé le Moko (1937) was hij een verklikker, een heel atypische rol voor hem. De filmadaptaties van romans waarin hij meespeelde waren eveneens meestal drama's: de familiedrama's Les Anges noirs (naar François Mauriac, 1937) en Les Roquevillard (naar Henry Bordeaux, 1943), en de misdaadfilm Les Caves du Majestic (naar Georges Simenon, 1945). Vermeldenswaardig waren ook de komedies Tartarin de Tarascon (naar Alphonse Daudet) en Le Train de 8 heures 47 (naar Georges Courteline, 1934).

Privéleven[bewerken]

Charpin trouwde in 1913 met de actrice Gabrielle Doulcet (1890-1976). Hun huwelijk bleef kinderloos.

Hij overleed in 1944 op 57-jarige leeftijd aan de gevolgen van hartfalen.

Filmografie (selectie)[bewerken]

Publicatie[bewerken]

  • Claude Beylie, Raymond Chirat, Bernard Sourice et Bruno Villien: Fernand Charpin un grand second rôle, Aix-en-Provence, Institut de l'image, 1993