Fouttolerant

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De term fouttolerant geeft aan dat een systeem in staat is voorziene of onvoorziene fouten van het systeem zelf, of fouten die ontstaan door het falen of defect raken van onderdelen op een zo goed en veilig mogelijke manier op te vangen. Vooral bij sturende of bewakende systemen is deze eigenschap van belang, om bij uitval van het systeem de gebruiker geen vals gevoel van veiligheid te geven.

Hoewel niet helemaal correct (zie lemma "fail-safe"), worden de Engelse termen fail safe, fail-safe en failsafe in het Nederlands ook veelvuldig gebruikt. (De spelling is afhankelijk van de mate waarin, naar de inschatting van de schrijver, het begrip algemeen gebruikt of ingeburgerd is. Indien het woord als in het Nederlands ingeburgerd wordt beschouwd, dient het aaneen te worden geschreven.) Het Engelse fail roept iets sterkere associaties op met harde defecten en totale uitval van het functioneren dan het Nederlandse fout.

Voorbeelden[bewerken]

Een eenvoudig voorbeeld van fouttolerant ontwerpen is het plaatsen van een bout in een verticale boring met de kop aan de bovenkant en de moer aan de onderkant. Zo blijft de bout door de zwaartekracht nog in de verbinding hangen, indien de moer onverhoopt lostrilt. Was de plaatsing andersom geweest, dan zou de bout juist door diezelfde zwaartekracht uit het gat vallen.

Een veel complexer, maar meer tot de verbeelding sprekend voorbeeld is het hele meet- en regelsysteem van een kerncentrale, dat zo ingericht dient te zijn dat bij uitval van belangrijke componenten het systeem (de splijtingsreactie) automatisch terugvalt in een veilige operationele modus, of desnoods geheel tot stilstand komt.

Meer voorbeelden van fouttolerante of failsafe systemen zijn:

  • De beveiliging van een spooroverweg en de werking van een spoorwegsein.
  • De aquastop op de toevoerkraan, die voorkomt dat water blijft stromen indien de (af)wasmachine lek raakt.
  • Het elektronisch slot dat, al naar gelang van de wenselijkheid, opengaat of juist sluit als de stroom uitvalt.
  • De waakvlam of de thermoklep in een gasfornuis, waarbij de gastoevoer automatisch wordt afgesloten als de vlam door wind of tocht wordt uitgeblazen.
  • De dodemansknop op zware machinerie, die ervoor zorgt dat de machine bij "wegvallen" van de bestuurder of machinist wordt afgeschakeld.
  • De opslag of overdracht van digitale gegevens met ingebouwde redundantie (CRC of ECC), zoals op (audio-)CD's om krassen en dergelijke op te vangen.
  • RAID-systemen voor schijfopslag in een computeromgeving.
  • Watchdog-schakelingen of -timers in (microcontrollergestuurde) elektronische systemen, die automatisch het systeem herstarten als het elektronisch of logisch 'vastloopt', waardoor de watchdog niet op tijd wordt teruggesteld en herstart.

Zie ook[bewerken]

Trivia[bewerken]

Er is een beroemde film van Sidney Lumet uit 1964 met de titel Fail-Safe (naar een gelijknamige roman uit 1962) waarin door een ietwat onjuiste interpretatie van het begrip Fail-Safe bommenwerpers niet meer teruggeroepen kunnen worden van een aanvalsmissie. Maar die missie is gestart vanwege een door technisch falen foutief geïnterpreteerde opdracht. De bommenwerpers dreigen nu een totale nucleaire oorlog te veroorzaken.