Gravure

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Albrecht Dürer, Melencolia (gravure)
Een ingekleurde gravure van Marie-Antoinette
Staalgravure uit 1853

Een gravure is een afdruk in diepdruk-techniek van een afbeelding of een tekst die in een metalen plaat is gegraveerd (gekrast). Anders dan bij een ets, waarbij de tekening door zuurinwerking wordt verkregen, wordt bij een gravure de afbeelding direct in de plaat gekrast.

Graveren als druktechniek vind zijn oorsprong in Duitsland rond 1430. De gravure is de voorganger van de ets. Ze wordt gemaakt op een metalen plaat van koper, staal of zink. Scherpe beitels zorgen voor de lijnvoering. Een graveur bewerkt de metalen plaat waarvan de gravure een afdruk is. Hij tekent rechtstreeks op de metalen ondergrond met behulp van een burijn, een instrument dat aan het einde is afgeschuind met drie zijden. Om te voorkomen dat de graveur zich zou verwonden, wordt de plaat op een met zand gevulde zak gelegd. Door bij bochten de plaat te draaien kan de graveur van zich af blijven steken.Vanwege de hardheid van het materiaal (koper of staal) wordt de gravure gekenmerkt door haar enigszins hoekige karakter. Zilvergravures en goudgravures zijn ook mogelijk.

De gravure veroverde al snel haar plaats binnen de beeldende kunst. Het voordeel van deze reproductietechniek was dat zij in een hoge oplage kon worden gedrukt. Door de oplage was een prent (verzamelnaam voor alle handgedrukte vormen van beeldende kunst) aanzienlijk goedkoper dan een schilderij. De ontwikkeling van de prentkunst is niet alleen beeldend, maar ook sociaal interessant. Zij opende voor veel mensen die niet het vermogen hadden een schilderij te kopen, de mogelijkheid het huis te versieren.

Behalve metaal is glas ook heel goed te graveren. Glasgraveren wordt door bedrijven tegenwoordig veelal met een laser gedaan, maar ook door middel van diamantfrezen.

Hobbyisten graveren vaak met een Dremel. Professionele graveurs doen het met de hand en een graveerstichel of met een frees. Deze graveurs noemt men meester-graveurs. In de 15e eeuw werden de kopergravures nog alleen door edelsmeden gemaakt, aangezien zij de techniek van het graveren in hard metaal machtig waren bij het decoreren van allerhande voorwerpen. In de 19e eeuw werden veel staalgravures gemaakt. Zij dienden als illustratiemateriaal in boeken. Staal is hard en een staalgravure kon in een praktisch onbeperkte oplage worden gedrukt. Gezien de grote oplages hebben staalgravures dan ook weinig waarde. Hoewel staalgravures direct te herkennen zijn aan hun grijze toon, worden zij vaak met een ets verward.

De twee eerste gedateerde gravures (1398) zijn te vinden in het museum te Colmar in Frankrijk.

Het graveren met een frees is een verspanende techniek in tegenstelling tot etsen en krassen.

De afkorting 'del.' die men wel op gravures aantreft, komt van het Latijnse deliniavit = (hij) heeft het getekend.

Zie ook[bewerken]