Inge Meysel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Inge Meysel
Berliner Gedenktafel Heylstr 29 (Schön) Inge Meysel.jpg
Algemene informatie
Geboren Rixdorf, 30 mei 1910
Overleden Seevetal-Bullenhausen, 10 juli 2004
Land Vlag van Duitsland Duitsland
Werk
Beroep Actrice
(en) IMDb-profiel
Portaal  Portaalicoon   Film

Inge Meysel (Rixdorf (nu Berlin-Neukölln), 30 mei 1910Seevetal-Bullenhausen, 10 juli 2004) was een Duitse theater- en televisieactrice.

Jeugd en opleiding[bewerken]

Inge Meysel was de dochter van de Duits-Joodse middenstander Julius Meysel en zijn Deense echtgenote Margarete Hansen. Op 17-jarige leeftijd beëindigde ze voortijdig haar school en begon in 1930 met haar theatercarrière in Zwickau, Berlijn en Leipzig. Ze stond voor de eerste keer op het podium op 3-jarige leeftijd in de opera Hänsel und Gretel als engel. Haar debuut was in 1930 in Zwickau bij de première van Etienne und Luise van Ernst Penzoldt. In de periode van 1933 tot 1945 had ze als halfjoodse een verbod tot optreden. Een religieuze bekentenis van de actrice is echter niet gedocumenteerd. Ze ging naar de vrije stad Danzig en werkte daar als telefoniste en technisch tekenaar. Haar vader werd onteigend en overleefde de periode tot 1945 in een schuilkelder, nadat hij met geluk een deportatie wist te ontlopen. Reinhard Heydrich persoonlijk gelastte zijn vrijlating als oorlogsslachtoffer van de Eerste Wereldoorlog.

Carrière[bewerken]

In 1945 kwam de toen 35-jarige Meysel bij Willy Maertens bij het Thalia Theater in Hamburg. De rol, die haar in 1959 de bijnaam "Mutter der Nation" opleverde, was oorspronkelijk bedacht voor Grethe Weiser in het Berlijnse volksstuk Fenster zum Flur, waarin de portiersvrouw Anni Wiesner centraal stond. Vanaf de jaren 60 stond de televisie in het middelpunt van haar carrière. Bekend werd ze vooral door haar rol van Käthe Scholz in de tv-serie Die unverbesserlichen (1965 tot 1971). Ook door de tv-serie Gertrud Stranitzki (1965) werd haar populariteit steeds groter. In deze amusementsserie uit de pen van Curth Flatow speelde ze een kleermaakster, die zich niet alleen om haar man, maar ook om de medewerkers en klanten bekommerde. In 2004 was ze te zien als hoofdrolspeelster in een nieuwe film in de reeks Polizeiruf 110.

Politieke- en andere activiteiten[bewerken]

Haar eerste openbare optreden had Inge Meysel met een toespraak tegen de doodstraf op een manifestatie van de Berlijnse Jungdemokraten. Aan het einde van de jaren 20 wisselde ze naar de Jungsozialisten. Ze was tevens een fervente naturiste.

In 1972 ondersteunde ze de kandidatuur van Willy Brandt en in 1978 behoorde ze met acht andere vrouwen tot de aanklaagsters in het zogenaamde sexisme-proces tegen de Stern. In 1981 weigerde ze het Bundesverdienstkreuz. Ze ondersteunde de strijd tegen aids door optredens bij benefietevenementen. Door haar open en directe aard was ze bij homo's en lesbiennes erg geliefd. In januari 1987 sprak ze in een interview over haar lesbische ervaring en liefdesrelatie met een vrouw. In 1991 trad ze in het voetlicht als prominente bij de "Deutsche Gesellschaft für Humanes Sterben". Politiek zette ze zich jarenlang in voor de SPD, later ook voor de voormalige Bondsdagafgevaardigde Angela Marquardt, toenmalig lid van de PDS, nu SPD, die ze ondersteunde met geld voor een studie.

Privéleven en overlijden[bewerken]

Inge Meysel leed sinds 2003 aan ouderdomsdementie, maar speelde desondanks in het voorjaar van 2003 in een aflevering van Polizeiruf 110 mee, waarin ze met 92 jaar de resolute oma Kampnagel vertolkte. In april 2004 liep ze een gecompliceerde breuk op van het rechterbovenbeen, die met een noodoperatie werd gestabiliseerd. Inge Meysel overleed op 10 juli 2004 op 93-jarige leeftijd in haar huis in Bullenhausen in Nedersaksen. Haar urn werd bijgezet op het kerkhof van Ohlsdorf in Hamburg naast haar in 1965 overleden echtgenoot John Olden.

Onderscheidingen[bewerken]

In 1975 kreeg Inge Meysel van de Berlijnse regerende burgemeester Klaus Schütz als eerbetoon voor haar prestaties een waardevolle porseleinschaal overhandigd uit de KPM. Enkele jaren later (1991) kreeg ze de Ernst Reuter-Plakette overhandigd. Aan het langjarige woonhuis van de actrice in Berlin-Schöneberg liet de Berlijnse senaat op 10 juli 2014 een gedenksteen aanbrengen

  • Elf maal de Bravo Otto (zes keer goud, vier keer zilver en eenmaal brons) publieksprijs van het jeugdtijdschrift Bravo (1961–1972)
  • Zes maal de Bambi, mediaprijs van de Hubert Burda Medien (1968, 1970–1973, 1990)
  • Goldener Bildschirm (1966)
  • Goldene Kamera (1965 en voor het levenswerk 1999)
  • Goldener Vorhang van de Berlijnse theaterclub Die Hebamme (1975/76)
  • Silberner Bildschirm (1966 en 1967)
  • Bundesverdienstkreuz (1981, de toekenning werd door Meysel geweigerd)
  • Silbernes Blatt van de Dramatiker-Union (1985)
  • Boy-Gobert-Preis: Ehrenmaske met briljanten
  • Hamburger Medaille für Kunst und Wissenschaft (1990)
  • Zilveren Ernst-Reuter-Plakette van de stad Berlijn (1991)
  • Deutscher Fernsehpreis (2000)
  • Telestar-Sonderpreis voor het levenswerk (1995)

Filmografie (selectie)[bewerken]

  • 1948: Liebe 47
  • 1950: Taxi-Kitty
  • 1950: Der Fall Rabanser
  • 1951: Sensation in San Remo
  • 1952: Tanzende Sterne
  • 1952: Die Stimme des Anderen
  • 1955: Des Teufels General
  • 1956: Ein Mann muß nicht immer schön sein
  • 1957: Dr. Crippen lebt
  • 1958: Das Mädchen vom Moorhof
  • 1958: Immer die Radfahrer
  • 1958: Nasser Asphalt
  • 1958: Bobby Dodd greift ein
  • 1959: Rosen für den Staatsanwalt
  • 1959: Liebe verboten – Heiraten erlaubt
  • 1960: Das Fenster zum Flur
  • 1961: Schau heimwärts, Engel
  • 1961: Im 6. Stock
  • 1961: Blond muß man sein auf Capri
  • 1961: Ihr schönster Tag
  • 1962: Der Biberpelz
  • 1962: Der rote Hahn
  • 1963: Stadtpark
  • 1964: Ein Frauenarzt klagt an
  • 1964: Der Prozess Carl von O.
  • 1965: Die eigenen vier Wände
  • 1965–1971: Die Unverbesserlichen
  • 1964: Die fünfte Kolonne (tv-serie, een aflevering: Tivoli)
  • 1965–1967: Gertrud Stranitzki (tv-serie 13 afleveringen)
  • 1967: Wenn der junge Wein blüht
  • 1969: Die Ratten
  • 1969–1970: Ida Rogalski (tv-serie 13 afleveringen)
  • 1969: Wehe dem, der erbt
  • 1970: Keiner erbt für sich allein
  • 1971: Kinderheim Sasener Chaussee (tv-serie, zes afleveringen)
  • 1974: Orpheus in der Unterwelt
  • 1974: Eine geschiedene Frau
  • 1977: Endstation Paradies
  • 1979: St. Pauli-Landungsbrücken (tv-serie)
  • 1980: Bühne frei für Kolowitz
  • 1981: Die kluge Witwe
  • 1981: Der rote Strumpf
  • 1982: Ein Kleid von Dior
  • 1983: Wie war das damals?
  • 1984: Die Dame und die Unterwelt
  • 1984: Wassa Schelesnowa
  • 1984: Das Geschenk
  • 1984: Mrs. Harris – Freund mit Rolls-Royce
  • 1985: Grenzenloses Himmelblau
  • 1985: Derrick (tv-serie, een aflevering)
  • 1986: Vertrauen gegen Vertrauen
  • 1987: Mrs. Harris fährt nach Moskau
  • 1988: Neapel sehen und erben
  • 1988: Spätes Glück nicht ausgeschlossen
  • 1990: In inniger Feindschaft
  • 1990: Die Richterin
  • 1990: Kein pflegeleichter Fall
  • 1991: Taxi nach Rathenow
  • 1995: Polizeiruf 110: 1A Landeier
  • 1995: Polizeiruf 110: Roter Kaviar
  • 1996: Polizeiruf 110: Kurzer Traum
  • 1997: Polizeiruf 110: Gänseblümchen
  • 1997: Forsthaus Falkenau (tv-serie, een aflevering)
  • 1997: Guppies zum Tee
  • 1998: Das vergessene Leben
  • 1999: Die blauen und die grauen Tage
  • 1999: Großstadtrevier (tv-serie, een aflevering)
  • 2000: Oh Tannenbaum
  • 2000: Tatort: Blaues Blut
  • 2001: Die Liebenden vom Alexanderplatz
  • 2004: Polizeiruf 110: Mein letzter Wille

Externe link[bewerken]