Metallisch waterstof

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Metallisch waterstof ontstaat wanneer vloeibaar waterstof bij zeer hoge druk (meer dan 3 miljoen atmosfeer) wordt gebracht, waardoor het in een toestand kan geraken waarbij het de eigenschappen van een metaal krijgt. Het overgrote deel van de elektronen is niet langer meer aan de atoomkernen gebonden en kan zich vrijelijk door het materiaal verplaatsen, dat daardoor een goede geleider van elektrische stroom wordt.

Metallisch waterstof komt in ons zonnestelsel voor in de planeten Jupiter en Saturnus. Deze planeten hebben hun sterke magnetische veld te danken aan hun mantel van metallisch waterstof, die zich bevindt tussen hun uit nikkelijzer en silicaten (steen) opgebouwde kern en een oceaan van moleculair waterstof en helium, die op zijn beurt geleidelijk overgaat in de atmosfeer.

Waarschijnlijk heeft het metallisch waterstof een hoge temperatuur (enkele duizenden graden Celsius; het inwendige van de reuzenplaneten is namelijk heel heet, in tegenstelling tot de ijskoude bovenlaag van de atmosfeer) en is het gemengd met losse atomen helium, zuurstof, koolstof en stikstof (waarvan de laatste drie afkomstig zijn van uiteengevallen water-, methaan- en ammoniak-moleculen).

Zie ook[bewerken]