Nikon van Moskou

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Patriarch Nikon

Nikon van Moskou (Russisch: Ни́кон; Oudrussisch: Нїконъ) Geboren als Nikita Minin (Russisch: Никита Минин) (Valmanovo, 7 mei 160517 augustus 1681) was een Russische geestelijke. Hij was van 1652 tot 1666 de zevende patriarch van de Russisch-orthodoxe Kerk.

In 1667 bracht hij een scheuring in de Russisch-orthodoxe Kerk teweeg door zijn introductie van kerkhervormingen. In Kiev was de intellectuele invloed van de Rooms-katholieke Kerk sterk aanwezig in educatieve structuren aldaar en drongen Oekraïense geestelijken gaandeweg door in leidende kringen van Moskou. Zij behoorden tot een andere jurisdictie van de Russisch-orthodoxe Kerk die gaandeweg haar kerkelijke tradities had geüniformeerd met de Grieks-orthodoxe Kerk. In Rusland werd men er door geestelijken uit het Midden-Oosten op gewezen dat de Russische traditie afweek van de praktijk van de andere Orthodoxe kerken. Patriarch Nikon voerde, met steun van tsaar Aleksej Michajlovitsj (1629-1676) kerkhervormingen door, waaraan volgens vele historici imperiale ambities ten grondslag lagen. De uniformering van de Russische kerk met de overige orthodoxe kerken zou in dienst hebben gestaan het streven alle orthodoxe gelovigen in de destijds door het Ottomaanse Rijk bezette gebieden te bevrijden, waarna een groot orthodox rijk zou worden gevormd, waarvan de tsaar de keizer zou worden en Nikon de patriarch van Constantinopel zou worden - de eerste onder de overige patriarchen.

De riten en teksten van de Russische kerk moesten worden aangepast aan die van de toenmalige Grieks-orthodoxe Kerk. Dit riep grote weerstand van zowel de gelovigen en de geestelijkheid op, die de legitimiteit en juistheid van deze Nikons kerkhervormingen bestreden. Het kwam tot een felle strijd en een pijnlijke scheuring (schisma) in 1667. Vanaf dat moment bestonden er twee kerken: een officiële kerk enerzijds en de zogenoemde oudgelovigen anderzijds. Deze situatie bestaat nog steeds.

De hervormde Kerk van Nikon werd de officiële kerk, waarvan, nadat tsaar Peter de Grote het patriarchaat had afgeschaft en vervangen had door de zogenoemde Heilige Synode, de Russische tsaar het hoofd werd. Nadat de verhouding tussen patriarch Nikon en tsaar Aleksej Michajlovitsj was verslechterd, verliet Nikon Moskou met de gedachte dat de tsaar zich zou bedenken en hem zou uitnodigen het ambt van patriarch weer te bekleden. Dit gebeurde evenwel niet en uiteindelijk werd Nikon op het concilie van 1666-1667 uit zijn ambt gezet en verbannen. Op dit concilie werden de door hem geëntameerde kerkelijke hervormingen bekrachtigd en lag de weg naar verwesterlijking vrij, want in de kerk was na het schisma geen weerstand meer. Dit alles had tot resultaat dat één van de steunpilaren van de staat (een sterke kerk) was weggevallen en zich westerse invloeden konden doen gelden in de Russisch-orthodoxe Kerk. Deze invloed werd zichtbaar in onder andere de theologie, kerkzang, iconenkunst en architectuur.

Patriarch Nikon is tot op heden een omstreden persoonlijkheid. Door sommigen wordt hij als de hoofdschuldige van het schisma van 1666-67 gezien, anderen zijn van mening dat hij ten onrechte belasterd is en roemen hem om zijn politieke inzichten en daadkracht.