Non-disjunctie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

We spreken van non-disjunctie (niet uiteengaan) van chromosoomparen als ze niet op de juiste manier uiteengaan tijdens de celdeling. Het is een biologische term die duidt op een onjuiste verdeling van de chromosomen tijdens een meiose- of mitosedeling. Bij 4n krijgen normaal beide cellen tijdens de deling twee chromosomen toegedeeld. Bij non-disjunctie kan dit een andere verdeling geven zoals Cel A: 1 chromosoom met Cel B: 3 chromosomen.

Ter gevolge hiervan kunnen ernstige mutaties optreden in de cel. In de biotechnologie wordt hier gebruik van gemaakt. Door een bepaalde stof toe te dienen (bijvoorbeeld colchicine) kan de deling zo beïnvloed worden dat alle chromosomen naar 1 cel gaan. Dan krijgt elke cel in de plant als ware een dubbel aantal chromosomen, wat mogelijk grotere bladeren en vruchten als gevolg heeft. Dit wordt dan een tetraploïde plant genoemd.

Voorbeelden van fenomenen ten gevolge van non-disjunctie zijn het syndroom van Down en het syndroom van Klinefelter. In 95% van de gevallen is het syndroom van Down te wijten aan een non-disjunctie tijdens de meiose [1].

Noten[bewerken]

  1. Uit Thompson & Thompson - Genetics in Medicine 2007.