Plantijn

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Drukpers in het huidige Plantin-Moretusmuseum

Boekdrukkerij Plantijn werd in 1555 in Antwerpen gesticht door Christoffel Plantijn, die eigenlijk een Fransman was en zich in 1548 of 1549 in de Scheldestad vestigde. Het bedrijf werd een van de grootste boekdrukkerijen van Europa.

Plantijn was een handig zakenman en drukte boeken voor humanisten, katholieken en protestanten. Hij werkte niet alleen voor de Spaanse koning Filips II maar ook voor Justus Lipsius, de belangrijkste humanist na Erasmus. De drukkerij Plantijn verwierf het monopolie voor de druk en uitgave van missalen en brevieren voor alle landen onder de Spaanse kroon. Ander belangrijke werken waren het Dictionarium Tetraglotton (1562) een woordenboek met Latijnse, Griekse, Nederlandse en Franse woorden. In 1568-1572 werd door het huis Plantijn de Biblia Regia in vijf talen en in acht delen gedrukt. In 1573 verscheen Thesaurus Theutonicae linguae. Schat der Neder-dutscher spraken, het eerste Nederlandstalige woordenboek. Een van de auteurs was Cornelius Kiliaan, die in de drukkerij werkzaam was als proeflezer en corrector.

Na de dood van Plantijn in 1589 werd de boekdrukkerij overgenomen door zijn schoonzoon Jan I Moretus. Vanaf deze tijd werden er voornamelijk nog boeken gedrukt voor de katholieke Contrareformatie. In 1866 werd de drukkerij gesloten en werd het in 1876 een museum, het Plantin-Moretusmuseum, dat in 2005 door de UNESCO werd opgenomen op de lijst van het werelderfgoed.


Stamboom[bewerken]

Balthasar III Moretus door Jacob Van Reesbroeck

De stamboom van de familia Plantijn-Moretus. In het vet de opeenvolgende meesters van de Officina Plantiana.

  • Christoffel Plantijn (1520–1589) huwde Jeanne Rivière in ca. 1545-1546; zij haden vijf dochters en een zoon Christoffel (1566-1570) die echter erg jong stierf
    • Margaretha (1547-1594) huwde Franciscus Raphelengius, die de afdeling in Leiden leidde. Deze bleef nog twee generaties bestaan tot 1619.
    • Martina (1550-1616) huwde Jan I Moretus (Johann Moerentorf) (1543–1610) in 1570; zij hadden tien kinderen
      • Balthasar I Moretus (1574–1641)
      • Jan II Moretus (1576–1618) huwde Maria De Sweert; zij haden zes kinderen
        • Balthasar II Moretus (1615–1694) huwde Anna Goos; zij hadden twaalf kinderen
        • Balthasar III Moretus (1646–1696) huwde Anna Maria de Neuf; zij hadden negen kinderen
          • Balthasar IV Moretus (1679–1730) huwde Isabella Jacoba De Mont (or De Brialmont); zij haden acht kinderen
            • Joannes Jacobus Moretus (1690–1757) huwde Theresia Mechtildis Schilder; zij hadden negen kinderen
            • Franciscus Joannes Moretus (1717–1768) huwde Maria Theresia Josepha Borrekens, die de leiding overnam tot 1797. Zij hadden dertien kinderen
              • Jacobus Paulus Josephus Moretus (1756–1808)
              • Ludovicus Franciscus Xaverius Moretus (1758–1820)
              • Frans-Jozef Moretus (1760–1814)
              • Josephus Hyacinthus Moretus (1762–1810) huwde Maria Henrica Coleta Wellens; zij hadden acht kinderen
                • Albertus Franciscus Hyacinthus Fredericus Moretus (1795–1865)
                • Eduardus Josephus Hyacinthus Moretus (1804–1880). Hij verkocht het pand aan de stad Antwerpen in 1876, nadat het laatste boek in 1866 gedrukt werd, met als doel het open te stellen als museum.
    • Catharina Plantijn (1553-1622)
    • Magdalena Plantijn (1557-1599) huwde Gilles Beys, die de Franse afdeling leidde. Deze bleef nog een generatie bestaan.
    • Henrica Plantijn (1561/1562-1640)