Schots voetbalelftal

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Schotland
Vlag van Schotland
FIFA-ranglijst 59 Gestegen 8 (april 2017)
Hoogste ranking 13e (oktober 2007)
Laagste ranking 88e (maart 2005)
Associatie Scottish Football Association
Bondscoach Gordon Strachan
Stadion Hampden Park, Glasgow
Meeste interlands Kenny Dalglish (102)
Topscorer Kenny Dalglish
Denis Law (30)
Wedstrijden
Eerste interland:
Vlag van Schotland Schotland 0–0 Engeland Vlag van Engeland
(Glasgow, Schotland; 30 november 1872)
Grootste overwinning:
Vlag van Schotland Schotland 9–0 Wales Vlag van Wales
(Glasgow, Schotland; 23 maart 1878)
Grootste nederlaag:
Vlag van Uruguay Uruguay 7–0 Schotland Vlag van Schotland
(Bazel, Zwitserland; 19 juni 1954)
Wereldkampioenschap
Optredens 8 (eerste keer: 1954)
Beste resultaat Eerste ronde (1954, 1958,
1974, 1978, 1982, 1986,
1990, 1998)
Europees kampioenschap
Optredens 2 (eerste keer: 1992)
Beste resultaat Eerste ronde (1992, 1996)
Thuis
Uit
Portaal  Portaalicoon   Voetbal

Het Schots voetbalelftal is een team van voetballers dat Schotland vertegenwoordigt in internationale wedstrijden. De bijnaam van de supporters is de "Tartan Army". Dit is afgeleid van de kilts die traditioneel een bepaald patroon van Schotse ruiten (een tartan) hebben, en 'Army' betekent 'leger'. De supporters noemen zich ook wel "Ally's Army" naar Ally MacLeod, de trainer van Schotland tijdens het wereldkampioenschap voetbal 1978.

Geschiedenis[bewerken]

De beginjaren[bewerken]

In 1872 vond de eerste voetbalinterland ooit plaats, Schotland en Engeland speelden tegen elkaar doelpuntloos gelijk. Schotland verloor twee van de eerste 43 interlands, de twee nederlagen waren allebei tegen Engeland. In 1903 verloor het zijn eerste interland tegen een ander team, er werd een 2-0 nederlaag geleden tegen Ierland. Tussen 1874 en 1904 was Schotland volgens de Elo-wereldranglijst voetbal het sterkste voetballand van de wereld. In het seizoen 1883/1884 vond de eerste interland-competitie plaats, het British Home Championship met als tegenstanders Engeland, Wales en in eerste instantie Ierland, later Noord-Ierland. Schotland won tot 1904 24 keer de titel, waarvan 17 keer een gedeelde plaats. De competitie duurde voort tot het seizoen 1983/1984, Schotland won de titel 41 keer, waarvan 17 keer een gedeelde plaats. De eerste interland buiten het Verenigde Koninkrijk was in 1929 tegen Noorwegen, er werd met 7-3 gewonnen. De FA-bond leefde in onmin met de FIFA over het toelaten van profspelers in internationale toernooien en daarom kon Schotland zich niet inschrijven voor de eerste drie WK's in de jaren dertig.

1950 - 1958 Eerste twee WK's zonder succes[bewerken]

Vanaf 1949 schreven de Britse landen zich in bij de FIFA en deden mee aan de kwalificatie voor het WK van 1950. De FIFA besloot een groep op te zetten met alle Britse ploegen bij elkaar, waarvan de eerste twee landen zich zouden plaatsen. De Schotse voetbalbond besloot alleen naar Brazilië te gaan als Schotland eerste werd. Schotland werd tweede na een 0-1 nederlaag tegen Engeland en de Schotse Bond bleef bij hun standpunt. In plaats van deel te nemen aan het WK maakte Schotland een tour door Noord-Amerika.

Voor het WK van 1954 waren de regels hetzelfde, een tweede plaats in een Britse groep zou genoeg zijn voor plaatsing. Een overwinning op Noord-Ierland, een gelijkspel tegen Wales en een nederlaag tegen Engeland was genoeg voor de tweede plaats en nu ging de ploeg wel naar het WK. Erg serieus nam Schotland het WK nog steeds niet, slechts 13 spelers gingen mee naar Zwitserland, terwijl 22 spelers waren toegestaan. De eerste wedstrijd tegen Oostenrijk werd met 1-0 verloren en enkele uren voor de beslissende wedstrijd tegen Uruguay nam manager Andy Beattie ontslag. Schotland leed tegen de regerende wereldkampioen zijn grootste nederlaag in zijn historie: 7-0.

Schotland begon de kwalificatie voor het WK van 1958 sterk met een 4-2 overwinning op Spanje (drie treffers van Jackie Mudie) en een 1-2 overwinning in Zwitserland. Aangezien Spanje en Zwitserland gelijk speelden in Madrid had Schotland een ruime voorsprong in de beslissende wedstrijden. Na een 4-1 nederlaag tegen Spanje stelde Schotland kwalificatie zeker dankzij een 3-2 zege op Zwitserland. De coach van Manchester United Matt Busby zou Schotland begeleiden tijdens het WK in Zweden, maar Busby was nog verzwakt van zijn verwondingen tijdens de vliegramp van München waar bijna de voltallige selectie van Manchester United overleed. Schotland begon het WK met een 1-1 gelijkspel tegen Joegoslavië, maar door nederlagen tegen Paraguay en Frankrijk was de ploeg in de eerste ronde uitgeschakeld.

1958 - 1972 Gemiste kansen op kwalificaties[bewerken]

Schotland schreef zich niet in voor de EK's van 1960 en 1964. Voor het WK van 1962 was het land in een felle strijd verwikkeld met Tsjecho-Slowakije, beide landen wonnen ruim van Ierland. Schotland verloor met 4-0 in Bratislava en in Glasgow leek de strijd beslist, toen de Tsjechen een 2-1 voorsprong namen. Twee treffers van de bij Manchester United spelende Denis Law zorgde voor een 3-2 zege en een beslissingswedstrijd in Brussel moest de beslissing brengen. Nu waren de rollen omgedraaid, de Schotten stonden vlak voor tijd met 1-2 voor door twee treffers van Ian St John. Namens de Tsjechen zorgde Adolf Scherer voor de gelijkmaker, waarna de Tsjechen in de verlengingen toesloegen: 4-2. Tsjecho-Slowakije zou op dat WK de finale halen.

Voor het WK in 1966 was er opnieuw een pittige tegenstander in de voorronde: Italië. Voor de beslissende wedstrijden tegen de tweevoudige wereldkampioenen werden er punten verspild tegen Polen (1-1 in Warschau, 1-2 in Glasgow). De Italianen wonnen hun thuiswedstrijd tegen Polen met 6-1 en hadden een voordeel van twee punten op de Schotten. In de thuiswedstrijd bleef de hoop levend dankzij een late treffer van John Greig, maar in Napels was Schotland kansloos: 3-0.

In 1967 maakte Celtic Glasgow veel furore door als eerste niet-Latijnse club de Europa Cup I te winnen. Bovendien was Denis Law uitgegroeid tot één van de dragende spelers van Manchester United, dat een jaar later de belangrijkste Europa Cup zou winnen. De UEFA haalde een oud idee van de FIFA uit de kast door alle Britse ploegen een voorronde te laten vormen. Schotland verspilde een punt tegen Wales, maar nam de leiding in de groep door de kersverse wereldkampioen Engeland met 2-3 te verslaan in het Wembley Stadium. Vier van de vijf treffers vielen in de laatste vijftien minuten. De voetballers van Schotland noemden zich na deze overwinning voor de grap "onofficieel wereldkampioen", omdat ze de eersten waren die van de kersverse wereldkampioen hadden gewonnen. Die verzonnen status raakten de Schotten weer kwijt toen ze hun volgende wedstrijd verloren van de Sovjet-Unie, vanaf dat moment de nieuwe "onofficiële wereldkampioen"[1]. Omdat Schotland met 1-0 verloor van Noord-Ierland en Engeland alle wedstrijden van Wales en Noord-Ierland won moest Schotland in Glasgow opnieuw van Engeland winnen om de kwartfinales te halen. Voor meer dan 134.000 toeschouwers (een record in het Europese voetbal) eindigde de wedstrijd in een 1-1 gelijkspel en Schotland was uitgeschakeld met één punt verschil.

Loting voor het WK van 1970 leverde opnieuw een pittige tegenstander op: West-Duitsland, ex-wereldkampioen en verliezend finalist in 1966. Celtic was nog een steeds een topteam in Europa, het haalde in 1970 opnieuw de finale van de Europa Cup I (2-1 verlies tegen Feyenoord). In Glasgow zorgde Bobby Murdoch voor een late gelijkmaker tegen de Duitsers, de voorlaatste wedstrijd in de groep, uit tegen de Duitsers in Hamburg was beslissend. Vlak voor tijd scoorde Reinhard Libuda de winnende treffer: 3-2 en de Duitsers konden de tickets naar Mexico bestellen.

Het kwalificatie-toernooi voor het EK van 1972 was geen succes, Schotland won al hun thuiswedstrijden met één goal verschil, maar presteerde ondermaats in de uitwedstrijden. Alle drie wedstrijden gingen verloren, pijnlijk waren een 3-0 nederlaag tegen België en een 1-0 nederlaag tegen het in die jaren kleine voetballand Denemarken.

1972 - 1990 Vijf WK's op een rij[bewerken]

Net als in 1962 was Tsjecho-Slowakije de voornaamste concurrent voor het WK in 1974. Schotland won twee maal van Denemarken, terwijl de Tsjechen in Kopenhagen niet verder kwamen dan 1-1. Bij winst in de thuiswedstrijd zou Schotland zich plaatsen en de bij Leeds United spelende Joe Jordan zorgde voor de winnende treffer. Plaatsing voor het WK gaf extra cachet, omdat Engeland zich niet wist te plaatsen. Schotland begon het toernooi in West-Duitsland met een 2-0 zege op Zaïre. De wedstrijd tegen regerend wereldkampioen Brazilië eindigde in een doelpuntloos gelijkspel, mede doordat de Schotse aanvoerder Billy Bremner van dichtbij miste. Omdat Joegoslavië met 9-0 van Zaïre won moest Schotland winnen om de tweede ronde te halen. Schotland kwam niet verder dan een 1-1 gelijkspel en omdat Brazilië met 3-0 van Zaïre won was Schotland uitgeschakeld door een slechter doelsaldo. Achteraf was Schotland het enige land van de zestien deelnemende teams dat geen wedstrijd verloor. Denis Law nam afscheid van het Schotse team

Opnieuw was Tsjecho-Slowakije tegenstander om het WK te halen, dit keer in 1978. Schotland verloor de eerste wedstrijd met 2-0 van de kersverse Europese kampioen, maar Tsjecho-Slowakije verslikte zich opnieuw tegen een mindere tegenstander; Wales versloeg de concurrent met 3-0. Na een 3-1 zege op de Tsjechen was de uitwedstrijd tegen Wales beslissend, de wedstrijd werd gespeeld in Liverpool vanwege massale belangstelling. Schotland won met 0-2 en was opnieuw het enige Britse team dat zich plaatste. De ploeg had een sterke generatie met spits Kenny Dalglish en middenvelder Graeme Souness van FC Liverpool als belangrijkste exponenten. Het zelfvertrouwen bij de Schotten was groot met niet hoog aangeschreven tegenstanders als Peru en Iran op het WK in Argentinië. Tegen Peru ging het mis: Deon Masson miste bij een 1-1 stand een strafschop, waarvan Teófilo Cubillas de wedstrijd besliste met sterke individuele acties: 1-3. Tot overmaat van ramp werd Willy Johnstone geschorst vanwege gebruik van een verboden middel tegen hooikoorts. De wedstrijd tegen Iran eindigde in een 1-1 gelijkspel en Schotland moest met drie treffers verschil van WK-finalist Nederland winnen om de tweede ronde te halen. Dit resultaat lag binnen handbereik, nadat Archie Gemell met een slalom de Schotten op een 3-1 voorsprong bracht. Nederland wankelde, maar een afstandschot van Johnny Rep zorgde ervoor, dat Schotland opnieuw op doelsaldo de tweede ronde niet haalde.

Schotland plaatste zich zonder veel problemen voor het WK in 1982 in Spanje. Samen met Noord-Ierland eindigde het boven Portugal en Zweden, pas op de laatste speeldag werd er een nederlaag geleden. In Malaga werd met 5-2 gewonnen van Nieuw Zeeland, tegen Brazilië nam Schotland een 0-1 voorsprong, maar het team rond sterren als Zico, Sócrates en Falcao overspeelde daarna de Schotten: 4-1. Schotland moest nu winnen van de de Sovjet-Unie, maar in een wisselende wedstrijd werd met 2-2 gelijk gespeeld. Schotland kwam in de eerste helft met 1-0 voor, maar in de tweede helft trok de Sovjet-Unie de achterstand recht met een 2-1 voorsprong. Vlak voor tijd scoorde Souness de gelijkmaker, maar Schotland was voor de derde achtereenvolgende keer uitgeschakeld op doelsaldo.

De start om het WK weer te halen was goed met een 3-1 zege op Spanje, maar nederlagen in de return en thuis tegen Wales zorgde voor spanning. Op de laatste speeldag stonden Schotland, Spanje en Wales gelijk in punten, Spanje zou winnen van IJsland, Schotland speelde de uitwedstrijd tegen Wales. Hughes zette Wales op voorsprong, maar in de 80e minuut scoorde Davie Cooper uit een strafschop de gelijkmaker. De spanning van de wedstrijd werd bondscoach Jock Stein teveel en hij stierf in de dug-out. Aberdeen FC-coach Alex Ferguson nam zijn positie over en hij leidde Schotland naar zijn vierde achtereenvolgende WK door in de Play-Offs Australië te verslaan. Schotland was op het WK in Mexico ingedeeld in een zware poule, samen met WK-finalist West-Duitsland, Zuid-Amerikaans kampioen Uruguay en het opkomende Denemarken. Na nederlagen tegen Denemarken (1-0) en West-Duitsland (2-1) moest Schotland winnen om als derde in de groep de achtste finales te halen. Al binnen een minuut werd de Uruguayaan José Batista uit het veld gestuurd na een brute ingreep op Gordon Strachan. Uruguay bleef hard spelen en Schotland kwam niet verder dan een doelpuntloos gelijkspel. Na het WK namen Graeme Sounness en Kenndy Dalglish afscheid van het team, Ferguson zou vertrekken naar Manchester United.

Voor het WK in 1990 streed Schotland met Joegoslavië en Frankrijk om twee plaatsen. De start was goed met negen punten uit vijf wedstrijden en de voorsprong op Frankrijk was liefst vijf punten. Schotland verspeelde in de uitwedstrijd tegen Joegoslavië een 0-1 voorsprong en verloor met 3-1. Na een 3-0 nederlaag tegen Frankrijk had Schotland nog één punt nodig om zich te plaatsen, dat lukte in de thuiswedstrijd tegen Noorwegen. Het WK in Italië kende een valse start door een 1-0 nederlaag tegen debutant Costa Rica. Met vechtlust werd Zweden bedwongen en met een gelijkspel tegen het al geplaatste Brazilië zou de tweede ronde eindelijk gehaald kunnen worden. Dat leek te lukken in een wedstrijd zonder veel kansen, maar na mistasten van doelman Jim Leighton scoorde Brazilië vlak voor tijd het winnende doelpunt. Voor de vijfde achtereenvolgende keer was Schotland in de eerste ronde uitgeschakeld.

Merkwaardigerwijs was Schotland in dezelfde periode niet succesvol in de EK-kwalificaties. Voor het EK in 1976 begon Schotland met een thuisnederlaag tegen Spanje en kon de achterstand niet meer goed maken. Voor het EK in 1980 eindigde Schotland op de vierde plaats achter België, Oostenrijk en Portugal, er werden liefst vier nederlagen geleden. Nog slechter waren de kwalificatie-wedstrijden voor het EK in 1984, Schotland verloor alle uitwedstrijden en eindigde zelfs op de laatste plaats achter België, Zwitserland en Oost Duitsland. Kwalificatie voor het EK in 1988 was al snel onmogelijk na een thuisnederlaag tegen Ierland (0-1) en een duidelijke 4-1 nederlaag tegen België. Schotland hielp Ierland wel aan kwalificatie door eerst België met 2-0 te verslaan en in de slotfase van de uitwedstrijd in Bulgarije met 0-1 te winnen. De cyclus eindigde in mineur na een 0-0 tegen Luxemburg en men eindigde weer op de vierde plaats.

1990 - 2000 Twee EK's en één WK[bewerken]

Voor het plaatsen voor het EK van 1992 waren er drie concurrenten: Roemenië, Bulgarije en Zwitserland. De eerste thuiswedstrijden tegen Roemenië en Zwitserland werden met 2-1 gewonnen, tegen Bulgarije werd twee keer gelijk gespeeld. Eerste aanval op de koppositie werd afgewend door in Zwitserland een 2-0 achterstand goed te maken: 2-2, Ally McCoist scoorde vlak voor tijd de gelijkmaker. Na een nederlaag tegen Roemenië was Schotland afhankelijk van de uitslag van de laatste wedstrijd in de groep Bulgarije - Roemenië. Roemenië moest met twee goals verschil winnen, kwam in de eerste helft op een 1-0 voorsprong en miste nog een strafschop. In de tweede helft maakte Bulgarije gelijk en plaatste Schotland zich voor het eerst voor een EK. De loting voor het EK in Zweden beloofde weinig goeds met Europees kampioen Nederland, Wereldkampioen Duitsland en het GOS de voormalige Sovjet-Unie als tegenstanders. Schotland deed het naar behoren, van Nederland werd pas in de slotfase verloren door een treffer van Dennis Bergkamp, van Duitsland werd alleen verloren, omdat de Duitsers beter omgingen met de kansen en het schakelde het GOS uit door een 3-0 zege.

Voor de eerste keer sinds 1970 plaatste Schotland zich niet voor een WK. Het land eindigde op de vierde plaats in zijn groep en won geen enkele wedstrijd van de drie concurrenten: Italië, Portugal en Zwitserland. Vooral de uitwedstrijd tegen Portugal was pijnlijk: 5-0.

Schotland plaatste zich vrij makkelijk voor het EK in Engeland. Schotland verloor alleen van Griekenland en speelde twee keer gelijk tegen Rusland en eindigde achter Rusland met ruime voorsprong op Griekenland en Finland. Schotland begon met een 0-0 gelijkspel tegen Nederland. in de "derby" tegen Engeland miste Gary McAllister een strafschop bij een 1-0 achterstand, waarna Paul Gascoigne de wedstrijd via een individuele actie besliste. Schotland speelde de laatste wedstrijd tegen Zwitserland, maar als Nederland en Engeland gelijk speelde was de strijd beslist en bij een verliezer in die wedstrijd moest Schotland vier doelpunten goed maken. Engeland vernederde de Nederlanders en stonden met 4-0 voor en omdat Schotland door een doelpunt van Ally McCoist met 1-0 voor stond was Schotland op dat moment zeker van de volgende ronde. Echter Patrick Kluivert scoorde tegen voor Nederland en omdat de Zwitserse doelman Marco Pascolo niet meer te passeren was was Schotland voor de vier keer op doelsaldo uitgeschakeld in de groepsfase.

De merkwaardigste "wedstrijd" in de kwalificatie voor het WK in 1998 werd gespeeld op 9 oktober 1996 tegen Estland in Tallin, de Schotten trainden een dag voor de wedstrijd en klaagden over de kwaliteit van de lichtmasten. Schotland eiste, dat de wedstrijd in de middag werd gespeeld. De FIFA stemden in met het Schotse verzoek, maar de Esten waren boos, omdat ze tv-ontvangsten zouden missen. Toen de wedstrijd moest beginnen, kwamen de Esten niet opdagen en de FIFA besliste een 0-3 overwinning voor de Schotten. De Este voetbalbond ging in beroep en de wedstrijd moest een half jaar later worden overgespeeld. In Monaco bleef het doelpuntloos. De Schotten verloren alleen van Zweden en eindigde achter Oostenrijk op de tweede plaats. Omdat Schotten van alle nummers twee in de Europese Zone het beste scoorde, plaatste de ploeg zich rechtstreeks voor het WK. In de eerste wedstrijd tegen regerend wereldkampioen Brazilië bleef Schotland lang op de been, maar de wedstrijd werd beslist door een eigen doelpunt van Tom Boyd. Na een 1-1 gelijkspel tegen Noorwegen moest er gewonnen worden van Marokko en hopen dat Noorwegen niet zou winnen van het al geplaatste Brazilië. Tegen het technisch sterke Marokko leed Schotland een kansloze nederlaag: 3-0. Pleister op de wonde was, dat Schotland bij winst het ook niet gehaald had, want Noorwegen won van Brazilië.

Schotland kwam tekort om eerste te worden in zijn kwalificatie-groep voor het EK van 2000, twee keer werd verloren van Tsjechië. Ondanks puntverlies tegen weinig aansprekende tegenstanders als Litouwen, Estland en Faeröer werd de tweede plaats bereikt door twee zeges op Bosnië en Herzegovina. De eindronde moest bereikt worden door uitgerekend Engeland te verslaan, "the battle of Britain". In Glasgow leek de strijd beslist door een 0-2 nederlaag door twee treffers van Paul Scholes. De return werd nog spannend door een treffer van Don Hutchison, maar verder kwamen de Schotten niet.

2000 - heden Steeds verder wegzakkend[bewerken]

Voor het WK van 2002 streed Schotland met België en Kroatië om één plaats in de eindronde en een Play-Off wedstrijd. Tegen Kroatië werd twee maal gelijk gespeeld en in de thuiswedstrijd tegen België werd een 2-0 voorsprong weggegeven ondanks dat België na 24 minuten met tien man speelde. In Brussel werd met 2-0 verloren en omdat Kroatië van België won eindigde Schotland op de derde plaats. Bondscoach Craig Brown nam ontslag.

Zijn opvolger werd de Duitser Berti Vogts, de cyclus voor kwalificatie van het EK van 2004 begon teleurstellend met een 2-2 gelijkspel tegen de Faeröer. De resultaten waren wisselend met twee overwinningen op de belangrijkste concurrent voor de tweede plaats IJsland en een nederlaag tegen Litouwen. Op de laatste speeldag had Schotland twee punten achterstand op IJsland, Schotland won met 1-0 van Litouwen door een doelpunt van Darren Fletcher, terwijl IJsland met 3-0 van de nummer één van de groep Duitsland verloor. Schotland werd tweede en moest Play-Off wedstrijden spelen tegen Nederland. De eerste wedstrijd werd met 1-0 gewonnen door een doelpunt van James McFadden, maar in de return in Amsterdam was Schotland kansloos: 6-0.

Voor het kwalificeren van het WK in 2006 moest al snel een inhaalrace plaats vinden, na vier wedstrijden haalde de ploeg maar twee punten. In de volgende wedstrijden werd gelijk gespeeld tegen koploper Italië en gewonnen in de uitwedstrijd tegen de belangrijkste concurrent voor de tweede plaats Noorwegen. Na een thuisnederlaag tegen Wit-Rusland waren de kansen op succes verkeken.

Schotland was voor kwalificatie voor het EK van 2008 ingedeeld met de twee finalisten van het laatste WK: Italië en Frankrijk. Schotland begon de kwalificatie sterk met als beste resultaat een 1-0 overwinning op Frankrijk door een doelpunt van Gary Caldwell. Schotland bleef in de race ondanks nederlagen tegen de Oekraïne en Italië (beiden 2-0). De koppositie werd ingenomen een nieuwe overwinning op Frankrijk (0-1, doelpunt McFadden) en een 3-1 zege op de Oekraïne. Met nog twee wedstrijden te spelen had Schotland één punt voorsprong op Italië en twee op Frankrijk. Tegen Georgië werd echter met 2-0 verloren en nu moest van Italië worden gewonnen om de eindronde te halen. Na twee minuten kwam Schotland op achterstand door een doelpunt van Luca Toni, er was hoop na de gelijkmaker van aanvoerder Barry Ferguson, maar in de blessure-tijd vonniste Christian Panucci het definitieve lot van de Schotten: 1-2. Schotland eindigde op de derde plaats met vijf punten achterstand op Italië en twee op Frankrijk.

Directe kwalificatie voor het WK van 2010 was snel onhaalbaar van de Schotten, Nederland won alle wedstrijden en er werd drie keer verloren: van Macedonië (1-0), Nederland (4-1) en Noorwegen (4-0). Er moest in de laatste wedstrijd gewonnen worden van Nederland om zich te plaatsen voor de Play-Offs. In de 82e minuut werd uiteindelijk met 0-1 verloren door een doelpunt van Eljero Elia en de kansen waren verkeken.

Schotland streed met Tsjechië om de tweede plaats in de groep achter het ongenaakbare Spanje. Cruciaal was de thuiswedstrijd tegen Tsjechië, waar in de extra tijd de winst werd weggeven door een betwistbare strafschop[2]. Op de laatste speeldag had Schotland nog één punt voorsprong op de Tsjechen, maar na een nederlaag tegen Spanje (3-1) en een zege van Tsjechië op Litouwen zakte Schotland weg naar de derde plaats.

Het kwalificatie-toernooi voor het WK van 2014 werd al snel een kansloze zaak, na zes wedstrijden had Schotland maar twee punten en de achterstand op België en Kroatië was onoverbrugbaar. Craig Levein was na vier wedstrijden al ontslagen en opgevolgd door oud-speler Gordon Strachan. Schotland won twee keer van Kroatië en eindigde op de vierde plaats.

Kwalificatie voor het EK van 2016 begon hoopvol met gelijke spelen in de uitwedstrijden tegen Polen en Ierland, de thuiswedstrijd tegen Ierland werd met 1-0 gewonnen. Nederlagen tegen Georgië (1-0) en Duitsland (1-2) zorgden voor een ommekeer en nadat in blessure-tijd een 2-1 voorsprong in de thuiswedstrijd tegen Polen werd weggegeven eindigde Polen op de vierde plaats met drie punten achterstand op nummer drie Ierland.

Deelnames aan internationale toernooien[bewerken]

WK voetbal[bewerken]

Wereldkampioenschap voetbal overzicht
Jaar Ronde Wed. W G V DV DT Kwal Tegenstanders
19301938 Geen FIFA-lid
Vlag van Brazilië 1950 Teruggetrokken Wales, Noord-Ierland, Engeland
Vlag van Zwitserland 1954 Groepsfase 2 0 0 2 0 8 (Kwal.) Noord-Ierland, Wales, Engeland, Uruguay, Oostenrijk, Tsjecho-Slowakije
Vlag van Zweden 1958 Groepsfase 3 0 1 2 4 6 (Kwal.) Spanje, Zwitserland, Frankrijk, Joegoslavië, Paraguay
Vlag van Chili 1962 Niet gekwalificeerd Ierland, Tsjecho-Slowakije
Vlag van Engeland 1966 Niet gekwalificeerd Polen, Finland, Italië
Vlag van Mexico 1970 Niet gekwalificeerd Oostenrijk, Cyprus, West-Duitsland
Vlag van de Bondsrepubliek Duitsland 1974 Groepsfase 3 1 2 0 3 1 (Kwal.) Tsjecho-Slowakije, Denemarken, Zaïre, Joegoslavië, Brazilië
Vlag van Argentinië 1978 Groepsfase 3 1 1 1 5 6 (Kwal.) Tsjecho-Slowakije, Wales, Iran, Peru, Nederland
Vlag van Spanje 1982 Groepsfase 3 1 1 1 8 8 (Kwal.) Noord-Ierland, Zweden, Portugal, Israël, Nieuw-Zeeland, Brazilië, Sovjet-Unie
Vlag van Mexico 1986 Groepsfase 3 0 1 2 1 3 (Kwal.) Wales, IJsland, Australië, Spanje, Denemarken, West-Duitsland, Uruguay
Vlag van Italië 1990 Groepsfase 3 1 0 2 2 3 (Kwal.) Frankrijk, Noorwegen, Cyprus, Zweden, Joegoslavië, Brazilië, Costa Rica
Vlag van Verenigde Staten 1994 Niet gekwalificeerd Malta, Estland, Italië, Zwitserland, Portugal
Vlag van Frankrijk 1998 Groepsfase 3 0 1 2 2 6 (Kwal.) Zweden, Letland, Estland, Wit-Rusland, Oostenrijk, Brazilië, Noorwegen, Marokko
Vlag van Zuid-KoreaVlag van Japan 2002 Niet gekwalificeerd Letland, San Marino, Kroatië, België
Vlag van Duitsland 2006 Niet gekwalificeerd Slovenië, Wit-Rusland, Moldavië, Italië, Noorwegen
Vlag van Zuid-Afrika 2010 Niet gekwalificeerd Macedonië, IJsland, Nederland, Noorwegen
Vlag van Brazilië 2014 Niet gekwalificeerd Wales, Macedonië, België, Kroatië, Servië
Vlag van Rusland 2018 Kwalificatie bezig

Europees kampioenschap voetbal[bewerken]

Europees kampioenschap voetbal overzicht
Jaar Ronde Wed. W G V DV DT Kwal
19601964 Geen deelname
Vlag van Italië 1968 Niet gekwalificeerd Wales, Noord-Ierland, Engeland
Vlag van België 1972 Niet gekwalificeerd Denemarken, België, Portugal
Vlag van Joegoslavië 1976 Niet gekwalificeerd Denemarken, Spanje, Roemenië
Vlag van Italië 1980 Niet gekwalificeerd Noorwegen, België, Oostenrijk, Portugal
Vlag van Frankrijk 1984 Niet gekwalificeerd België, Zwitserland, Oost-Duitsland
Vlag van de Bondsrepubliek Duitsland 1988 Niet gekwalificeerd Luxemburg, Ierland, Bulgarije, België
Vlag van Zweden 1992 Groepsfase 5 3 1 0 2 3 (Kwal.) Zwitserland, Roemenië, Bulgarije, San Marino, GOS, Nederland, Duitsland
Vlag van Engeland 1996 Groepsfase 3 1 1 1 1 2 (Kwal.) Griekenland, Finland, Faeröer, San Marino, Zwitserland, Rusland, Engeland, Nederland
Vlag van BelgiëVlag van Nederland 2000 Niet gekwalificeerd Bosnië-Herzegovina, Litouwen, Estland, Faeröer, Tsjechië,, Engeland
Vlag van Portugal 2004 Niet gekwalificeerd IJsland, Litouwen, Faeröer, Duitsland, Nederland
Vlag van OostenrijkVlag van Zwitserland 2008 Niet gekwalificeerd Oekraïne, Litouwen, Georgië, Faeröer, Italië, Frankrijk
Vlag van OekraïneVlag van Polen 2012 Niet gekwalificeerd Litouwen, Liechtenstein, Spanje, Tsjechië
Vlag van Frankrijk 2016 Niet gekwalificeerd Georgië, Gibraltar, Duitsland, Polen, Ierland

Interlands[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Interlands Schots voetbalelftal 2010-2019 voor de meest actuele gespeelde en komende interlands van Schotland.

Bondscoaches[bewerken]

  • Bijgewerkt tot en met de WK-kwalificatiewedstrijd tegen Vlag van Engeland Engeland (0–3) op 11 november 2016.
Naam Van Tot Duels W G V
Vlag van Schotland Selectiecommissie 30 november 1872 4 november 1953 229 137 41 51
Vlag van Schotland Beattie, Andy Andy Beattie 3 april 1954 19 juni 1954 6 2 1 3
Vlag van Schotland Selectiecommissie 16 oktober 1954 13 november 1957 23 10 7 6
Vlag van Schotland Walker, Dawson Dawson Walker 19 april 1958 15 juni 1958 6 1 2 3
Vlag van Schotland Busby, Matt Matt Busby 18 oktober 1958 5 november 1958 2 1 1 0
Vlag van Schotland Beattie, Andy Andy Beattie 11 april 1959 22 oktober 1960 12 3 3 6
Vlag van Schotland McColl, Ian Ian McColl 9 november 1960 8 mei 1965 28 17 3 8
Vlag van Schotland Stein, Jock Jock Stein 23 mei 1965 7 december 1965 7 3 1 3
Vlag van Schotland Prentice, John John Prentice 2 april 1966 25 juni 1966 4 0 1 3
Vlag van Schotland Brown, Bobby Bobby Brown 15 april 1967 14 juni 1971 28 17 3 8
Vlag van Schotland Docherty, Tommy Tommy Docherty 13 oktober 1971 15 november 1972 12 7 2 3
Vlag van Schotland Ormond, Willie Willie Ormond 14 februari 1973 27 april 1977 38 18 8 12
Vlag van Schotland MacLeod, Alistair Alistair MacLeod 28 mei 1977 20 september 1978 17 7 5 5
Vlag van Schotland Stein, Jock Jock Stein 25 oktober 1978 10 september 1985 61 26 12 23
Vlag van Schotland Ferguson, Alex Alex Ferguson 16 oktober 1985 13 juni 1986 10 3 4 3
Vlag van Schotland Roxburgh, Andy Andy Roxburgh 10 september 1986 13 oktober 1993 61 23 19 19
Vlag van Schotland Brown, Craig Craig Brown 17 november 1993 6 oktober 2001 71 32 18 21
Vlag van Duitsland Vogts, Berti Berti Vogts 27 maart 2002 13 oktober 2004 31 8 7 16
Vlag van Schotland Burns, Tommy Tommy Burns 17 november 2004 17 november 2004 1 0 0 1
Vlag van Schotland Smith, Walter Walter Smith 26 maart 2005 11 oktober 2006 16 7 5 4
Vlag van Schotland McLeish, Alex Alex McLeish 24 maart 2007 17 november 2007 10 7 0 3
Vlag van Schotland Burley, George George Burley 26 maart 2008 14 november 2009 14 3 3 8
Vlag van Schotland Levein, Craig Craig Levein 3 maart 2010 16 oktober 2012 24 10 5 9
Vlag van Schotland Stark, Billy Billy Stark 14 november 2012 14 november 2012 1 1 0 0
Vlag van Schotland Strachan, Gordon Gordon Strachan 15 januari 2013 32 13 6 13

Huidige selectie[bewerken]

De volgende spelers werden opgeroepen voor de vriendschappelijke interlands tegen Vlag van Tsjechië Tsjechië en Vlag van Denemarken Denemarken op 24 en 29 maart 2016.

Interlands en doelpunten bijgewerkt tot en met de vriendschappelijke interland tegen Vlag van Denemarken Denemarken (1–0) op 29 maart 2016.

Naam Wed. Dlpnt. Club
Doel
Craig Gordon 44 0 Vlag van Schotland Celtic FC
Allan McGregor 35 0 Vlag van Engeland Hull City
David Marshall 22 0 Vlag van Wales Cardiff City
Verdediging
Alan Hutton 50 0 Vlag van Engeland Aston Villa
Christophe Berra 32 3 Vlag van Engeland Ipswich Town
Steven Whittaker 31 0 Vlag van Engeland Norwich City
Russell Martin 23 0 Vlag van Engeland Norwich City
Charlie Mulgrew 22 2 Vlag van Schotland Celtic FC
Grant Hanley 21 1 Vlag van Engeland Blackburn Rovers
Gordon Greer 10 0 Vlag van Engeland Brighton & Hove Albion
Andrew Robertson 9 1 Vlag van Engeland Hull City
Kieran Tierney 1 0 Vlag van Schotland Celtic
Liam Cooper 0 0 Vlag van Engeland Leeds United
Middenveld
Darren Fletcher 71 5 Vlag van Engeland West Bromwich Albion
Scott Brown Aanvoerder 50 4 Vlag van Schotland Celtic FC
Barry Bannan 21 0 Vlag van Engeland Sheffield Wednesday
Ikechi Anya 19 2 Vlag van Engeland Watford
Robert Snodgrass 16 3 Vlag van Engeland Hull City
James Forrest 13 0 Vlag van Schotland Celtic
Matt Ritchie 8 3 Vlag van Engeland AFC Bournemouth
Matt Phillips 3 0 Vlag van Engeland Queens Park Rangers
Liam Bridcutt 2 0 Vlag van Engeland Leeds United
Jamie Murphy 0 0 Vlag van Engeland Brighton & Hove Albion
John McGinn 1 0 Vlag van Schotland Hibernian
Kenny McLean 1 0 Vlag van Schotland Aberdeen
Oliver Burke 1 0 Vlag van Engeland Nottingham Forest
Kevin McDonald 0 0 Vlag van Engeland Wolverhampton Wanderers
Aanval
Steven Naismith 41 6 Vlag van Engeland Norwich City
Steven Fletcher 26 8 Vlag van Frankrijk Olympique Marseille
Chris Martin 8 1 Vlag van Engeland Derby County
Leigh Griffiths 7 0 Vlag van Schotland Celtic
Tony Watt 1 0 Vlag van Engeland Blackburn Rovers

Recent opgeroepen[bewerken]

De volgende spelers zijn het afgelopen jaar opgeroepen voor het elftal en zijn nog beschikbaar, maar zaten niet bij de laatste selectie of zijn afgevallen nadat ze geselecteerd zijn.

Naam Wed. Dlpnt. Huidige club Laatste oproep
Doel
Craig Samson 0 0 Vlag van Schotland Motherwell Vlag van Ierland Ierland, 13 juni 2015
Verdediging
Graeme Shinnie 0 0 Vlag van Schotland Aberdeen Vlag van Gibraltar Gibraltar, 11 oktober 2015
Craig Forsyth 4 0 Vlag van Engeland Derby County Vlag van Georgië Georgië, 4 september 2015
Mark Reynolds 0 0 Vlag van Schotland Aberdeen Vlag van Ierland Ierland, 13 juni 2015
Middenveld
Graham Dorrans 12 0 Vlag van Engeland Norwich City Vlag van Gibraltar Gibraltar, 11 oktober 2015
James McArthur 22 2 Vlag van Engeland Crystal Palace Vlag van Gibraltar Gibraltar, 11 oktober 2015
Shaun Maloney 45 7 Vlag van Engeland Hull City Vlag van Gibraltar Gibraltar, 11 oktober 2015
James Morrison 41 3 Vlag van Engeland West Bromwich Albion Vlag van Gibraltar Gibraltar, 11 oktober 2015
Stuart Armstrong 0 0 Vlag van Schotland Celtic FC Vlag van Georgië Georgië, 4 september 2015
Charlie Adam 26 0 Vlag van Engeland Stoke City Vlag van Ierland Ierland, 13 juni 2015
Aanval
Johnny Russell 4 0 Vlag van Engeland Derby County Vlag van Gibraltar Gibraltar, 11 oktober 2015
Jordan Rhodes 13 3 Vlag van Engeland Middlesbrough Vlag van Gibraltar Gibraltar, 11 oktober 2015
Stevie May 1 0 Vlag van Engeland Preston North End Vlag van Gibraltar Gibraltar, 29 maart 2015
Ross McCormack 11 2 Vlag van Engeland Fulham Vlag van Noord-Ierland Noord-Ierland, 25 maart 2015

FIFA-wereldranglijst[3][bewerken]

1993 1994 1995 1996 1997 1998 1999 2000 2001 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015
Straight Line Steady.svg 24 Red Arrow Down.svg 32 Green Arrow Up.svg 26 Red Arrow Down.svg 29 Red Arrow Down.svg 37 Red Arrow Down.svg 38 Green Arrow Up.svg 20 Red Arrow Down.svg 25 Red Arrow Down.svg 50 Red Arrow Down.svg 59 Green Arrow Up.svg 54 Red Arrow Down.svg 86 Green Arrow Up.svg 60 Green Arrow Up.svg 25 Green Arrow Up.svg 14 Red Arrow Down.svg 33 Red Arrow Down.svg 46 Red Arrow Down.svg 52 Green Arrow Up.svg 47 Red Arrow Down.svg 72 Green Arrow Up.svg 34 Red Arrow Down.svg 36 Red Arrow Down.svg 52

Bekende spelers[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Lijst van spelers van het Schotse voetbalelftal voor een overzicht van spelers met minimaal dertig interlands achter hun naam.

Steve Archibald
Charlie Adam
Tommy Boyd
Colin Calderwood
John Collins

Christian Dailly
Kenny Dalglish
Gordon Durie
Darren Fletcher
Steven Fletcher

Kevin Gallacher
Colin Hendry
David Hopkin
Darren Jackson
Paul Lambert

Jim Leighton
Jordan Rhodes
Graeme Souness
Gordon Strachan

Selecties[bewerken]

Wereldkampioenschap[bewerken]

Europees kampioenschap[bewerken]

SFA · A-internationals · Selecties · Bondscoaches · Statistieken · Schots vrouwenelftal · Brits olympisch elftal · Schotland U21 · Schotland U20 · Schotland U19 · Schotland U18 · Schotland U17 · Vrouwen U17

1870 – 1900 · 1900 – 1919 · 1920 – 1929 · 1930 – 1939 · 1940 – 1949 · 1950 – 1959 · 1960 – 1969 · 1970 – 1979 · 1980 – 1989 · 1990 – 1999 · 2000 – 2009 · 2010 – 2019

WK 1954 · WK 1958 · WK 1974 · WK 1978 · WK 1982 · WK 1986 · WK 1990 · EK 1992 · EK 1996 · WK 1998

1872 · 1873 · 1874 · 1875 · 1876 · 1877 · 1878 · 1878 · 1879 · 1880 · 1881 · 1882 · 1883 · 1884 · 1885 · 1886 · 1887 · 1888 · 1889 · 1890 · 1891 · 1892 · 1893 · 1894 · 1895 · 1896 · 1897 · 1898 · 1899 · 1900 · 1901 · 1902 · 1903 · 1904 · 1905 · 1906 · 1907 · 1908 · 1909 · 1910 · 1911 · 1912 · 1913 · 1914 · 1915–1919 · 1920 · 1921 · 1922 · 1923 · 1924 · 1925 · 1926 · 1927 · 1928 · 1929 · 1930 · 1931 · 1932 · 1933 · 1934 · 1935 · 1936 · 1937 · 1938 · 1939 · 1940–1945 · 1946 · 1947 · 1948 · 1949 · 1950 · 1951 · 1952 · 1953 · 1954 · 1955 · 1956 · 1957 · 1958 · 1959 · 1960 · 1960 · 1961 · 1962 · 1963 · 1964 · 1965 · 1966 · 1967 · 1968 · 1969 · 1970 · 1971 · 1972 · 1973 · 1974 · 1975 · 1976 · 1977 · 1978 · 1979 · 1980 · 1981 · 1982 · 1983 · 1984 · 1985 · 1986 · 1987 · 1988 · 1989 · 1990 · 1991 · 1992 · 1993 · 1994 · 1995 · 1996 · 1997 · 1998 · 1999 · 2000 · 2001 · 2002 · 2003 · 2004 · 2005 · 2006 · 2007 · 2008 · 2009 · 2010 · 2011 · 2012 · 2013 · 2014 · 2015 · 2016 · 2017

Argentinië · Australië · België · Bosnië en Herzegovina · Brazilië · Bulgarije · Canada · Chili · Colombia · Congo-Kinshasa · Costa Rica · Cyprus · DDR · Denemarken · Duitsland · Ecuador · Egypte · Engeland · Estland · Faeröer · Finland · Frankrijk · Georgië · Gibraltar · GOS · Griekenland · Hongarije · Ierland · IJsland · Iran · Israël · Italië · Japan · Joegoslavië · Kroatië · Letland · Liechtenstein · Litouwen · Luxemburg · Macedonië · Malta · Marokko · Moldavië · Nederland · Nieuw-Zeeland · Nigeria · Noord-Ierland · Noorwegen · Oekraïne · Oostenrijk · Paraguay · Peru · Polen · Portugal · Qatar · Roemenië · Rusland · San Marino · Saoedi-Arabië · Servië · Slovenië · Slowakije · Sovjet-Unie · Spanje · Trinidad en Tobago · Tsjechië · Tsjecho-Slowakije · Turkije · Uruguay · Verenigde Staten · Wales · Wit-Rusland · Zuid-Korea · Zweden · Zwitserland

Nieuw-Zeeland (1982)