Snaarresonantie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Snaarresonantie treedt op bij onder andere snaarinstrumenten. Snaren of snaardelen die niet aangeslagen worden resoneren in hun grondtoon of een van hun boventonen mee met aangeslagen snaren noten die een overeenkomstige grondtoon of boventoon hebben.

Een A-snaar (440 Hz) resoneert dus mee met een E-snaar (330 Hz), omdat hun overeenkomstige, respectievelijk 3e en 4e, boventoon (1320 Hz) gelijk is.

Dit verschijnsel kan soms hinderlijk zijn als dit onbedoeld optreedt. Elektrische gitaren hebben mede om deze reden bij de stemmechanieken soms stringtrees, waardoor de resonantie gedempt wordt. Ook achter de brug is vaak een korte snaarlengte beter om resonantie tegen te gaan. Snaarresonantie is bepalend voor het timbre van een snaarinstrument.

Van dit verschijnsel wordt soms ook opzettelijk gebruikgemaakt bij instrumentenbouw door middel van toegevoegde resonantiesnaren. Ook de 3rd bridge-gitaar werkt op het principe van snaarresonantie.

Instrumenten waarbij snaarresonantie in de constructie is toegepast[bewerken]

Zie ook[bewerken]