Naar inhoud springen

Taurus (gebergte)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Taurus
Locatie van de Taurus
Locatie van de Taurus
Hoogste punt Demirkazık (3756 m)
Lengte 600 km
Coördinaten 37° 0 NB, 33° 0 OL
Onderdeel van Alpide gebergtegordel
Taurus (Turkije)
Taurus
Foto's
Taurus
Taurus
Portaal  Portaalicoon   Aardwetenschappen

De Taurus (Toros Dağları) is een breukvlakgebergte in Zuid-Turkije. Dwars door Anatolië loopt een breukensysteem in de richting zuidwest-noordoost. Het systeem vormt de begrenzing van de Arabische Plaat in het oosten en de Anatolische Plaat in het westen. Door de noordwaartse beweging van de Arabische plaat treden in dit breukgebied vooral horizontale verschuivingen op in de aardkorst, waardoor spanningen worden opgebouwd die zich ontladen in de vorm van aardbevingen.

De rivier de Eufraat daalt van dit gebergte af naar Syrië. Het gebergte heeft verschillende hoge pieken tussen de 3000 en 3700 meter. Het hoogste deel wordt Aladağ genoemd en de hoogste bergtop is de berg Demirkazık (Aladağlar) die bijna 4000 meter is.

Er is kalksteen geërodeerd en dit leidde tot de vorming van watervallen, ondergrondse rivieren, en van de grootste grotten van Azië.

In het neolithicum werd hier reeds obsidiaan ontgonnen, dat gebruikt werd voor spiegels. Daarvan werd er heel wat aangetroffen in onder andere het nabijgelegen Çatal Hüyük. Ook trokken nomaden tot op zekere hoogten, afhankelijk van de seizoenen, met hun kudden rond in de Taurus.

Bij Kestel is een archeologische vindplaats uit de Bronstijd waar men resten van een tinmijn heeft gevonden.

De zogenaamde Cilicische Poort was in de oudheid de naam van een pas over het gebergte, noord van Tarsus. In deze tijd was de streek het tehuis van de Isauriërs, een volk dat weliswaar lang tot het Romeinse Rijk behoorde, maar dat nooit zijn opstandigheid heeft verloren.

Taurusgebergte op de Maan

[bewerken | brontekst bewerken]

De benaming Mons Taurus (Taurus berg) is afkomstig van Johannes Hevelius die aan een heldere straal ten oosten van de opvallende maankrater Tycho deze nogal onpassende naam had gegeven. De Internationale Astronomische Unie (IAU) heeft deze benaming verlengd tot Montes Taurus en aan een geheel ander stelsel oppervlaktestrukturen op de maan gegeven, ten oosten van Mare Serenitatis. Dit gebied had van Hevelius echter de benaming Taurica chersonnesus gekregen. [1] Voor maanwaarnemers met telescopen vergt het wat zoekwerk om Montes Taurus te herkennen omdat het een bekraterd gebied betreft, met als enig herkenningspunt de opvallende krater Rømer. De Welshe maancartograaf Hugh Percy Wilkins en de Britse maanwaarnemer Patrick Moore hebben in hun boek The Moon alsook op de reusachtig grote maankaart van H. P. Wilkins de krater Rømer A, een satellietkrater ten noordnoordoosten van Rømer, de benaming Ataturk proberen te geven, hetgeen niet werd geaccepteerd door de Internationale Astronomische Unie. Eerder had de Franse selenograaf Félix Chemla Lamèch er de benaming Stephanides aan willen geven, hetgeen ook niet werd geaccepteerd. Ten zuidwesten van Montes Taurus landde in december 1972 de maanlander Challenger van Apollo 17, in het dal Taurus-Littrow, dat voor telescoopbezitters vrij gemakkelijk te herkennen is tijdens volle maan, vanwege de relatief donkere vloer van dit dal.