Thomas Allinson

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Dr. Thomas Allinson in 1911

Thomas Richard Allinson (18581918) was een Britse arts en voorvechter van de consumptie van volkorenbrood. Zijn naam leeft voort in het nog steeds populaire Allinsonbrood.

Levensloop[bewerken]

Allinson werd geboren in Grange-over-Sands, nabij Manchester. Vanaf zijn vijftiende werkte hij als apothekersassistent. Met het geld dat hij daarmee verdiende en dankzij financiële steun van zijn stiefvader kon hij een studie medicijnen aan de Universiteit van Edinburgh beginnen. Al op zijn eenentwintigste begon hij een praktijk als arts in Londen.

Gedurende de jaren 1880 ontwikkelde Allinson een theorie die hij Naturopathy noemde. In plaats van met medicijnen, wilde hij de gezondheid bevorderen door op lichaamsbeweging en voedingspatroon te letten. Hij schreef er een aantal boeken over die hij in zijn praktijk verkocht. In een van die boeken, The Advantages of Wholemeal Bread, ontvouwde hij de theorie dat volkorenbrood voedzamer zou zijn dan witbrood. Daarnaast was hij een voorvechter van vegetarisme en opperde hij het vermoeden dat roken longkanker zou veroorzaken. Allinson zocht regelmatig de publiciteit met zijn theorieën en hij richtte zich daarbij niet alleen op vakgenoten. Het bracht hem regelmatig in conflict met de Engelse Royal College of Physicians en de General Medical Council waarin misprijzend werd gedacht over het uitdragen van omstreden ideeën onder leken en het ontplooien van commerciële nevenactiviteiten zoals de verkoop van boeken.

In 1892 was voor hen de maat vol. Allinson richtte in dat jaar - onder het motto Health Without Medicine - de Natural Food Company op, een bedrijf dat zich toelegde op de verkoop van gezonde voeding. Allinson had voor dat doel een graanmolen in Bethnal Green gekocht voor de productie van volkorenmeel. Korte tijd later kwam daar een bakkerij bij. Omdat het opstarten van een levensmiddelenbedrijf volgens hen niet te verenigen was met het beroep van arts, werd Allinson door de Royal College of Physicians uit hun register geschrapt, wat betekende dat hij zijn beroep van arts niet meer mocht uitoefenen.

Pas tijdens de Eerste Wereldoorlog werd de grotere voedingswaarde van volkorenbrood breed erkend. Allinson werd hernieuwde erkenning als arts aangeboden maar hij weigerde. Zijn bedrijf maakte door de toegenomen vraag naar volkorenmeel een sterke groei door. Na zijn dood breidde het zich uit naar andere steden en Allinson Flour bestaat tot op de dag van vandaag.

Brood[bewerken]

Allinsons broodrecept (100% volkorenmeel; geen vet; minder gist; meer water) wordt nog steeds gebruikt, al melden liefhebbers die het al tientallen jaren eten dat het Allinsonbrood tegenwoordig minder stevig is dan vroeger.