Trasraam

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Bouwwerk met trasraam van donkere klinkers.
Ongewoon uitgevoerd trasraam.

Een trasraam of cementraam is het gedeelte van een gemetselde muur van gewoonlijk 5 à 6 lagen onder tot 5 à 6 lagen boven het maaiveld. Het wordt uitgevoerd in harde steen (zogenaamde klinkers) en harde specie met als doel het optrekken van vocht te verhinderen vanuit de bodem rondom een gebouw.

Bij veel gebouwen is een dergelijk tras- of cementraam duidelijk te herkennen aan de afwijkende kleur van de steen ten opzichte van de rest van het metselwerk.

Zonder tras- of cementraam kan er vorstschade ontstaan in de onderste bakstenen door optrekkend en bevriezend vocht. Als er in de steen water aanwezig is en dat bevriest gaan de stenen kapot, omdat het volume van ijs groter is dan dat van water. Men spreekt dan van stukvriezen.

Bij trasramen werd de metselspecie daarvoor gemaakt van luchtkalk met tras en zand. Nu past men als bindmiddel vrijwel altijd cement toe. Dit kan portland- of hoogovencement zijn. Moderne bakstenen worden gefabriceerd door middel van een nauwkeurig gereguleerd en gecontroleerd proces, waardoor het hele baksel van dezelfde hoge en homogene kwaliteit is. Stenen voor gevelmetselwerk vertonen dan ook geen capillaire werking, met als gevolg dat een tras- of cementraam niet meer nodig is.