Abdij Gengenbach

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Reichskloster Gengenbach
Onderdeel van het Heilige Roomse Rijk
850–1803 Markgraafschap Baden 
Algemene gegevens
Hoofdstad Gengenbach
Regering
Regeringsvorm Vorstendom
De abdijkerk van Gengenbach, nu stadkerk

De abdij Gengenbach was een tot de Zwabische Kreits behorende abdij binnen het Heilige Roomse Rijk.

De benedictijnenabdij in Gengenbach werd omstreeks 725 gesticht door de Frankische koning en graaf Ruthard. Sinds 820 was het een rijksklooster. Keizer Hendrik II schonk de abdij in 1007 aan het bisdom Bamberg.

De voogdij was sinds het begin van de twaalfde eeuw in het bezit van de hertogen van Zähringen. Van 1218 tot 1245 lag de voogdij in handen van de Hohenstaufen, daarna in die van de bisschoppen van Straatsburg. In 1296 kwam de voogdij aan de rijkslandvoogdij Ortenau.

In de vijftiende eeuw zakte het klooster af tot een hospitaal voor de Ortenauer adel. De monniken streefden naar de omzetting in een koorherensticht. De protestant geworden rijksstad Gengenbach wilde het klooster inlijven. De abten wisten het klooster echter in stand te houden.

Pogingen om toegelaten te worden tot het College der rijksprelaten werden in 1575 en 1580 afgewezen op grond van onduidelijke voogdijverhoudingen. In 1645 werd de abdij alsnog toegelaten, maar pas in 1751 volgde de realisering. De band met de rijkslandvoogdij Ortenau verbond de abdij tot dan met de Oostenrijkse Kreits. De abdij was nu rijksvrij.

Paragraaf 5 van de Reichsdeputationshauptschluss van 25 februari 1803 voegt de abdij bij het keurvorstendom Baden.

Gebied[bewerken]

De abdij bezat buiten de abdij geen grondgebied.