Agglutinatie (taalkunde)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Agglutinatie is een morfologisch verschijnsel waarbij affixen zoals achtervoegsels aan een woord worden toegevoegd teneinde de betekenis ervan verder specificeren. Het begrip agglutinatie werd door de Duitse taalkundige Wilhelm von Humboldt geïntroduceerd om talen uit morfologisch oogpunt te classificeren. Het is afgeleid van het Latijnse werkwoord agglutinare, dat samenlijmen betekent.

Talen waarin gebruik wordt gemaakt van agglutinatie - dat wil zeggen dat woorden in morfemen met elk een eigen betekenis kunnen worden opgesplitst - heten agglutinerende talen. Ze zijn tevens synthetisch omdat ze ertoe neigen morfemen aan één woordvorm te reigen, in tegenstelling tot analytische talen als het Nederlands, Frans en Engels waar de functie van morfemen grotendeels wordt overgenomen door op zichzelf staande woorden (voorzetels, bezittelijke voornaamwoorden, enz.). Agglutinerende talen dienen ook onderscheiden te worden van de flecterende synthetische talen (zie verder) - hoewel het verschil hier beduidend kleiner is.

Prominente voorbeelden zijn het Turks en het Japans. Beide agglutinerende talen behoren vermoedelijk tot de Altaïsche taalfamilie; alleszins vormt agglutinatie een gemeenschappelijk kenmerk van alle talen in deze familie.


Agglutinatie in niet-flecterende (poly-)synthetische talen[bewerken]

In (poly)synthetische talen drukt een affix één betekenis uit zoals de bezitter van het object, het geslacht van die persoon, de locatie van het object (of de richting, als het in beweging is), de tijd (zoals verleden tijd, toekomende tijd), enzovoorts. Wat precies met de affixen uitgedrukt kan worden, verschilt per synthetische taal.

In polysynthetische talen kunnen een hele reeks affixen ('poly' staat voor 'meerdere') aan een afzonderlijk woord gereigd worden. Zodoende doen ze soms dienst als een hele zin.

Een voorbeeld uit het Turks:

Woord Affix 1 Affix 2 Affix 3 Toelichting
ev Stam van het woord.
ev -im Het achtervoegsel '-(I)m' geeft dat het bezit aan (het huis is van mij).
ev -im -de Het achtervoegsel '-(y)dE' drukt de plaats uit (in dit geval 'in').
ev -im -de -yim Het achtervoegsel '-(y)Im' drukt de eerste persoon enkelvoud van 'zijn' uit.

Het Turkse evimdeyim betekent dus ik ben in mijn huis.

Een bekende woordgrap in het Turks is Çekoslovakyalılaştıramadıklarımızdanmısınız?, waarbij het woord Çekoslovakya een maximaal aantal achtervoegsels krijgt. Het betekent zoveel als Behoort u tot degenen die wij niet Tsjecho-Slowaaks hebben weten te maken?.

Een voorbeeld uit het Japans: "tabe-sase-rare-ru", ontleed in morfemen: eten-veroorzaken-kunnen-(tegenwoordige tijd), levert op: "kunnen laten eten".

Agglutinatie in flecterende talen[bewerken]

Wanneer één morfeem meer dan één betekenis tegelijk in zich kan dragen (zie ook portmanteaumorfeem), bijvoorbeeld "persoon + tijd + modus" bij een werkwoord, of "grammaticale functie + getal" bij een zelfstandig naamwoord, worden - teneinde begripsverwarring te vermijden - dergelijke talen niet "agglutinerend" genoemd, maar "flecterend". In flecterende talen blijft de woordvorming in de regel beperkt tot stam + een of twee morfemen, in tegenstelling tot de polysynthetische talen (zie hoger).

Agglutinatie in analytische talen[bewerken]

Analytische talen kennen weinig van dit soort complexe woordvormen. Dit is niettemin een voorbeeld van agglutinatie in het Nederlands:

Stam Affix 1 Affix 2 Toelichting
huis stam van het woord
huis -je het achtervoegsel '-je' drukt uit dat het om een klein object gaat
huis -je- -s de uitgang '-s' drukt uit dat het om meer dan één object gaat


Zie ook[bewerken]