Austeniet

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Stabiele kristalstructuren in staal

01: Perliet = (α, Ferriet + Cementiet (Fe3C)) (ook 03, 11, 12)
02: Eutectoidicum (punt waar lijnen samenkomen)
03: Perliet = (α, Ferriet + Cementiet (Fe3C)) (ook 01, 11, 12)
04: α, Ferriet + γ, Austeniet
05: γ, Austeniet
06: Samen met 15: γ, Austeniet + Cementiet (Fe3C)
07: Ledeburiet: punt waar lijnen samenkomen (Eutecticum)
08: Vloeistof + γ, Austeniet
09: Vloeistof + Cementiet (Fe3C)
10: smelt (Vloeistof)
11: Perliet = (α, Ferriet + Cementiet (Fe3C)) (ook 01, 03, 12)
12: Perliet = (α, Ferriet + Cementiet (Fe3C)) (ook 01, 03, 11)
13: Cementietlijn: Chemische binding Fe3C of ijzercarbide

Austeniet is een structuur van staal (ijzer) waarbij de atomen volgens het kubisch vlakgecentreerde atoomrooster zijn gestapeld. Deze structuur komt bij ongelegeerde staalsoorten alleen voor boven een temperatuur van 727°C (gebied 05 in de tabel).

In austeniet kan maximaal 2,11% koolstof oplossen; deze maximale hoeveelheid koolstof kan alleen op een temperatuur van 1148°C worden opgelost.

Bij het afkoelen van austeniet met meer dan 0,02% koolstof tot onder 727°C ontstaat bij snelle afkoeling martensiet (in de orde van ca. 200-400 graden per seconde) en bij trage afkoeling perliet (een samenstelling bestaande uit ferriet en cementiet).

Austeniet is microscopisch slecht van ferriet te onderscheiden, maar ferriet vertoont ferrimagnetisme en austeniet is paramagnetisch, in de volksmond 'niet-magnetisch'.

Austeniet heeft een hogere ductiliteit maar een lagere hardheid dan ferriet of martensiet. Dit volgt uit het kristalrooster.

Legeringselementen zijn van invloed. Nikkel stabiliseert austeniet. Chroom daarentegen stabiliseert ferriet of martensiet. Daarom bestaat roestvast staal niet enkel uit chroom, maar ook uit nikkel.