Declaration of Indulgence

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Declaration of Indulgence (ook Declaration for the Liberty of Conscience) in het Nederlands Tolerantieverklaring genoemd, was een proclamatie van koning Jacobus II van Engeland, die tevens koning Jacobus VII van Schotland was, uit 1687. De tolerantieverklaring werd eerst uitgegeven voor Schotland op 12 februari en later dat jaar voor Engeland op 4 april. Het was een eerste stap naar godsdienstvrijheid op de Britse eilanden.

De verklaring bood brede godsdienstige vrijheid in Engeland door het opschorten van wettelijke straffen die de Anglicaanse Kerk als enige kerk afdwong en zo de burgers toestond om in hun eigen huizen of kapellen de eredienst uit te voeren zoals zij dat wilden. Tot dit moment moest ook iedereen die in overheidsdienst wilde treden kunnen overleggen dat hij een belijdend lid van de Anglicaanse Kerk was, vergezeld van een eed.

De koning schortte de godsdienstige strafwetten op en tolereerde de diverse christelijke denominaties, zowel rooms-katholieke als protestantse, binnen zijn koninkrijk. De tolerantieverklaring werd ondersteund door William Penn die algemeen beschouwd werd als degene die de aanzet had gegeven tot deze verklaring. De Anglicanen in Engeland en hun Schotse tegenhangers, de Episcopalen, waren fel gekant tegen deze verklaring omdat het er niet op leek dat de Anglicaanse Kerk de algemeen aanvaarde kerk zou blijven.

1687[bewerken]

In Schotland stelde the tolerantieverklaring dat onderdanen de koning dienden te gehoorzamen zonder enig voorbehoud. De Presbyterianen weigerden in eerste instantie de tolerantieverklaring te aanvaarden. De koning proclameerde de tolerantieverklaring nogmaals op 28 juni, waarbij de Presbyterianen dezelfde vrijheden kregen als de Rooms-Katholieken; dit werd geaccepteerd door de Presbyterianen met uitzondering van de extremistische Covenanters. De tolerantieverklaring gaf de onderdanen godsdienstige vrijheden, maar bevestigde hierbij nogmaals de absolute macht van de koning.

De Engelse versie werd warm ontvangen door de meeste non-comformisten maar zoals ook in Schotland waren de Presbyterianen meer terughoudend om de tolerantieverklaring te aanvaarden. Men was bang dat de tolerantie alleen zou rusten op de willekeur van de koning. De Anglicaanse Kerk raakte er enorm door in beroering.

1688[bewerken]

De Engelse verklaring werd opnieuw uitgebracht op 27 april 1688, wat leidde tot openlijke weerstand van de Anglicanen. Slechts weinig geestelijken lazen de verklaring op in hun kerken. De Schotse verklaring werd opnieuw bevestigd in een tweede proclamatie in mei 1688. Een aantal Schotse Episcopalen weigerden de tolerantieverklaring te erkennen.

William Sancroft, de Aartsbisschop van Canterbury, en zes andere bisschoppen presenteerden de koning een petitie waarin zij de verklaring onwettig verklaarden. Jacobus beschouwde dit als rebellie en liet de bisschoppen voor het gerecht verschijnen; de bisschoppen werden echter vrijgesproken. De Presbyterianen steunden de kerk en van de tegenstanders bedankten alleen de Quakers de koning voor de tolerantieverklaring.

De tolerantie werd afgeschaft toen Jacobus II werd afgezet tijdens de Glorious Revolution en de Bill of Rights verklaarde dat de macht om op te schorten onwettig was.

Externe links[bewerken]