Droge naald

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Droge-naaldprent van Lesser Ury (1861-1931)

Een droge naald is een diepdruktechniek uit de prentkunst waarbij men, doorgaans door middel van fijne, staalharde etsnaalden, een tekening krast in een plaat. Vroeger was die plaat meestal van koper, tegenwoordig wordt ook zink of plastic gebruikt. Wanneer men in een etsplaat krast, ontstaat er een 'braam'. Dit is een opstaand randje naast de getekende lijn, waaronder zich ook inkt hecht. Hierdoor ontstaat bij het afdrukken een wazige lijn, die typerend is voor de drogenaaldtechniek.

Na het tekenen wrijft men de plaat in met inkt. Daarna wordt de plaat afgeslagen: de inkt wordt voorzichtig verwijderd met gaas of met de handpalm, tot er enkel in de groeven inkt blijft zitten. Vervolgens wordt de droge naald door middel van een rolpers afgedrukt op bevochtigd papier. Het water in het papier trekt de inkt aan, waardoor de gekraste tekening zich in spiegelbeeld aan het papier hecht.

Een droge naald kan, in tegenstelling tot een ets, slechts in zeer beperkte oplage gedrukt worden, doordat bij elke druk de kenmerkende braam gedeeltelijk platgedrukt wordt. Om die reden is de droge naald nooit populair geweest als reproductietechniek en dus steeds enkel voor puur artistieke doeleinden gebruikt. De beroemde etsers van de 17e eeuw hebben al met de droge naald bepaalde delen in hun koperplaten opgewerkt en gecorrigeerd. Als afzonderlijke artistieke openbaring is de droge naald op het einde van de 19e eeuw veel beoefend.

In Engeland noemt men de techniek drypoint, in Frankrijk pointe sèche, in Duitsland trockene Nadel.

Zie ook[bewerken]