Ganelon

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

In het Roelantslied is Ganelon degene die het leger van Karel de Grote verraadt aan de Saracenen. Dat leidt tot de Slag van de Roncevaux-Pas.

Hij komt voor in het Roelantslied, waarin hij een welgerespecteerde baron is en wordt genoemd als een van de paladijnen. Daarin is hij Rolands stiefvader en zwager van Karel de Grote. Volgens een Chanson de Geste (heldenlied) was hij getrouwd met een zuster van Karel de Grote en hadden ze een zoon. Hij ondersteunde het succes en de populariteit van zijn stiefzoon onder de Franken en veldslagen. Wanneer Roland hem uitkiest als boodschapper om een bericht te sturen naar de vijanden de Saracenen, is Ganelon zo beledigd dat hij wraak wil tegenover zijn eigen Franken. Deze wraak werd omgezet tot verraad en Ganelon smeedde een complot met Bali Blancandrin tot een aanval op de Pas van Roncesvalles.

Als de slag voorbij is wordt Ganelon alsnog gepakt, en voorgeleid in (waarschijnlijk) Pau, 778. Daar mag hij zich verdedigen in een jurygevecht tussen hem en Karel de Grote, waarvoor gebruik werd gemaakt van twee soldaten die uit hun naam een duel uitvochten. Voor Ganelon was dit Pinabel en voor Karel Thierry. Uiteindelijk werd Pinabel verslagen, zodat Ganelon in de ogen van God een verrader moest zijn. Ganelon werd in het plaatselijke bos gevierendeeld.

In canto XXXII van de De goddelijke komedie wordt Ganelon aangetroffen in het diepst van de hel waar hij met meerdere verraders tot hun hoofd ingegraven ligt in de Cocytus, een rivier in Hades.

Referenties[bewerken]

  • Charles Stanley Ross, vertaling van Boiardo's Orlando Innamorato; Oxford University Press, 1995; I, i, 15, iv, p. 5 and note p. 399.
  • Joseph Tusiani, notes by Edoardo A. Lèbano, Bloomington, vertaling van Morgante, Indiana University Press, 1998, p. 768 (note 8,3): "In the Italian tradition, all persons belonging to house of Maganza were considered potential traitors