Grand panétier

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Grand panétier (ruwweg: hoofd van het brood) was een van de Franse grootofficieren, lid van de Franse hofhouding en functioneel aanstuurder van de panétiers (broodafdeling).

Historie[bewerken]

De functie van panétier bestaat sinds de 11e eeuw. Oorspronkelijk was de panéterie een van de twee functies van de gobelet du roi (letterlijke vertaling: drinkbeker van de koning) met een staf van 12 sommeliers, vier hulpen, een garde-vaiselle (voor de vuile vaat), twee kruiers en een lavandier. Deze laatste was verantwoordelijk voor de was, het dekken van de eettafel en het halen van brood. Omdat steeds meer verantwoordelijkheden naar andere afdelingen werden overgeheveld, kreeg de functie van Grand Panétier op den duur een meer ceremoniële betekenis.

Onder Lodewijk XIV was de Grand Panétier een van de zeven functies aan de koninklijke tafel.

Gaandeweg verkreeg de Grand Panétier meer privileges, zoals jurisdictie over de (monopolistische) corporatie van bakkers in Parijs. In de 16e eeuw werd de functie zelfs erfelijk overdraagbaar. Dit gebeurde bij de familie De Cossé de Brissac, waarvan de laatste ambthouder in 1782 overleed.

Trivia[bewerken]

  • De Roemeense equivalent van Grand Panétier was de titel Pitar.