Hapkido

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Hapkido
Hapkido-hangul.png
Hangul 합기도
Hanja 合氣道
Herziene Romanisatie hapgido
McCune-Reischauer hapkido

Hapkido is een vrij jonge Koreaanse zelfverdedigingskunst die ontstaan is uit een mix van diverse traditionele Koreaanse krijgskunsten maar ook met stevige wortels in het Japanse Daito Ryu Aiki Jujutsu, waaruit ook aikido voortgekomen is.

Betekenis[bewerken]

De betekenis van het woord hapkido, laat zich het beste op de volgende manier uitleggen.

  • HAP (합/合)

staat voor 'harmonie van lichaam en geest',

  • KI (기/氣)

staat voor 'Innerlijke kracht' en

  • Do (도/道)

staat voor 'de wil/weg om iets te bereiken'

Zodra hapkido geschreven wordt in hanja is de naam overigens identiek aan die van het Japanse aikido. De Koreaanse en Japanse uitspraak van deze karakters verschilt echter. Wikipedia geeft in het artikel over aikido de volgende betekenis aan deze drie karakters:

  • AI-KI-DO betekent letterlijk de weg (DO) van het ontmoeten en in harmonie brengen (AI) van levenskracht (KI).

Stijlen[bewerken]

float

Hoewel hapkido een vrij jonge vechtkunst is, zijn er inmiddels al vele verschillende hapkido-stijlen ontstaan.

Technieken[bewerken]

Hapkido kent een breed arsenaal aan technieken en wordt dan ook wel een complete vechtkunst genoemd. De technieken die de hapkido-beoefenaar leert zijn onder te verdelen in de volgende categorieën.

  • Valbreken (nakbub)
  • Trap- en stoottechnieken
  • Losmaak(bevrijdings)-technieken
  • Gewrichtsklemmen
  • Drukpunten
  • Wapens


Het oefenen met wapens is in veel scholen voorbehouden aan de gevorderde leerling. In sommige scholen wordt meer aandacht besteed aan het gewapende gevecht dan in andere. Wapens die een hapkido-beoefenaar tijdens zijn carrière tegen kan komen zijn:

  • dan bong (단봉), een korte stok van ongeveer 30 cm
  • joong bong (중봉), een middellange stok van ongeveer 120 cm
  • jang bong (장봉), een lange stok van ongeveer 200 cm
  • Kom (검), een zwaard of Mook kom (목검), houten zwaard
  • Ti (띠), de band of een touw
  • Kal (칼), het mes
  • Ji Pangi, (지팡이), de wandelstok

In sommige scholen worden tevens loopvormen (poomse, hyung) onderwezen, maar in de meeste scholen vormen deze geen onderdeel van het lesprogramma. Het traditionele hapkido kende in ieder geval geen loopvormen.

Terminologie[bewerken]

In een hapkido-oefenruimte, dojang (도장), wordt vaak gebruikgemaakt van Koreaanse terminologie. Zo draagt de hapkido-beoefenaar een dobok (도복) met daaromheen zijn Tti (띠). De beginnende hapkido-beoefenaar draagt de witte band, welke in veel stijlen de tiende gup (급) genoemd wordt.

Afhankelijk van de kennis die leraar, sabeomnim (사범님) heeft van de Koreaanse taal, kan er in meer of mindere mate gebruikgemaakt worden van Koreaanse terminologie tijdens de lessen.

Gradatie[bewerken]

Om het niveau van een hapkido-beoefenaar aan te geven, wordt gebruikgemaakt van een gradensysteem. Dit systeem bestaat uit twee delen. De zogenaamde negen gup (급) en negen dan (단) graden. De gup graden lopen af van negen t/m één en de dan graden lopen juist op van één t/m negen. Sommige scholen gebruiken meer dan tien gups, met name wanneer er veel les wordt gegeven aan kinderen. Om van de ene naar de andere graad te stijgen, dient men vaak een examen af te leggen. De tijd tussen gup-examens is meestal niet zo lang, drie tot zes maanden. Tussen dan examens kan wel enkele jaren zitten. Als vuistregel kan men aanhouden dat het nummer van de dan graad aangeeft hoe lang het duurt voordat men examen kan doen. Iemand zou dus tussen tweede en derde dan drie jaar moeten trainen voordat hij of zij examen kan afleggen.
In sommige gevallen wordt ook de tiende dan aan personen toegekend. Meestal aan personen die zich in hoge mate hebben ingezet binnen hun eigen organisatie of stijl. Anderen zijn van mening dat de tiende dan alleen bestemd zou moeten zijn voor de leider van een bepaalde hapkido-organisatie of stijl.

De kûps worden aangegeven met een systeem van gekleurde banden. Deze banden worden om de middel van de beoefenaar gedragen. De gebruikte kleuren verschillen per school, maar de eerste kleur is altijd wit. In het schema hiernaast zijn de kleuren van de gups aangegeven volgens het meest gangbare systeem in Korea. Nederlandse scholen gebruiken meestal een verschillende kleur voor iedere gup, of banden met meerdere kleuren.

Danhouders, ook wel yudanja (유단자) genoemd, dragen altijd een zwarte band. In plaats van een band wordt ook wel gebruikgemaakt van een sjerp.
In principe kun je alleen aan de band van een yudanja niet zien welke dan hij heeft. Er wordt in de regel niet gebruikgemaakt van streepjes op de band om aan te geven welke dan men heeft, zoals dat in sommige andere vechtkunsten wel gebruikelijk is. Op de band kan verder de naam van de beoefenaar en/of de naam van de kwan waar hij of zij toe behoort worden gezet.

Geschiedenis[bewerken]

De korte geschiedenis van hapkido is lang niet zo overzichtelijk als men zou verwachten van een vechtkunst die ongeveer 60 jaar oud is. Het feit dat hapkido opgebouwd is uit technieken van verschillende stijlen is daar mede debet aan. Ook werden in het begin de Japanse wortels van hapkido vaak verzwegen en werd verteld dat hapkido-technieken terug gingen op veel oudere traditionele Koreaanse stijlen. Hoewel technieken uit deze stijlen zeker hun weg naar het hapkido-curriculum gevonden hebben, wordt de basis van hapkido voor het merendeel gevormd door technieken uit het Daito Ryu Aiki Jujutsu van Sokaku Takeda. Waarbij opgemerkt kan worden dat eeuwen eerder vechtkunst naar Japan werd geëxporteerd vanuit het koninkrijk Paekche. Maar op hun beurt waren de technieken uit Paekche waarschijnlijk heel erg beïnvloed door Chinese stijlen. Iets wat opgemaakt kan worden uit afbeeldingen en beelden uit die tijd. Hoe dan ook, we weten niet meer wat voor soort technieken het waren en het is dus veilig om te zeggen dat de technieken uit Japan die een grote invloed hadden op het hapkido sinds die tijd een enorme ontwikkeling hebben doorgemaakt.

Belangrijke personen in het Hapkido[bewerken]

Choi Yong-sul[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Choi Yong Sul voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Een persoon die een belangrijke rol heeft gespeeld in het overbrengen van de technieken uit Japan naar Korea is Choi Yong-sul (최용술). Choi wordt dan over het algemeen ook als de grondlegger van het hapkido gezien.

De manier waarop Choi zich de technieken van Sokaku Takeda heeft eigen gemaakt is nooit duidelijk geworden. Door sommigen wordt beweerd dat Choi de geadopteerde zoon van Takeda was, maar hier zijn geen bewijzen voor. Waarschijnlijker is het dat Choi een werknemer van Takeda was en op die manier kennis heeft kunnen maken met de technieken die het meest praktisch waren voor het uitoefenen van zijn werk.
Choi beweerde later dat hij papieren van Takeda had gekregen die moesten aantonen dat hij bevoegd was om het Daito Ryu te onderwijzen. Deze papieren zou hij echter verloren hebben. In de, vrij nauwkeurige, administratie van Takeda komt Chois naam niet voor, en ook zijn Japanse naam, Yoshida Asao, komt niet voor. Beweerd wordt dat dit komt doordat Choi Koreaan zou zijn, maar de namen van andere Koreanen die onder Takeda hebben gestudeerd staan wel in de administratie vermeld.

Hoewel dit verhaal dus duidelijk een aantal hiaten kent, is het zonder meer duidelijk dat Choi een formidabel vechtkunstenaar was toen hij terugkeerde naar Korea. Choi begon voor het eerst les te geven aan Suh Bok Sup (서복습). Suh was de directeur van een bierbrouwerij waar Choi vaak graan haalde voor zijn varkens. Suh had reeds ervaring met Yudo (유도, Koreaans Judo) en was onder de indruk van Chois vechtstijl en vroeg hem om hem les te geven.
In deze begintijd noemde Choi zijn stijl Yawara, en vestigde hij zich in de stad Daegu.
Choi Yong-sul hield zich op de achtergrond en bleef rustig lesgeven in zijn stijl zonder al te veel toevoegingen. In 1986 overleed Choi Yong-sul. Hij werd opgevolgd door zijn zoon Choi Bok-yeol die echter in 1987 bij een ongeluk om het leven kwam. Een officiële tweede opvolger was toen nog niet aangewezen. In 2000 nam Kim Yun-sang officieus het roer over als de derde doju. Hij voert momenteel de hapki yusul-beweging aan vanuit zijn school in Gumsan.

Lim Hyun-Soo 9de Dan[bewerken]

Lim Hyun-soo (임현수) Grootmeester Lim Hyun Soo is de tweede persoon in de geschiedenis die van de Grondlegger Choi Young Sul de negende dan heeft gekregen. Dit was op 1 december 1983. Grootmeester Lim Hyun Soo is een van de vier hoogst gegradueerde leerlingen en tevens de langst trainende meester onder Choi Yong-sul. Grootmeester Lim Hyun Soo opende Jungki Kwan op 24 oktober, 1974. Nadat Choi Yong-Sul zijn school sloot in 1976, bracht Dojunim Choi dagelijks veel tijd door bij Jungki Kwan. Grootmeester Lim geeft nog steeds les op het hoofdkwartier van Jungki Kwan in Daegu, Zuid-Korea.

Kim Yun Sang 9de Dan[bewerken]

Grootmeester Kim Yun Sang is de derde persoon in de geschiedenis die van de Grondlegger Choi Young Sul de negende dan heeft gekregen. Dit was op 20 mei 1984. Kim Yun Sang is daarmee een van de vier hoogstgegradueerde Grootmeester onder Choi Young Sul. Hij geeft nog altijd les in Hapkido (Hapki Yusul) en zijn hoofd Do-Jang is gevestigd in Gunsan Zuid-Korea. Hij is tot aan de dood van Choi Young Sul in 1986 bij de grondlegger blijven trainen. De grondlegger Choi zijn zoon Choi Bok-yeol zou de organisatie overnemen, maar omdat deze door een ongeluk om het leven kwam heeft Grootmeester Kim Yun Sang in 2000 als derde Doju de organisatie voortgezet.

Ji Han-jae[bewerken]

Een andere persoon die veel invloed heeft gehad op de ontwikkeling van het hapkido is Ji Han-jae (지한재) geweest. Ji was in zijn tienerjaren een leerling van Choi Yong-sul. Hij verhuisde later echter naar Seoel en begon daar zijn eigen school. Ji bestudeerde naast het yawara van Choi ook traditionele Koreaanse vechtkunsten zoals taekgyeon en kreeg meditatielessen van een vrouwelijke monnik genaamd Lee, die hij later oma noemde (deze vrouw was niet zijn echte oma, maar het is voor Koreanen gebruikelijk om oudere mensen met opa en oma aan te spreken).
In Seoel groeide de school van Ji aanzienlijk en veel mensen sloten zich bij Ji's organisatie aan. Veel van deze mensen hadden reeds ervaring in Koreaanse vechtkunsten en namen hun ervaring mee naar de school van Ji. Zo werd het arsenaal aan technieken steeds uitgebreider. Ji Han-jae beweert dat hij als eerste de naam hapkido ging gebruiken.

In de jaren zestig waren er in Korea drie bewegingen die zich afzonderlijk van elkaar met hapkido bezig hielden. Deze bewegingen waren gesitueerd rond drie steden, namelijk:

  • Daegu (Chois aanhang)
  • Seoel (Ji's aanhang) en
  • Busan (de beweging waar later ook het Kuk sool won uit is ontstaan).

Hoewel er onderling wel contact was, groeiden de bewegingen steeds verder uit elkaar. Dit is mede te wijten aan het feit dat in die tijd het lang niet zo gemakkelijk was om van de ene stad naar de andere stad te reizen zoals dat tegenwoordig het geval is. Een modern wegennet bestond nog niet in het door de Koreaanse Oorlog geteisterde schiereiland.
Ook gingen steeds meer politieke belangen meespelen. Iets waar vooral de groep in Seoel last van had omdat zij natuurlijk in de hoofdstad het dichtst bij het politieke vuur zat. Ji Han-jae werkte zich op tot lijfwacht van de Koreaanse president. Iets wat hem voldoende politieke macht gaf om helemaal voor zichzelf te beginnen (een hoge positie is namelijk belangrijk in het statusgevoelige Korea). Een actie waar niet iedereen tevreden mee was, en zo ontstonden nog meer afsplitsingen. In het begin van de jaren 70 speelde Ji Han-jae in een film 'hapkido' genaamd samen met Angela Mao Ying. Later speelde Ji Han-jae ook een rol in de Bruce Lee film 'Game of Death'.

In 1979 werd de Koreaanse president Park Chung-hee doodgeschoten door een leerling van Ji Han-jae: Kim Jae-gyu. Kim was het hoofd van de Koreaanse veiligheidsdienst en Ji Han-jae had een rol gespeeld bij de aanstelling van Kim. Om deze reden werd hij voor een jaar gevangengezet.

In 1984 emigreerde Ji Han-jae naar de Verenigde Staten en richtte zich daar op de ontwikkeling van een nieuwe hapkido-stijl. Het Sin Moo Hapkido (신무합기도) dat op die manier ontstond, wordt momenteel actief door Ji Han Jae gepromoot.

Myung Jae-nam[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Myung Jae Nam voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Myung Jae-nam sloot zich aan bij de beweging van Ji Han-jae in Seoel en was één van de medeoprichter in 1965 van de Korea Hapkido Association. Myung Jae-nam is bekend geworden als degene die een brug probeerde te slaan tussen de Koreaanse en Japanse tradities. Het door hem ontwikkelde hankido is een mengeling van Koreaanse hapkido en Japanse aikido technieken.
Myung Jae-nam stond tot aan zijn dood in 1999 aan het hoofd van de International H.K.D Federation.

Han Bong-soo[bewerken]

Han Bong-soo (한봉수) was een leerling van Choi Yong-sul en Ji Han-jae, verhuisde later naar Californië en speelde in de film Billy Jack. Han Bong-soo stond bekend om zijn uitstekende beheersing van traptechnieken. Han Bong-soo startte zijn eigen federatie: International Hapkido Federation. (niet te verwarren met de IHF van Myung Jae-nam) Han Bong-soo overleed 8 januari 2007.

Myung Kwang-sik[bewerken]

Myung Kwang-sik (명광식) is een leerling van Ji Han-jae die later ook bij Choi Yong-sul gestudeerd heeft. Hij begon in Korea zijn eigen school onder de naam yeonmukwan (연무관 ) maar emigreerde later naar de Verenigde Staten, waar yeonmukwan overging in de World Hapkido Federation (WHF). Myung Kwang-sik bracht het eerste Engelstalige boek uit over Hapkido: Korean Hapkido Ancient Art of Masters. Hij schreef later meerdere boeken en bracht diverse video's uit. Hij is de voorzitter van de WHF.

Yoo Byung-don[bewerken]

Yoo Byung-don is een directe leerling van Choi Yong Sul. Yoo Byung Don startte de: Orthodox Hap Ki Do Association Korea. In 1992 publiceerde Yoo Byung-don zijn eerste boek: Traditional Hapkido. Zijn Hapkido-geschiedenis staat beschreven in het boek van Dr. He-Young Kimm "History of Korea and Hapkido" dat in 2008 is gepubliceerd.

Wereldwijde verbreiding[bewerken]

Hapkido's verbreiding werd in gang gezet door twee factoren. Het waren in de jaren zeventig met name mensen uit Ji Han Jaes groep die emigreerden naar de Verenigde Staten. Bekende leraren die deze stap maakten waren Myung Kwang-sik (명광식) en Han Bong-soo (한봉수). De laatste had tijdens de Vietnamoorlog reeds lesgegeven aan diverse Amerikaanse GI's. Ook deze laatste groep zorgde voor een verdere verbreiding van het hapkido.

Koreaanse organisaties[bewerken]

In Zuid-Korea bestaan tegenwoordig talloze organisaties die zich tot doel hebben gesteld om het hapkido te promoten. Hiervan zijn er echter maar een aantal die door de Zuid-Koreaanse overheid erkend worden. Koreaanse agenten dienen voordat ze tot hun opleiding worden toegelaten in het bezit te zijn van ten minste een eerste dan in hapkido, waarbij alleen de certificaten van herkende organisaties worden geaccepteerd. De International H.K.D Federation en de Daehan Hapki Hwe (KHF) zijn de twee grootste Koreaanse organisaties waarvan de dan-certificaten erkend worden.

In de lage landen[bewerken]

België[bewerken]

In België zijn diverse organisaties actief in het promoten van hapkido. De bekendere stijlen zoals Sin Moo Hapkido, Jin Jung Kwan Hapkido en de International H.K.D Federation worden allemaal officieel vertegenwoordigd in België, maar ook minder bekende stijlen, zoals het Hwalmoo hapkido.

Nederland[bewerken]

Begin[bewerken]

float

Hapkido werd in Nederland geïntroduceerd door Robert Pellikaan in 1979. Pellikaan kwam terug uit Nieuw-Zeeland waar hij les had gekregen in hapkido van Lee Jung-nam. Pellikaan richtte in Nederland de H.B.N (Hapkido Bond Nederland) op en begon les te geven. In 1980 werden in Leidschendam voor het eerst hapkido-examens afgenomen. Vanuit de H.B.N. werden contacten gelegd met de International Hapkido Federation van grootmeester Myung Jae-nam (명재남) in Zuid-Korea. In 1986 en 1989 bracht Myung Jae-nam een bezoek aan Nederland en introduceerde zijn eigen hapkido-stijl: het hankido. De H.B.N. werd later omgedoopt tot de Nederlandse Hapkido Federatie. In 1993 vertrok Pellikaan weer naar Nieuw-Zeeland. De N.H.F. onderhoudt contacten met de Koreaanse moederorganisatie via hun leraar Ko Baek-yong (고백용).

Traditioneel Hapkido[bewerken]

In Groningen was het Wim van Kempen, één van de eerste leerlingen van Robert Pellikaan, die een sterke interesse toonde in het traditionele hapkido van Choi Yong-sul. Hij besloot zich af te splitsen van Pellikaans organisatie en begon zijn eigen zoektocht naar de wortels van het Hapkido. Dit bracht hem onder meer in contact met grootmeester Yoo Byung-don (유병돈). Yoo Byung-don is een directe leerling van Choi Yong-sul die probeert om de stijl van Choi Yong-sul zo authentiek mogelijk door te geven aan komende generaties. Yoo Byung Don is de oprichter van de Orthodox Hapkido Association Korea en publiceerde in 1992 zijn eerste boek: "Traditional Hapkido"

Nederlandse Hapkido Associatie[bewerken]

Een van de eerste leerlingen Hapkido in Nederland is Jelte de Graaf. Hij begon zijn hapkido-training onder Robert Pelikaan en Wim van Kempen toen deze net in Groningen begonnen was en ook de Graaf sloeg enige jaren later zijn eigen weg in. Vooral ook op zoek naar wat nu eigenlijk met hapkido werd bedoeld en na een lange zoektocht langs diverse meesters en grootmeesters in Europa, Korea en Canada, richtte hij in 1991 de Nederlandse Hapkido Associatie op. De NHA heeft thans contacten met zowel traditionele, waarvan de traptechnieken hooguit tot de middel gaan, alsook met de meest moderne Hapkido-organisaties met de juist uit Korea bekende hoge en gesprongen traptechnieken. Vanuit de NHA worden met regelmaat demonstraties en seminars gegeven. Bij de NHA begint men in een wit pak en staan losmaaktechnieken tegen alle mogelijke aanvallen eerst voorop en parallel wordt er begonnen met trap-en slagtechnieken, valbreken, drukpunten en algemene basistechnieken. Klemmen-, controle- en hogere werptechnieken komen wat later aan de orde. Vanaf de 3rde Kup(Rode band) draagt men een zwarte rever/kraag en een zwarte broek. Populair zijn de vanuit de NHA Sociale Weerbaarheidstrainingen, met een behoorlijke dosis Hapkido zelfverdedigingstechnieken, die worden gegeven in het onderwijs in Nederland. In augustus 2013 is De Graaf met een team van 8 NHA Hapkido-studenten op een toer in Canada en Amerika geweest. Er werd in diverse plaatsen in Canada en de VS bij vele en met vele vooraanstaande Meesters en Grootmeesters lessen gekregen en lessen gegeven. Aansluitend daarop is De Graaf naar Engeland geweest om te assisteren met het afnemen van Dan-graad examens

Jungki Hapkido en Kuhapdo Bond Nederland (JHKBN)[bewerken]

Ronald Verheuvel uit Hellevoetsluis heeft zich aangesloten bij een van de oudste en langst functionerende (onafgebroken sinds 1974) Orthodox Hapkido organisaties van Korea. De organisatie van grootmeester Lim, Hyun-Soo (임현수) de oprichter van Jungkikwan (24 oktober 1974 in Daegu, Zuid-Korea). Grootmeester Lim, Hyun-Soo trainde 19 jaar onder Dojunim Choi, Yong-Sul en ontving op 27 december 1983 zijn 9de Dan van grondlegger Choi Yong-Sul zelf. Er zijn in de geschiedenis vier mensen die hun 9de Dan direct hebben ontvangen uit handen van Choi Yong Sul. Hiervan is er 1 overleden en 1 gestopt met lesgeven. Alleen GM. Lim Hyun Soo (9de Dan op 1 december 1983) en GM. Kim Yun Sang (9de Dan op 20 mei 1984) geven nog steeds actief les. Ronald Verheuvel is een directe leerling van Grootmeester Lim en heeft op diens verzoek in 2010 de Jungki Hapkido en Kuhapdo Bond Nederland opgericht.

Overige stijlen[bewerken]

Vrijwel alle hapkido-organisaties in Nederland onderhouden directe contacten met Koreaanse grootmeesters, maar er zijn ook scholen die zelfstandig opereren.

  • Yeon Mu Kwan Hapkido. Sinds 2006 wordt in Nederland het Hapkido van Myung Kwang-sik gepromoot door de "Dutch HKD Federation" welke is aangesloten bij de World Hapkido Federation van deze grootmeester.
  • Een andere hapkido-stijl die de laatste jaren veel aan populariteit wint in Nederland is het Jin Jung Kwan Hapkido (진중관 합기도).

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]