Informatie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Een informatiebord met informatie over de straatnamen in Beesd

Onder informatie (van Latijn informare: "vormgeven, vormen, instrueren") verstaat men in algemene zin alles wat kennis of bepaaldheid toevoegt en zodoende onwetendheid, onzekerheid of onbepaaldheid vermindert. In striktere zin wordt wel gesteld dat pas van informatie gesproken kan worden als die voor mensen interpreteerbaar is. Het interpreteren en integreren van deze informatie resulteert in kennis.

Er zijn in de loop van de tijd honderden definities van het begrip informatie gegeven. Dit komt doordat het begrip in een aantal (sub)wetenschappen en toepassingsgebieden op verschillende wijzen wordt gebruikt. Informatie wordt overgedragen via communicatie.

Gegevens, informatie en kennis[bewerken]

Informatie wordt vaak verward met de begrippen gegevens en/of kennis. Hoewel deze begrippen veel met elkaar te maken hebben, zijn ze niet hetzelfde. Gegevens zijn rauwe feiten of symbolen. Gegevens worden pas informatie als de gegevens een betekenis of nieuwswaarde hebben voor de ontvanger. Bovendien zou het de ontvanger ook van praktisch nut moeten zijn, wat niet voor elk nieuws geldt. Een andere definitie stelt dat de mate waarin onzekerheid wordt opgeheven, een maat voor de hoeveelheid informatie is. De eenheid van informatie is een zgn. BIT.

Kennis is het persoonlijk vermogen dat iemand in staat stelt om juist te handelen. Kennis is een product dat bepaald wordt door de informatie, ervaring, vaardigheden en attitude waarover een persoon op een bepaald moment beschikt.

Machines (zoals computers en faxapparaten) kunnen informatie niet begrijpen zoals een mens dat kan; zij kunnen slechts data (gegevens) verwerken.

Een bekend voorbeeld van het onderscheid tussen informatie en gegevens is uit te leggen aan de hand van een telefoonboek. De telefoonnummers uit het telefoonboek zijn gegevens. Ze kunnen worden verwerkt. Men kan de telefoonnummers oplopend sorteren op abonneenummer, maar men kan de gegevens ook sorteren op achternaam. Men kan een selectie maken van alle nummers met een bepaald netnummer. Als iemand het telefoonnummer van zijn moeder zoekt in het telefoonboek, om dat nummer vervolgens te bellen, dan is dat ene nummer de informatie. Men weet dat men de telefoon moet pakken, om vervolgens het nummer te kunnen draaien of toetsen. De nummers moeten achtereenvolgens doorgegeven worden. In sommige gevallen kan het landnummer of zelfs het netnummer weggelaten worden. Soms moet de eerste 0 in het netnummer weggelaten worden. Dit moet je allemaal weten om de informatie op de juiste manier te gebruiken. Weet je dat niet, dan is het niet meer dan een gegeven, en wordt het in sommige gevallen zelfs als ruis ervaren.

Informatie in een boodschap[bewerken]

Een verzameling informatie die met een bepaald doel overgedragen dient te worden wordt ook wel 'boodschap' genoemd. Een boodschap kan informatie bevatten op allerlei niveaus, waaronder veel meta-informatie. Zolang we geen betekenis kunnen geven aan de informatie, bijvoorbeeld omdat de betekenis van de woorden van de taal onbekend is voor de ontvanger, of omdat de ontvanger de symbolen niet kent kan de informatie niet volledig overbracht worden. Informatie is dus een subjectief begrip.

De persoon die een boodschap aan de ander overdraagt is de zender en de persoon die de boodschap ontvangt is de ontvanger. Meestal is er ook sprake van een tweerichtingsverkeer. De boodschap (informatie) kan dus beide kanten opgaan. Als je niets zegt, kan toch een gedeelte van de boodschap worden overgebracht door lichaamstaal. Zelfs je aanwezigheid, je zwijgen of je uitblijvende antwoord geven een boodschap aan de ander.

Informatie-eisen[bewerken]

Welke eisen moeten worden gesteld aan informatie?

Integriteit

Dit is de betrouwbaarheid van de informatie. Het is belangrijk dat je de informatie bijvoorbeeld niet gaat veranderen om het positiever te maken dan het in werkelijkheid is. Je moet de juiste gegevens noteren welke op het moment gelden.

Kwaliteit

Dit is hoe goed de informatie aansluit op de eisen van de klant. Hierbij kun je denken aan de opmaak, welke gegevens in het overzicht voorkomen enz. De informatie moet er niet rommelig uitzien, dit moet in een duidelijk overzicht worden weergegeven.

Kwantiteit

Dit is de hoeveelheid van de informatie. Het is belangrijk om volledige informatie te verstrekken, anders kan het voorkomen dat er bepaalde informatie niet wordt weergegeven wat voor de 1 misschien niet belangrijk is. Maar voor de ander kan het juist wel belangrijk zijn.

Tijdigheid

Het is belangrijk om bepaalde informatie op tijd door te geven, anders kan het bijvoorbeeld voorkomen dat de informatie pas komt na het moment waar hij nodig is. (voorbeeld: de informatie welke op een vergadering nodig is wordt pas na de vergadering geleverd).

Volledig

Het is belangrijk om volledige informatie te verstrekken, anders kan het voorkomen dat er bepaalde informatie niet wordt weergegeven wat voor de 1 misschien niet belangrijk is. Maar voor de ander kan het juist wel belangrijk zijn.

Actueel (up-to-date)

De informatie moet niet uit verleden zijn gehaald, dit dient juiste informatie te zijn over de actuele gegevens. Dus over hoe de situatie OP DIT MOMENT is.

Controleerbaar

Je moet middels een bepaalde procedure de informatie noteren/ontwikkelen. Je moet bijvoorbeeld niet cijferlijsten laten controleren wanneer de cijfers nog niet definitief zijn. Dan veranderen de cijfers bijvoorbeeld en kan het beeld van een leerling geheel veranderen.

Mate van gedetailleerdheid / overzichtelijk

Een bekend gezegde luidt: "overdaad schaadt" of ook wel "eenvoud is de kenmerk van het ware". Bij het genereren van informatie gaat het dus (ook) over de kunst van het weglaten.

Helderheid

Kort en krachtig, niet te veel opsmuk. Programma's die zich (te) veel bezighouden met de layout en kleurstelling en te weinig met de inhoudelijke kant van de gegevens noemen we vaak "Bimbo-ware".

Relevantie

Als je vraagt naar de winstcijfers per land, heb je geen behoefte aan een onderverdeling naar productgroep.

Kanalen[bewerken]

Er zijn verschillende manieren voor het overbrengen van informatie, de boodschap. Dit kan bijvoorbeeld door middel van een tijdschrift, woorden of gebaren. Het medium waarvan gebruik wordt gemaakt bij het overbrengen van de boodschap wordt het kanaal genoemd. We kunnen verschillende groepen onderscheiden:

  • zintuiglijke kanalen, zoals gezicht, gehoor, gevoel, geur en smaak;
  • mechanische kanalen, zoals een pen of een typemachine;
  • elektronische kanalen, zoals radio, telefoon of computer.

Ruis[bewerken]

In welke mate de informatie die overgebracht wordt aankomt bij de ontvanger is afhankelijk van verschillende factoren. Factoren die de informatieoverdracht negatief beïnvloeden worden ruis genoemd. Er bestaan verschillende soorten ruis.

Externe ruis[bewerken]

Onder externe ruis worden factoren verstaan die de ontvanger afleiden waardoor de informatieoverdracht wordt verstoord. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer je een gesprek probeert te voeren in een lawaaiige omgeving.

Interne ruis[bewerken]

Onder interne ruis worden factoren verstaan die gelegen zijn in de informatieontvanger of -verzender zelf. Interne ruis kan veel verschillende oorzaken hebben:

  • Het gesprek vindt plaats in een taal die een of beide gesprekspartners onvoldoende beheersen
  • Een of beide gesprekspartners zijn geëmotioneerd
  • De informatieverzendende partij drukt zich onduidelijk uit of maakt onvoldoende onderscheid tussen hoofd- en bijzaken
  • De informatieontvangende partij trekt voorbarige conclusies of interpreteert de informatie op een manier die de verzendende partij niet voorzien had
  • De informatieontvangende partij ervaart de informatie als irrelevant en verwerkt deze daarom bewust of onbewust niet
  • De informatieverzendende partij geeft meer informatie dan de ontvangende partij kan verwerken ("information overload").

Niveaus[bewerken]

Informatie kan op inhoudsniveau en betrekkingsniveau gezonden worden. Het inhoudsniveau betreft de concrete inhoudelijke informatie. Betrekkingsniveau is informatie op meta-niveau: bijvoorbeeld informatie over hoe een boodschap moet worden opgevat en hoe de verhoudingen zijn tussen de betrokkenen in een relatie. Vaak wordt tegelijkertijd een boodschap op inhoudsniveau en betrekkingsniveau gegeven.

Organisatorische informatie[bewerken]

In een organisatie (zoals een bedrijf) kent men verschillende soorten informatie.

  • Interne informatie: informatie die niet in het openbaar komt. Bijvoorbeeld salarisgegevens, adresgegevens van klanten of productie-informatie.
  • Externe informatie: informatie die in openbare bronnen beschikbaar is. Deze is te vinden in tijdschriften, boeken, beurzen, marktonderzoeken, etc.
  • Strategische informatie: informatie om doelstellingen van de organisatie en grote investeringen te verantwoorden. Dit wordt vaak eenmalig verzameld en uitgegeven in de vorm van een rapport.
  • Tactische informatie: intern gerichte informatie op de middellange termijn. Deze informatie laat zien of primaire processen goed verlopen binnen een organisatie, bijvoorbeeld in de vorm van een week-, maand- of kwartaalrapportage.
  • Operationele informatie: informatie om de operationele processen (dagelijks werk) in de organisatie mogelijk te maken. Dit alles is vastgelegd in bedrijfsroutines en handboeken.

Zie ook[bewerken]