Kunsthart

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Barney Clark, de eerste persoon met een kunsthart, kreeg een hart van type Jarvik 7. Dit type werd later verboden voor permanent gebruik, omdat de patiënten er slechts maximaal een half jaar mee bleken te leven.

Een kunsthart is een prothese die het hart vervangt. Een kunsthart verschilt van een hart-longmachine, die buiten het lichaam werkt. Kunstharten kunnen jarenlang probleemloos functioneren.

Bij de implantatie wordt het eigen hart verwijderd. De operatie die daarvoor nodig is lijkt op die van een harttransplantatie.

Zowel het kunsthart (1957) als de hart-longmachine (1956) werden uitgevonden door de Nederlandse internist Willem Kolff. De eerste persoon ter wereld die een kunsthart kreeg was de Amerikaanse gepensioneerde tandarts Barney Clark (1922-1983). Een transplantatie was voor Clark om verschillende medische redenen niet mogelijk. Hij gaf zich vrijwillig op om het eerste kunsthart te ontvangen. Op 2 december 1982 werd door een team van chirurgen onder leiding van William DeVries van de Universiteit van Utah tijdens een zeven en een half uur durende operatie een kunsthart van het type Jarvik 7 ingebracht. Dit hart werd later verboden voor permanent gebruik, omdat de patiënten er slechts maximaal een half jaar mee bleken te leven. Barney Clark leefde na de operatie nog 112 dagen.

Er bestaan meerdere merken kunstharten naast Jarvik: AbioCor, CardioWest, InCor.

Een later model, de Jarvik 2000, bleek beter effect te hebben. Op 3 december 2007 overleed de eerste persoon, een Britse man, die in 2000 het eerste permanente kunsthart kreeg. Hij werd 68 jaar en stierf door "meervoudig falen van organen".