Machinetaal

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken

Machinetaal is een taal waarin instructies geschreven zijn die de processor van een computer direct kan uitvoeren. Een programma bestaat in machinetaal uit een reeks woorden, meestal van 8 (een byte), 16 of 32 bits. Elk woord staat voor een specifieke actie die de processor dient uit te voeren. Wanneer de computer in het programma dat hij aan het uitvoeren is bijvoorbeeld de byte 00001010 tegenkomt dan kan dit betekenen dat hij de inhoud van register 1 bij register 0 moet optellen.

Omdat het voor programmeurs tijdrovend is om software in machinetaal te schrijven en te onderhouden, schrijven ze hun software in een voor mensen makkelijker te begrijpen, 'hogere' programmeertaal. De dichtst bij machinetaal liggende programmeertaal is assembleertaal (assembly language, in het Nederlands meestal - niet geheel juist - assembly genoemd). Afgezien van de pseudo-instructies correspondeert elke assemblerinstructie met een machinetaalinstructie.

Voor hogere programmeertalen is een interpreter of compiler nodig om de programma's om te zetten in door een machine uit te voeren machinetaal. Een ander voordeel van het onderscheid tussen assembleertaal en hogere programmeertaal is portabiliteit. Dit houdt in dat voor een zelfde programmeertaal verschillende interpreters of compilers kunnen bestaan, waardoor dezelfde broncode op verschillende procesorarchitecturen kan worden uitgevoerd. Een interpreter of compiler biedt dus een abstractielaag op de processorarchitectuur.

[bewerken] Externe links

 
Persoonlijke instellingen
Boek maken