Made (weiland)
Een made, maat, mede, meet of (Fries) miede is een stuk grasland dat meestal als hooiland gebruikt wordt.[1] Het is aan een beek of ander water gelegen vochtig land dat minder geschikt is voor begrazing. Vroeger lag om deze graslanden soms een wal van plaggen. Op de Waddeneilanden deed een dergelijke wal ook dienst als primitieve zeekering.
Inhoud |
Toponiem [bewerken]
Vrijwel iedere landbouwgemeenschap had een of meerdere maden, door verbeterde afwatering of wegen konden daar soms woonkernen ontstaan, die meestal het oude toponiem behielden. Zo heeft Made, ontstaan op "die Meede" van Geertruidenberg, tegenwoordig meer inwoners dan de moederstad.
Andere voorbeelden zijn:
- Gooise Maatlanden: Bussumer maat, Hilversumse maat, Huizermaat, Laarder maat, Naarder maat [2]
- De Maten (Genk)
- Het Meedstermaar (provincie Groningen)
- Peizer- en Eeldermaden
- Bentemaden (buurtschap bij Oosterwolde (Friesland))
- Stadsmaten (voormalig ziekenhuis in Enschede)
- Meeden, Hoogemeeden, Lagemeeden, Meedenerdiep, Opmeeden, Uithuizermeeden
- Miedengebied: Buitenpostermieden, Hamstermieden, IJzermieden, Surhuizumer Mieden, Twijzeler Mieden, Zwagermieden, Verzorgingsplaats De Mieden
- Recreatiegebied Madestein te Den Haag
Familienamen [bewerken]
Van der Maat, van der Made, van der Mede, van der Mee, van der Meet, van der Meide(n), van der Meijde(n), Vermaat. 's Gravemade,
Zie ook [bewerken]
- de vlaktematen deimat, gemet en gras.
- madeliefje (ook het synoniem meizoentje wordt etymologisch verklaard als madezoete).
Bronnen en referenties [bewerken]
- ↑ Van Dale: Etymologisch woordenboek; ISBN 90-6648-302-4
- ↑ Gooise Maatlanden [1]
| Zie de categorie Meadows van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |