Masaï (volk)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Masaï-strijder
Masaï-onthaal
Masaï-vrouwen
Huis van Masai
Het spring-ritueel van de Masai
Masai-kind
Masai-herder met vee

De Masaï, Massai of Maasai is de naam die wordt gegeven aan een grotendeels nomadisch volk in Oost-Afrika, voornamelijk woonachtig in Kenia en Tanzania. De Masaï slaagden er in om, ondanks de groeiende moderne civilisatie, hun eeuwenoude tradities te bewaren. Door verschillende oorzaken, zoals de afname van weidegrond voor hun vee en droogte, staat deze traditionele leefwijze sterk onder druk. De totale populatie van de Masaï wordt geschat op 900.000, zo'n 350.000 tot 453.000 hiervan leven in Kenia. Exacte gegevens kunnen niet verstrekt worden aangezien er geen accurate volkstellingen plaatsvinden.

De Masaï spreken het Maa (of Masaï), behorende tot de Oost-Nilotische Ongamo-Maa-talen.

Kenmerken[bewerken]

De Masaï is een nomadenstam, ze kennen geen landsgrenzen. Vee is voor de Masaï onontbeerlijk. Ze eten het vlees, drinken het bloed en melk, gebruiken de huiden voor huizen en hun botten voor bijvoorbeeld kammen.

Toen in 1840 voor het eerst blanken naar Kenia kwamen, ging het mis voor de Masaï. Het was ontzettend droog, door de blanken kwamen er westerse ziekten naar de Masaï en er brak runderpest uit. Veel Masaï en hun vee vonden de dood. Ze werden daarop door verscheidene andere stammen aangevallen, wat door hun verzwakte status zelden een goede afloop kende. Hierdoor en door een herverdeling van de gronden door de Engelse bezetters, verloren de Masaï het merendeel van hun land. Ook anno 2008 staan de Masaï nog steeds onder druk, doordat de regering van Kenia stukken grond bij nationale parken als Serengeti en Maasai Mara wil voegen.

Religie[bewerken]

De Masaï geloven in de god Engaï. Over het allereerste begin geloven ze dit:

Aanhalingsteken openen

De god Engaï had drie kinderen. Aan die kinderen gaf hij drie verschillende cadeaus. Het eerste kind kreeg pijl en boog. Van hem stammen de jagers af. Het tweede kind kreeg een ploeg. Zijn nakomelingen zijn de landbouwers. Het derde kind kreeg een stok. Met deze stok kon hij herder van het vee zijn. Van dit derde kind stammen de Masaï af.

Aanhalingsteken sluiten

Ze geloven dat Engaï hen al het vee gaf en daarom dachten ze dat al het vee op de hele wereld van hen is. Ze hebben heel erg veel verhalen. Ze geloven dit over de dood:

Aanhalingsteken openen

Lang geleden zei de god Engaï tegen een Masaï krijger: "jullie zullen nooit dood hoeven. Als er iemand dood gaat hoef je alleen maar te zeggen: "mens, sterf en word weer levend. Maan, sterf en blijf dood." De Masaï krijger onthield dat. Toen ging er iemand dood. Het was alleen een vijand van de Masaï krijger. De Masaï krijger zei: "maan, sterf en word weer levend. Mens, sterf en blijf dood." De mens ging dood en kwam nooit meer terug. De maan kwam elke nacht weer terug. Toen ging een van de krijger zijn eigen zonen dood. Toen zei hij: "mens, sterf en word weer levend. Maan, sterf en blijf dood." Toen kwam Engaï. Hij zei: "je hebt je kans gehad. Toen de vorige persoon dood ging, zei je dit niet. Je kunt niet meer terug." Zo komt het dat mensen dood gaan en de maan elke nacht weer levend wordt.

Aanhalingsteken sluiten

Eten[bewerken]

Masaï eten bijna alleen maar vlees. Ze eten het vlees van koeien, geiten en schapen. Ze eten geen wilde dieren, vis of kip. Vroeger aten ze nauwelijks producten van de landbouw, zoals maïs. Nu eten ze 's ochtends pap van maïsmeel. Ze eten niet veel groente en fruit. Toch zijn ze gezond. In de droge tijd, als de koeien weinig melk geven, drinken ze ook wel eens bloed van koeien. Het "laten bloeden van een koe" doen ze volgens traditie. Ze zoeken een gezonde koe uit de kudde. Ze binden de hals af met een riem. Dan schiet de eigenaar van de koe met pijl en boog in de hals van het dier. Ze vangen het bloed op in een kalebas. Als er ongeveer een halve liter in zit knijpen ze de wond even dicht, om het bloeden te laten stoppen en dan mag de koe weer bij de kudde. Een koe heeft er geen last van als deze een halve liter bloed verliest. Ze letten er wel op dat die koe niet nog een keer hoeft te bloeden in ongeveer vier weken. Ze doen melk bij het bloed en drinken het op. Masaï houden van zoete dingen. Zoete thee betekent: welkom, en: het gaat mij goed. De melk lengen ze aan met de urine van koeien om verzuring door slechte bacteriën tegen te gaan. Ze verzamelen ook honing van grondbijen. Die zijn veel kleiner dan gewone bijen en ze steken niet. Hun honing zit ongeveer een meter diep in de grond. De honing wordt heel voorzichtig door de mannen opgegraven.

Sieraden en kleding[bewerken]

De Masaï dragen als kleding één tot twee doeken (shuka), die ze over hun schouders knopen, en meestal een riem. Dichter bij de steden wordt (daarbij tegenwoordig) ook wel een (korte) broek gedragen, als aanpassing aan de stedelijke kleding. Over hun schouders dragen ze een grote doek die ze een kanga noemen en die hen overdag beschermt tegen de zon en 's ochtends en 's avonds tegen de kou. De Masaï dragen over het algemeen rode kleding, omdat die kleur voor hen het leven en bloed symboliseert. Bovendien zou rood wilde dieren afschrikken.

De Masaï houden ook van versieringen. Zowel mannen als vrouwen dragen oorbellen in hun oorlel en aan de bovenkant van hun oor. Soms rekken ze de oren uit door gewichten aan de oorbellen te hangen. Naarmate er meer gewicht aan komt te hangen, worden de oorlellen steeds langer. Een andere gewoonte is het uittrekken van de twee voorste ondertanden. Dit heeft geen esthetische waarde, maar het wordt gebruikt bij ziekte, de zieke persoon hoeft dan namelijk niet meer de mond te openen om gevoed te worden. Dit is voornamelijk het geval bij tetanus, waarbij de onderkaak niet meer kan bewegen. De Masaï dragen veel kettingen, die gemaakt zijn van kleine kraaltjes waarvan de kleur een bepaalde betekenis heeft. Zo is aan de sieraden te zien of de persoon in kwestie getrouwd is. Ze dragen armbanden en ook enkelbandjes.

Kinderen[bewerken]

Kinderen bij de Masaï blijven tot ze ongeveer zes jaar zijn bij hun moeder. Daarna gaan ze naar een soort school. Als de kinderen ouder worden gaan ze lopend of met de schoolbus naar school. Maar het is vaak heel ver, en niet erg makkelijk om er te komen. Tegenwoordig hebben ook heel veel Masai stammen een eigen school in hun kamp. Toch gaan vele Masaï kinderen nog steeds niet naar school omdat ze de kudde moeten hoeden.

Een besnijdenis is een belangrijk onderdeel in het leven van een Masaï. Het betekent volwassen worden. Er is een groot verschil voor jongens en meisjes in hun leven na de besnijdenis. Jongens worden veel vrijer, maar meisjes juist veel minder. Meestal trouwen de meisjes niet zo lang na de besnijdenis, wat nu in Kenia verboden is. Er wordt bij de meeste jonge vrouwen nog symbolisch besneden. Bijna altijd trouwen ze een veel oudere man, omdat ze daaraan worden uitgehuwelijkt door hun ouders. Die voor haar een bruidsschat krijgen. (tien tot vijftien jaar ouder) Krijgen kinderen en moeten dan voor een huishouden zorgen. De krijgers moeten trouwen met de vrouw die hun ouders voor hem hebben uitgezocht. En mogen, nadat ze hiermee getrouwd zijn en de bruidsschat betaald hebben, ook met andere vrouwen trouwen. Ze mogen meerdere vrouwen trouwen, vooropgesteld dat ze niet een oudere vrouw trouwen. Iemand van hun eigen leeftijdsgroep, of jonger mag wel.

Dorpen en huizen[bewerken]

Masaï wonen in een dorp dat ze "boma" noemen. Om het dorp heen staat een schutting van doorntakken om de wilde dieren op afstand te houden. In de kraal staan hun huizen en een plek voor het vee. Hun huizen zijn gemaakt van gevlochten takken, waarvan de gaten zijn opgevuld met mest en modder. De huizen zijn ongeveer 15 vierkante meter groot (3m x 5m). Er zijn vier gedeeltes:

  • slaapkamer voor de man
  • slaapkamer voor de vrouw en kleine kinderen
  • soort huiskamer met vuur
  • iets grotere kamer als stal voor hun vee

De vrouw en de kinderen slapen samen op een koeienhuid. Bij speciale gelegenheden slapen de man en de vrouw samen. Op het vuur koken ze eten. 's Nachts komt het vee in huis, zodat er niks mee kan gebeuren. Het vee heeft de grootste kamer.[bron?]

Een kamp voor de krijgers (ook morani genoemd) wordt "manyatta" genoemd.

Onderwijs[bewerken]

De kinderen van de Masaï gaan naar school. De eerste levensjaren blijven de kinderen bij de moeder. Op een leeftijd van 6 gaan ze naar een school die bij de betreffende stam hoort. Daar leren ze het alfabet, en de basis van het rekenen. Als de kinderen ouder worden gaan ze wandelend of met een schoolbus naar school. Afstanden zijn vaak groot en moeilijk te overbruggen.

Het kind van de medicijnman wordt opgeleid tot medicijnman en kan de taak van zijn vader overnemen.

Ontbijtkoek[bewerken]

Beelden van Masaï die het springritueel uitvoeren dat geldt als initiatie van Masaï-jongens, werden in 2004 gebruikt in een reclamespot voor ontbijtkoek van Peijnenburg. Toen vertegenwoordigers van de Masaï in juni 2005 te Den Haag een congres van de Verenigde Naties bijwoonden, zagen ze de spot voor het eerst. Delegatieleider Joseph Ole Simel voelde zich gekwetst en kondigde juridische stappen tegen de koekfabrikant aan. De Masaï eisten excuses van de fabrikant en riepen het Nederlandse volk op tot een boycot.