Navel (zaad)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Ogen op bonen

De navel of het hilum is een litteken dat achterblijft in van een zaad op de plaats waar het aan de zaadlijst heeft vastgezeten. Bij bonen wordt het hilum ook wel het 'oog' genoemd. De vorm, grootte, plaats en kleur van het hilum zijn belangrijke elementen voor het determineren van zaad.[1]

In sommige zaden loopt er een rand rond het hilum.[1] Ook kan er een korte richel (de 'raphe') van het hilum vandaan lopen, die gevormd wordt doordat de zaadstengel plaatselijk met de zaadhuid vergroeid is.[2] De kiemopening bevindt zich meestal dichtbij het hilum.

Bij sommige planten (bijvoorbeeld witte klaver, rode klaver en boomlupine) kan het hilum onder bepaalde omstandigheden vocht doorlaten, en zo bijdragen aan de vochtregulering in het zaad.[3]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. a b Martin, A.; Barkley, W. (1961) Seed Identification Manual. Berkeley: University of California Press
  2. Seed and fruit (plant reproductive part), Encyclopædia Britannica
  3. Hyde, E.O.C. (1954) "The Function of the Hilum in Some Papilionaceae in Relation to the Ripening of the Seed and the Permeability of the Testa" Annals of Botany 18(2), 241–256