Nederlandse Bellamy Partij

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Nederlandse Bellamy Partij was een Nederlandse politieke partij die de ideologie van de Amerikaanse utopist Edward Bellamy in de praktijk wilde brengen. De partij werd opgericht te Groningen op 30 mei 1945. De NBP nam deel aan de Tweede Kamerverkiezingen van 1946, maar haalde geen zetel. In april 1947 verliet een aantal prominente leden de partij om zich aan te sluiten bij de Vooruitstrevende Partij voor de Wereldregering. De NBP werd kort daarna opgeheven.[1]

Edward Bellamy[bewerken]

Edward Bellamy

Tijdens haar kortstondige bestaan heeft de Bellamypartij (Nederlandse Bellamy Partij (NBP)) getracht om op basis van de denkbeelden van de Amerikaanse utopist Edward Bellamy politiek te bedrijven. Bellamy had aan het eind van de negentiende eeuw in boeken als Looking backward: 2000-1887 en Equality een maatschappij voorgespiegeld waar de absolute gelijkheid heerste, die Jezus reeds voor ogen zou hebben gehad. Ieder zou in gelijke mate in de welvaart delen, het geld zou zijn afgeschaft en het volk zou beslissen over de leiding van een land. Evenals bij het marxisme was deze nieuwe maatschappij het onafwendbare eindpunt van de geschiedenis, maar in tegenstelling tot Karl Marx geloofde Bellamy dat dit eindpunt niet door middel van klassenstrijd maar door samenwerking tussen de klassen werd bereikt.

Internationale Vereniging Bellamy[bewerken]

De ideeën van Bellamy vonden vooral in de middenklassen gretig aftrek. In Nederland ontstond de eerste Bellamy-beweging in 1927 in Rotterdam, vijf jaar later gevolgd door de oprichting van de Internationale Vereniging Bellamy (IVB). De beweging, die zich de verspreiding en verwezenlijking van Bellamy's idealen ten doel stelde, telde eind jaren dertig reeds zo’n 10.000 leden. Van partijpolitiek hield de IVB zich volledig afzijdig. Deze opstelling ondervond echter nog voor de Duitse inval reeds weerstand bij een klein deel van de aanhang.

Oprichting NBP[bewerken]

Gedurende de Tweede Wereldoorlog, toen de IVB op last van de Duitse bezetter was opgeheven, ontstond bij enige leden het plan om na de oorlog niet langer slechts propaganda voor het Bellamy-ideaal te maken, maar om daadwerkelijk door deelname aan verkiezingen invloed te verkrijgen binnen de Nederlandse politiek. Daartoe werd op 30 mei 1945, luttele weken na de Duitse capitulatie, door zes IVB-leden in Groningen de Nederlandse Bellamy-Partij (NBP) opgericht. Voorzitter van de partij werd J. Derksen Staats. Het doel van de partij was, zoals het in een kort daarna gepubliceerd manifest heette, ‘de Bellamy-economie in de praktijk te brengen, op basis van volstrekte naastenliefde’.

De IVB, die kort na de NBP werd heropgericht, wees het optreden van de NBP af en koos wederom voor een neutrale houding. In april 1946 kwamen beide groepen overeen elkaar niet in de wielen te rijden; een overeenkomst die echter niet lang standhield. Met L.B. van den Muyzenberg als lijsttrekker nam de NBP op 17 mei 1946 deel aan de verkiezingen voor de Tweede Kamer. Het lukte de NBP slechts om in zes van de achttien kieskringen een kandidatenlijst in te dienen. In de kieskringen waar de partij meedong om de kiezersgunst, hield zij een beperkte verkiezingscampagne. In een urgentieprogramma eiste de partij onder meer ‘geleidelijke doch consequente socialisatie der productiemiddelen’ en ‘erkenning van het zelfbeschikkingsrecht van de volkeren der overzeesche gebiedsdeelen’.

Verkiezingen en einde[bewerken]

De inspanningen leverde de partij geen enkele zetel op. Met 11.205 stemmen (0.23 %) bleef de NBP ruim onder de kiesdrempel. Bijna de helft van de stemmers was afkomstig uit Rotterdam en Den Haag.

Na de Tweede-Kamerverkiezingen heeft de NBP weinig zichtbare activiteiten meer ontplooid. In april 1947 sloot Van den Muijzenberg zich met het grootste deel van de NBP aan bij de kort daarvoor opgerichte Vooruitstrevende Partij voor de Wereldregering (Oude SDAP/Vooruitstrevende Partij voor de Wereldregering). De NBP was daarmee feitelijk opgehouden te bestaan.

Bronnen[bewerken]

  1. Instituut voor Nederlandse Geschiedenis