Olympische vlag

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Olympische ringen

De olympische vlag werd officieel door het Internationaal Olympisch Comité ingevoerd in 1914. De vlag was eigenlijk ontworpen voor de Spelen van 1916 in Parijs, maar omdat deze vanwege de Eerste Wereldoorlog niet plaatsvond, werd de vlag pas zes jaar later voor het eerst gehesen, tijdens de Olympische Zomerspelen 1920 in Antwerpen.

De vlag is ontworpen door Pierre de Coubertin; het is een witte vlag met daarop het in 1912 door hem ontworpen symbool van vijf in elkaar grijpende ringen van verschillende kleuren (blauw, zwart, rood, geel en groen). De vijf ringen symboliseren de vijf werelddelen en passie, vertrouwen, overwinning, ethiek en sportiviteit. De kleuren zelf zijn geen symbool voor een werelddeel; ze zijn gekozen omdat elke vlag van een land minstens één van deze zes kleuren (wit inbegrepen) bevat.

De meeste van de oorspronkelijke vlaggen uit 1920 waren na het evenement spoorloos verdwenen. Een daarvan dook ineens weer op in 1997. De Amerikaanse schoonspringer Hal Haig Prieste gaf de vlag drie jaar later officieel terug tijdens de 111e vergadering van het IOC in Sydney. Prieste, toen 103 jaar oud, biechtte op dat hij destijds in de mast was geklommen en de vlag had gestolen, opgejut door een weddenschap met landgenoot en Olympisch zwemkampioen Duke Kanahamoku. De politie had Prieste weliswaar betrapt bij zijn actie, maar Prieste liep te snel voor de Antwerpse agenten.[1] De stad Antwerpen had direct interesse in de vlag, en wilde hem als lokaal Olympisch erfgoed een ereplaats in de stad geven.[2] Via het Olympisch museum in Lausanne kwam de vlag in 2004 terug naar Antwerpen. In 2013, het jaar dat Antwerpen de titel Europese Sporthoofdstad droeg, was de Olympische vlag van 1920 in de entreehal van het stadhuis van Antwerpen te bewonderen.[3]

Bronnen, noten en/of referenties